| Plan: | Facetplan geluidszone gezoneerd industrieterrein Heesch West (gemeente Oss) |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0828.BPgldsplnheeschwst-VG02 |
Respectievelijk eind januari en begin februari 2022 is door de gemeenteraden van de gemeenten Bernheze, Oss en 's-Hertogenbosch het bestemmingsplan 'Facetplan geluidszone gezoneerd industrieterrein Heesch West' vastgesteld. Dit facetplan heeft een directe relatie met het bestemmingsplan 'Heesch West' dat eveneens eind januari en begin februari 2022 is vastgesteld. Tegen beide vastgestelde bestemmingsplannen is beroep ingesteld. Naar aanleiding van de ingediende beroepschriften en het advies van de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak (STAB) zijn de bestemmingsplannen op onderdelen aangepast. Voor u ligt het aangepaste facetplan, ofwel het herstelbesluit 'Facetplan geluidszone gezoneerd industrieterrein Heesch West'. Waar in deze toelichting wordt gesproken over het vastgestelde plan, wordt het oorspronkelijk vastgestelde plan uit 2022 bedoeld.
Met het herstelbesluit heeft de raad het plan gedeeltelijk gewijzigd vastgesteld. De wijzigingen zijn opgenomen in het herstelbesluit van respectievelijk 6 mei 2025 ('s-Hertogenbosch) en 8 mei 2025 (datum Bernheze), zoals beschreven in hoofdstuk 15 van de toelichting van het bestemmingsplan “Heesch West” en in hoofdstuk 2 van deze toelichting bij het facetplan.
Op het herstelbesluit is – op grond van het overgangsrecht van de Invoeringswet Omgevingswet – het oude recht (zoals dat gold voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet) van toepassing.
Op basis van hoofdstuk V van de Wet geluidhinder (Wgh) dient rondom een industrieterrein, waarop bepaalde typen lawaaiproducerende bedrijven kunnen worden gevestigd, een geluidzone te worden vastgesteld. Deze bedrijven zijn aangewezen in bijlage 1, onderdeel D van het Besluit omgevingsrecht (Bor) en worden in de volksmond 'grote lawaaimakers' genoemd. De geluidszone vormt een bufferzone tussen de bedrijven op het industrieterrein en de geluidsgevoelige bestemmingen in de omgeving. Buiten deze zone mag de geluidsbelasting vanwege alle bedrijven op het industrieterrein tezamen niet hoger zijn dan 50 dB(A) etmaalwaarde. Binnen de zone gelden beperkingen voor geluidgevoelige bestemmingen.
Het industrieterrein "Heesch West" is een gezoneerd industrieterrein en wordt op grond van de Wet geluidhinder voorzien van een geluidszone. Het gezoneerde terrein (met de bestemming 'Bedrijventerrein') is mogelijk gemaakt in het bestemmingsplan "Heesch West" van de gemeentes 's-Hertogenbosch en Bernheze. De invulling qua geluidruimte op deze bedrijfskavels wordt echter mogelijk gemaakt met het voorliggende facetbestemmingsplan. Vanuit het bestemmingsplan "Heesch West" is een (juridische) verwijzing gemaakt naar het facetbestemmingsplan. De zone rondom Heesch West ligt niet alleen in de gemeenten 's-Hertogenbosch en Bernheze, maar ook in Oss.
Ook de zone rondom het industrieterrein wordt via het voorliggende facetbestemmingsplan geregeld, en in juridische zin vastgesteld. Gesproken wordt van een 'facet'-bestemmingsplan, omdat het plan zich slechts op één facet richt: namelijk industrielawaai. Binnen de geluidszone, maar buiten het industrieterrein, zijn diverse bestaande woningen gelegen.
Overigens wordt in dit facetbestemmingsplan overal gesproken van 'geluidszone', dus met een 'tussen-s', in analogie met de Wet geluidhinder. De Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) schrijft echter de naamgeving 'geluidzone - industrie' - dus zonder 'tussen-s' voor. Uiteraard wordt dezelfde zone bedoeld.
