| Plan: | Steendalerstraat 56 Gennep |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0907.TI22FSteend56GNP-VA01 |
Preambule
Relatie met Omgevingsplan gemeente Gennep
Dit TAM-omgevingsplan is gericht op het faciliteren van een gebiedsontwikkeling op de locatie Steendalerstraat 56 te Gennep en is als een nieuw hoofdstuk (hoofdstuk 22f) opgenomen in het omgevingsplan van de gemeente Gennep. Dit hoofdstuk is bekend gemaakt en digitaal beschikbaar gesteld met de landelijke voorziening, bedoeld in artikel 1.2.1, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening. Het is met deze landelijke voorziening niet mogelijk dit hoofdstuk conform de juridische vormgeving van het omgevingsplan in STOP-TPOD beschikbaar te stellen.
Leeswijzer regels
De in dit op https://www.ruimtelijkeplannen.nl uitgegeven deel van het omgevingsplan (hierna: dit deel)
moet als volgt worden gelezen:
In aanvulling op artikel 22.23 van dit omgevingsplan wordt bij het bouwen van bouwwerken op de volgende wijze gemeten:
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Aan de regels in dit Hoofdstuk 22f wordt voldaan door degene die de activiteit verricht, tenzij anders is bepaald. Diegene draagt zorg voor de naleving van de regels over de activiteit.
Met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties is het verboden zonder omgevingsvergunning gronden of bouwwerken te gebruiken anders dan overeenkomstig de aan die locatie toegedeelde functies.
Deze paragraaf is van toepassing op het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van wonen op de op de verbeelding voor Wonen aangewezen locaties.
De regels die in dit Hoofdstuk 22f zijn gesteld voor de voor Wonen aangewezen locaties zijn, met het oog op de doelen van artikel 1.3 van de Omgevingswet, gericht op:
Op de voor Wonen aangewezen locaties is het uitsluitend toegestaan gronden en bouwwerken te gebruiken voor wonen in een woonruimte en de daarbij behorende tuinen, erven, parkeervoorzieningen, ontsluitingswegen, waterhuishoudkundige voorzieningen, verhardingen en groenvoorzieningen en uitsluitend overeenkomstig dit artikel 7.
Het gebruik van gronden en gebouwen voor wonen op een voor Wonen aangewezen locatie als bedoeld in artikel 7.3 is toegestaan onder de volgende voorwaarden:
Het gebruik van gronden en gebouwen op een voor Wonen aangewezen locatie als bedoeld in artikel 7.3 voor een aan huis verbonden beroep is toegestaan onder de volgende voorwaarden:
| Woonsegment | Minimum aantal |
| Sociale huurwoningen | 6 |
Het is verboden zonder omgevingsvergunning op een voor Wonen aangewezen locatie om het woonsegment van een woning zodanig te wijzigen dat niet langer wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 7.8, eerste lid.
Het college verleent de omgevingsvergunning zoals bedoeld in artikel 7.9, uitsluitend voor zover verlening niet in strijd is met de Woon(zorg)visie van de gemeente Gennep, of met de opvolger hiervan.
Deze paragraaf gaat over het bouwen van bouwwerken op een voor Wonen aangewezen locatie.
Een bouwwerk mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van het op grond van Paragraaf 22f.2 ter plaatse toegelaten gebruik voor Wonen.
Uitsluitend de volgende bouwwerken mogen worden gebouwd op een voor Wonen aangewezen locatie:
In aanvulling op artikel 22.39 van dit omgevingsplan is voor het in stand houden van een bestaand bouwwerk geen omgevingsvergunning vereist, mits het een feitelijk bestaand bouwwerk betreft dat is gebouwd:
Voor zover op een locatie op grond van deze paragraaf (paragraaf 22f.3) gebouwen mogen worden gebouwd, mogen gebouwen tevens ondergronds worden gebouwd tot een verticale bouwdiepte van maximaal 4 meter.
De aanvraagvereisten als opgenomen in artikel 22.34 van dit omgevingsplan zijn van overeenkomstige toepassing op een aanvraag om een omgevingsvergunning op basis van deze paragraaf 22f.3.
In afwijking van artikel 22.25 van dit omgevingsplan is het verboden zonder omgevingsvergunning een hoofdgebouw voor een woonfunctie te bouwen, uit te breiden of te veranderen op een voor Wonen aangewezen locatie.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 9.2 wordt alleen verleend indien:
Artikel 22.28 sub c, 22.29 en 22.30 van dit omgevingsplan zijn van overeenkomstige toepassing.
Dit artikel gaat over het bouwen, uitbreiden of veranderen van een bijgebouw of een ander bouwwerk met een dak op een voor Wonen aangewezen locatie.
In afwijking van artikel 22.25 van dit omgevingsplan is het verboden zonder omgevingsvergunning een bijgebouw of een ander bouwwerk met een dak te bouwen, uit te breiden of te veranderen op een voor Wonen aangewezen locatie.
Dit artikel gaat over het bouwen, uitbreiden of veranderen van een bouwwerk zonder dak op een voor Wonen aangewezen locatie.
Het is verboden zonder omgevingsvergunning een bouwwerk zonder een dak te bouwen, uit te breiden of te veranderen op een voor Wonen aangewezen locatie.
De vergunningplicht als bedoeld in artikel 11.2 is niet van toepassing voor een erf- of perceelsafscheiding die voldoet aan de volgende voorwaarden:
Indien in het kader van een vergunningplicht als opgenomen in dit Hoofdstuk 22f dient te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid, dient de betreffende parkeervoorziening als aangegeven in de aanvraag en vervolgens is vergund na de aanleg duurzaam in stand te worden gehouden.
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - inrichtingsplan' wordt een gebouw voor een woonfunctie niet eerder in gebruik genomen dan nadat het inrichtingsplan is gerealiseerd overeenkomstig de wijze zoals aangegeven in Bijlage 1.
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - inrichtingsplan' wordt het inrichtingsplan in stand gehouden overeenkomstig de wijze zoals aangegeven in Bijlage 1.
Dit artikel gaat over het uitvoeren van de volgende activiteiten op een voor Waarde - Archeologie 4 aangewezen locatie:
De regels die in dit Hoofdstuk 22f zijn gesteld voor de voor Waarde - Archeologie 4 aangewezen locaties zijn, met het oog op de doelen van artikel 1.3 van de Omgevingswet, gericht op:
Het is verboden zonder omgevingsvergunning op de voor Waarde - Archeologie 4 aangewezen locaties een of meer van de volgende activiteiten uit te voeren:
De vergunningplicht als bedoeld in artikel 15.3 is niet van toepassing voor werkzaamheden:
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 15.3 wordt alleen verleend indien door het uitvoeren van de aangevraagde activiteit, dan wel door de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen, geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de mogelijkheid van een adequaat beheer van de leiding en geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het beschermen van de archeologische waarden, aan te tonen door een door de aanvrager te overleggen rapport waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld waarbij aan de vergunning de volgende voorschirten kunnen worden verbonden:
De aanvraagvereisten als opgenomen in artikel 22.284 van dit omgevingsplan zijn van overeenkomstige toepassing op een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 15.3.