Het plangebied waarop dit facetbestemmingsplan betrekking heeft, is het gebied van en rondom het (nieuwe) gezoneerde industrieterrein "Heesch West", bepaald door de berekende geluidswaarden. Afbeelding 1.1. geeft de ligging van het gezoneerde industrieterren en de bijbehorende geluidszone weer, oftewel de begrenzing van het onderhavige facetbestemmingsplan.
Omdat een bestemmingsplan door een gemeenteraad alleen voor het eigen grondgebied kan worden vastgesteld, is de verbeelding van het bestemmingsplan geknipt in drie verschillende deelgebieden (één voor iedere afzonderlijke gemeente). De toelichting en de regels (m.u.v. de specifieke plangegevens zoals de IDN-code) blijven, voor de duidelijkheid, voor alle drie de verschillende bestemmingsplannen gelijk, hoewel in Oss de inhoudelijke regeling voor de geluidverdeling dus geen rechtskracht heeft, omdat daar het gezoneerde industrieterrein zelf niet voorkomt.
Voor de overzichtelijkheid is een afbeelding van de totale verbeelding, oftewel een samenstelling van de drie afzonderlijke bestemmingsplanverbeeldingen, opgenomen als Bijlage 1 bij deze toelichting.
Afbeelding 1.1.: ligging gezoneerd industrieterrein "Heesch West" (grijze arcering) en bijbehorende geluidszone (oranje arcering). Deze kaart is ook opgenomen als bijlage 1 bij deze toelichting.
Dit facetbestemmingsplan vult de onderliggende bestemmingsplannen en besluiten aan voor wat betreft het onderdeel industrielawaai:
| Naam voorgaand plan of besluit | Gemeente | Vaststelling | |
| Bestemmingsplan "Buitengebied Maasdonk, herziening Sassendreef 16A te Geffen" | Gemeente Maasdonk, nu 's-Hertogenbosch | 1 augustus 2011 | |
| Bestemmingsplan "Buitengebied Maasdonk 2012" | Gemeente Maasdonk, nu 's-Hertogenbosch | 30 september 2014 | |
| Bestemmingsplan "Buitengebied Bernheze" | Gemeente Bernheze | onherroepelijk 8 oktober 2014 | |
| Bestemmingsplan "Buitengebied Oss - 2020" | Gemeente Oss | 16 april 2020 | |
| Parapluplan "Geitenhouderijen Oss - 2019" | Gemeente Oss | 5 maart 2020 | |
| Bestemmingsplan "Vrijkomende Agrarische bebouwing Bernheze 2018' | Gemeente Bernheze | 3 december 2018 | |
| Bestemmingsplan "BPL Teeltondersteunende voorzieningen gemeente Bernheze" | Gemeente Bernheze | 13 december 2018 | |
| Omgevingsvergunning "Zonnepark Achterste Groes" | Gemeente Bernheze | 18 november 2019 | |
| Bestemmingsplan "Heesch West" en herstelbesluit | Gemeente Bernheze | 27 januari 2022 respectievelijk 8 mei 2025 | |
| Bestemmingsplan "Heesch West" en herstelbesluit | Gemeente 's-Hertogenbosch | 1 februari 2022 respectievelijk 6 mei 2025 | |
Diverse vigerende bestemmingsplannen en andere ruimtelijke besluiten staan toe, dat nieuwe geluidgevoelige objecten binnen de geluidszone kunnen worden gebouwd of dat bestaande geluidsgevoelige objecten kunnen worden uitgebreid in de richting van het industrieterrein. Dit zou een belemmerende invloed kunnen hebben op de bedrijfsvoering van de aanwezige bedrijven of toekomstige bedrijven, doordat de geluidsruimte wordt aangetast. Om dit te voorkomen is in dit facetbestemmingsplan een regeling opgenomen. Aan de geluidszone is een gebiedsaanduiding "Geluidzone - industrie" gegeven. De buitenste grens van de geluidszone van Heesch West wordt bepaald door de ligging van de berekende 50 dB(A) contour (etmaalwaarde). Met andere woorden, buiten deze zone mag de 50 dB(A) etmaalwaarde niet worden overschreden door geluid van bedrijven op het industrieterrein.
Het bestemmingsplan "Heesch West", waarmee de bedrijven op het bedrijventerrein mogelijk worden gemaakt, staat ook in het rijtje. De nadere invulling van de bestemming 'Bedrijventerrein' die in dat plan is toegekend aan de gronden, voor wat betreft het aspect industrielawaai, wordt geregeld met het voorliggende facetbestemmingsplan.
Na dit inleidende hoofdstuk wordt in Hoofdstuk 2 Gezoneerd industrieterrein nader ingegaan op de inhoudelijke aspecten van de geluidzone. In Hoofdstuk 3 Juridische aspecten wordt vervolgens de juridisch-planologische regeling nader toegelicht. Daarna wordt in Hoofdstuk 4 Economische uitvoerbaarheid op de economische uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan ingegaan en tot slot in Hoofdstuk 5 Maatschappelijke uitvoerbaarheid en procedure op de maatschappelijke uitvoerbaarheid. In hoofdstuk 2 en hoofdstuk 5 van deze toelichting wordt telkens ook ingegaan op het herstelbesluit en de daarmee doorgevoerde wijzigingen.
De zonering van industrielawaai is vastgelegd in hoofdstuk V "Zones rond industrieterreinen" van de Wet geluidhinder (Wgh) en hoofdstuk 2 van het Besluit Geluidhinder. De grootte van de zone is niet vastgelegd in de Wgh of een daaraan gekoppeld besluit. Een zone wordt in een bestemmingsplan gelegd rond een industrieterrein, waar volgens dat bestemmingsplan de vestiging van inrichtingen als bedoeld in artikel 2.1. derde lid van het Besluit omgevingsrecht (Bor) en bijlage I onderdeel D van het Bor mogelijk is ('grote lawaaimakers'). De nadere invulling c.q. de verdeling van geluid binnen de bedrijfsbestemmingen kan, indien gewenst, planologisch worden geregeld zodat wordt voorkomen dat één bedrijf alle beschikbare geluidruimte benut.
De grootte van de zone is afhankelijk van de benodigde of gewenste geluidsruimte van het gezoneerde industrieterrein. In het bestemmingsplan moet de zone (die niet kleiner mag zijn dan de 50 dB(A)-contour etmaalwaarde) worden vastgelegd.
Binnen de zone rond een industrieterrein kunnen echter wel geluidsgevoelige bestemmingen liggen. De hoogte van de maximaal toelaatbare geluidsbelasting op deze bestemmingen is onder andere afhankelijk van de aard van de geluidsgevoelige bestemming en of het gaat om nieuwbouw dan wel bestaande bouw.
Bij omgevingsvergunningverlening aan bedrijven op het industrieterrein wordt de aangevraagde geluidsbelasting van de desbetreffende inrichting en de al bestaande geluidsbelasting van de andere bedrijven, getoetst aan de zone (in het bestemmingsplan vastgesteld) en aan de vastgestelde hogere waarden bij geluidgevoelige objecten, zoals woningen.
Zonering van industrielawaai in het kader van de Wet geluidhinder is het ruimtelijk scheiden van industrieterreinen waarop (grote) lawaaimakers zijn gevestigd enerzijds en woningen en andere geluidsgevoelige bestemmingen anderzijds.
Met zonering wordt beoogd rechtszekerheid te bieden aan zowel bedrijven als aan bewoners/gebruikers van woningen en andere geluidsgevoelige bestemmingen. Bedrijven kunnen aan de ene kant hun geluidsproducerende activiteiten niet onbeperkt uitbreiden ter bescherming van woningen en andere geluidsgevoelige bestemmingen binnen en buiten de zone. Aan de andere kant wordt, ter bescherming van hun akoestische ruimte, voorkomen dat woningen en andere geluidsgevoelige bestemmingen te dicht bij de bedrijven worden gerealiseerd.
In het kader van het MER, de Aanvulling MER en het bestemmingsplan "Heesch West" is, gebaseerd op het principe van inwaartse zonering, een akoestisch onderzoek uitgevoerd. Daarin is de ligging van de geluidzone bepaald. Tevens is in dat onderzoek bepaald, voor welke woningen hogere waarden als gevolg van het industrielawaai noodzakelijk zijn, en is de aanvaardbaarheid afgewogen. Voor de volledigheid is het akoestisch onderzoek, dat als bijlage is opgenomen bij het bestemmingsplan "Heesch West", ook bij dit facetbestemmingsplan opgenomen als Bijlage 2. In het kader van het herstelbesluit is een nieuw akoestisch onderzoek uitgevoerd. Dit nieuwe onderzoek is opgenomen als (nieuwe) Bijlage 4 bij deze toelichting.
Planaanpassingen vastgesteld bestemmingsplan
Tussen de ontwerp- en vaststellingsfase van het bestemmingsplan hebben nog diverse planaanpassingen plaatsgevonden. Dit is in paragraaf 1.1.5 van het bestemmingsplan "Heesch West" toegelicht. Op hoofdlijnen komt het erop neer dat, als gevolg van de ingediende zienswijzen en een parallel proces waarin het landschapsplan verder is uitgewerkt, de bedrijfsvlakken iets zijn opgeschoven: het zuidelijke vlak voor fase 2 van het bedrijventerrein is meer in noordelijke en in westelijke richting verschoven, zodat er meer (groene) ruimte wordt aangehouden tussen het bedrijventerrein en de omliggende woningen. Afbeelding 1.2. geeft dit weer.
Afbeelding 1.2.: planwijzigingen in het vastgestelde bestemmingsplan "Heesch West" ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan "Heesch West"
In een oplegnotitie is dit voor wat betreft de milieuaspecten geluid en lucht nader beschouwd. Deze oplegnotitie is als bijlage opgenomen bij het vastgestelde bestemmingsplan "Heesch West", maar is voor de duidelijkheid ook bij dit facetbestemmingsplan opgenomen als Bijlage 3.
Voor het aspect wegverkeerslawaai was het niet noodzakelijk opnieuw te rekenen omdat vast staat dat de veranderingen geen hogere geluidsbelastingen opleveren op de beschouwde geluidsgevoelige bestemmingen en gebieden in de omgeving van het plan. Deze conclusie kan worden getrokken omdat door de verandering van de ligging van de bedrijfsbestemmingen de ontsluitingswegen binnen Heesch West verder van de beschouwde geluidsgevoelige functies komen te liggen. Daarnaast veranderen de beoogde aansluitingen van Heesch West op de Bosschebaan niet en verandert ook de beoogde interne ontsluitingsstructuur op het bedrijventerrein niet qua opzet. Omdat ook de totale oppervlakte van de bedrijfsbestemming en daardoor de verkeersproductie niet groter wordt kunnen de resultaten van wegverkeerslawaai niet negatief worden beïnvloed door de genoemde veranderingen.
In het eerder uitgevoerde onderzoek van 21 mei 2021 is geconstateerd dat voor 22 woningen voor industrielawaai een hogere waarde moet worden vastgesteld. Uit de nieuwe berekeningsresultaten blijkt dat in de gewijzigde situatie op alle woningen binnen de zone voldaan wordt aan de (vast te stellen) hogere waarden en daarmee aan het uitgangspunt dat de hogere waarden ongewijzigd moeten blijven. Op alle woningen binnen de zone is sprake van een afname van de geluidbelasting, met uitzondering van de woning Rijksweg 24. Voor deze woning is sprake van een niet significante toename van 0,06 dB. Deze toename wordt met name veroorzaakt door het verschuiven van het zuidoostelijke bestemmingsvlak maar leidt niet tot een overschrijding van de (vast te stellen) hogere waarde van 51 dB(A) en is daarmee aanvaardbaar.
Voor de woningen buiten de zone geldt - ook in de gewijzigde situatie - dat de geluidbelasting op grond van de Wet geluidhinder niet meer dan 50 dB(A) mag bedragen en dit vanuit de Wet geluidhinder (of diens rechtsopvolger) ook in de toekomst geborgd is.
Om uit te sluiten dat buiten de zone ongewenst cumulatieve effecten optreden is de gewijzigde situatie ook buiten de zone doorgerekend. Hierbij is in lijn met het voorgaande onderzoek onderzocht of woningen aanwezig zijn waarbij sprake van een cumulatieve toename van meer dan 1,5 dB. Uit de berekeningsresultaten, zoals in Bijlage 2 opgenomen, blijkt dat er ten opzichte van de eerder onderzochte situatie geen woningen bijgekomen zijn waar sprake is van een toename van meer dan 1,5 dB.
Door het aanpassen van de bestemmingsvlakken was een aanpassing van de kaart met emissiebudgetten (Bijlage 1 bij de regels) noodzakelijk. De zone is, zoals hierboven ook al aangegeven, ongewijzigd gebleven.
Conclusie planaanpassingen vastgesteld bestemmingsplan
De in paragraaf 1.1.5 van het bestemmingsplan Heesch West beschreven aanpassing van het plan leidt niet tot wezenlijk andere geluideffecten op de omgeving. De verschuiving van fase 2 naar het noorden leidt niet tot toename van geluid ten noorden van Heesch West: dit is en blijft bepaald door het industrielawaai van fase 1 en het geluid van de snelweg. Wel zijn uiteraard de vlakken van het gezoneerde industrieterrein navenant meegeschoven. De zone is ongewijzigd gebleven.
Aanpassing van het plan leidt niet tot veranderingen in wegverkeerslawaai. Verkeersaantallen en afwikkeling veranderen niet ten opzichte van het plan in het ontwerpbestemmingsplan. Als gevolg van de verschuiving van fase 2 verschuift ook de interne ontsluitingsweg van fase 2 naar het noorden. Deze weg komt daarmee verder van de Zoggelsestraat af te liggen, wat leidt tot een geringe afname van wegverkeerslawaai op woningen ten zuiden van de Zoggelsestraat.
De geringe veranderingen in industrielawaai en geen veranderingen in wegverkeerslawaai leiden bij elkaar tot geen waarneembare veranderingen in het cumulatieve (gezamenlijke) geluid van industrie en verkeer samen. Wel is het zo dat inmiddels is besloten drie woningen niet langer te behouden: Koksteeg 22, 23 en 24. Deze woningen hadden een hogere waarde voor industrielawaai nodig, maar dat is niet langer nodig.
Planaanpassingen herstelbesluit bestemmingsplan
Na de vaststelling van het bestemmingsplan is, naar aanleiding van diverse beroepen en het STAB-advies, besloten om het bestemmingsplan aan te passen door middel van een herstelbesluit. Voor het plan “Heesch West” zijn de planaanpassingen uitgebreid beschreven in het (nieuwe) hoofdstuk 15 van de toelichting van dat bestemmingsplan. Relevant voor het facetplan geluid is dat een wijziging is doorgevoerd in de gehanteerde gebiedstypen: aan de oost- zuid- en westzijde van het plangebied wordt niet meer uitgegaan van 'gemengd gebied' maar van 'rustig buitengebied'. De nieuw gehanteerde richtafstanden en de daaruit volgende aanpassing van oppervlaktes milieucategorieën (geen categorie 5 meer, meer categorie 3) leidt tot minder industrielawaai door Heesch West. De (enigszins) veranderde verkeersintensiteiten leiden tot een (geringe) verandering in wegverkeerslawaai. Beide veranderingen zijn opnieuw doorgerekend in het nieuwe akoestisch onderzoek. Door deze aanpassingen is de geluidzone rondom het industrieterrein kleiner geworden. De nieuwe, kleinere zone wordt met het voorliggende herstelplan vastgelegd. Ook is de eerder opgenomen wijzigingsbevoegdheid uit artikel 3.1.2. – om de situering van de geluidszone te wijzigen – geschrapt. Ten slotte is de wijzigingsbevoegdheid uit artikel 3.2.3 veranderd, in die zin dat voorheen de begrenzing van het gezoneerde industrieterrein kon worden gewijzigd, terwijl nu alleen bijlage 1 Kaart emissiebudget kan worden gewijzigd. Deze doorgevoerde aanpassingen in wijzigingsbevoegdheden maken dat de ligging van het gezoneerde industrieterrein niet kan worden aangepast.
Besluit hogere waarden geluid
Het ontwerpbesluit hogere waarden, dat als bijlage is was opgenomen bij het ontwerpbestemmingsplan "Heesch West", heeft ter inzage gelegen. Een ieder kon daarop een zienswijze indienen. Er zijn diverse zienswijzen ingediend, waarvan verslag is gedaan in de Nota van Zienswijzen. Het besluit hogere waarden is daarna definitief vastgesteld en is voor de volledigheid ook opgenomen bij dit facetbestemmingsplan, als Bijlage 4.
Naar aanleiding van de gemaakte keuzes voor wat betreft de gehanteerde gebiedstypes en de navolgende kleinere geluidzone in het bestemmingsplan Heesch West (herstelbesluit), zijn de besluiten hogere waarden gewijzigd vastgesteld. In tabel 1 is een overzicht opgenomen van de hogere waarden, met daarbij het verschil tussen 2021 en 2025.
Door het vervallen van milieucategorie 5.1 is er sprake van minder geluidemissie van Heesch West. Hierdoor is de geluidzone ingekrompen, met als gevolg dat voor de meeste adressen een lage hogere waarde aan de orde is dan in 2021. Voor 4 woningen is in 2025 helemaal geen hogere waarde meer aan de orde. Het gaat om drie adressen aan de Zoggelsestraat en één aan de Koksteeg 25. In tabel 1 is bij de betreffende adressen 'n.v.t.' ingevuld.
Daarnaast is (door actualisatie van het bestemmingsplan 'Buitengebied Oss – 2020') voor een geprojecteerde woning naast het adres Sassendreef 18 een hogere waarde nodig. Dit adres is nieuw toegevoegd ten opzichte van de hogere waarden uit 2021. Voor deze woning geldt een hogere waarde van 51 dB(A).
Er wordt geconcludeerd dat in totaal voor 15 bestaande woningen en 1 geprojecteerde woning een hogere waarde nodig is tot maximaal 52 dB(A).
De gewijzigde besluiten hogere waarden zijn opgenomen als Bijlage 5 bij deze toelichting. Voor de volledigheid is de oude nota zienswijzen in Bijlage 6 opgenomen.
Tabel 1: Overzicht hogere waarden t.a.v. industrielawaai bedrijventerrein Heesch West
Omdat nog niet bekend is hoe de bedrijfspercelen op Heesch West precies uitgegeven gaan worden, is in het bestemmingsplan "Heesch West" - en in het verlengde daarvan in het akoestisch onderzoek - het principe van inwaartse zonering gehanteerd. Dat houdt in dat ten opzichte van de bestaande omliggende woningen, de richtafstanden (behorende bij het gebiedstype 'gemengd gebied') inwaarts zijn uitgezet en daarmee de maximale toegestane milieucategorie is bepaald. Deze vlakken met milieucategorieën zijn in het akoestisch onderzoek vertaald naar oppervlaktebronnen en deze vlakken hebben ten grondslag gelegen aan de geluidruimteverdeling.
Gekozen is voor het vastleggen van een basisemissie van geluid per vierkante meter (het emissiebudget), die de maximale invulling van de zone (ruimschoots) respecteert. Via een binnenplanse afwijkingsmogelijkheid kan een bedrijf op individueel niveau ook een hogere geluidemissie vergund krijgen, als dit aantoonbaar vanuit de bedrijfsvoering noodzakelijk is, de belangen van de omliggende percelen niet onevenredig worden geschaad, de beste beschikbare technieken worden toegepast en de grenswaarden uit de Wet geluidhinder in acht worden genomen (de zone en de verleende hogere waarden).
Het emissiebudget is vastgelegd in Bijlage 1 Kaart emissiebudget (bijlage bij de regels), waarin ook de verschillende waarden per beoordelingsperiode (dag, avond, nacht) zijn opgenomen. Deze kaart is in het kader van het herstelbesluit geactualiseerd, dat wil zeggen aangepast op de nieuwe, kleinere geluidzone. De wijze waarop de geluidemissie moet worden bepaald en getoetst aan het emissiebudget, is vastgelegd in Bijlage 2 Geluidverdeling Heesch West.
In overleg met de geluidspecialisten van de gemeente 's-Hertogenbosch en de Omgevingsdienst Brabant Noord is ervoor gekozen om op de emissiekaart met een beperkt aantal deelgebieden te werken, die meerdere milieucategorieën kunnen bevatten. Door met minder deelgebieden te werken kunnen het terrein en de zone eenvoudiger en doelmatiger beheerd en bewaakt worden. Bij deze vereenvoudiging is voor verschillende deelgebieden de geluidemissie verlaagd en/of uitgemiddeld ten opzichte van de milieucategorieën in het akoestisch onderzoek.
Omdat de concrete invulling en de verkaveling van het terrein nog niet bekend zijn, is gekozen om enigszins terughoudend te zijn met het vastleggen van emissiebudgetten. De vastgelegde emissiebudgetten zijn dan ook lager dan op basis van het akoestisch onderzoek mogelijk zou zijn. Hiermee wordt voorkomen dat onnodig veel geluidemissie wordt vastgelegd op locaties waar deze later niet nodig blijkt te zijn. Daarnaast wordt hiermee ruimte gecreëerd om door middel van de afwijkingsbevoegdheid extra geluidemissie toe te kennen aan bedrijven waarvoor dat noodzakelijk blijkt te zijn.
Met het vastleggen van emissiebudgetten is geborgd dat op elk deel van het terrein geluidruimte beschikbaar is en wordt voorkomen dat kavels niet kunnen worden uitgegeven omdat er geen geluidruimte meer beschikbaar is.
Bij het vastleggen van het emissiebudget zijn de zone en hogere waarden in acht genomen en bij het gebruik van de afwijkingsbevoegdheid moet getoetst worden of de zone en hogere waarden in acht worden genomen. Met deze toetsing wordt geborgd dat het geluid in de omgeving aanvaardbaar blijft.
Piekgeluiden
In diverse inspraakreacties is aangegeven dat alleen gesproken zou worden over gemiddelden en niet over piekwaarden. Ook wordt in diverse inspraakreacties het begrip piekbelasting genoemd. Het begrip "piekwaarde" of "piekbelasting" heeft akoestisch gezien meerdere betekenissen. Om recht te doen aan de inspraakreacties zullen deze verschillende betekenissen afzonderlijk toegelicht worden.
Voor wegverkeerslawaai en industrielawaai geldt dat de geluidoverdracht afhankelijk is van de meteorologische omstandigheden, zoals de windrichting en windsnelheid. In de praktijk zullen de geluidniveaus die door omwonenden van een weg of industrieterrein worden ervaren dan ook afhangen van deze omstandigheden. In de normstelling en de voorschreven berekeningsmethoden wordt rekening gehouden met deze meteorologische omstandigheden, doordat is voorschreven dat gerekend moet worden onder meewindcondities (worstcase), waarop vervolgens een beperkte meteocorrectieterm in rekening gebracht wordt die rekening houdt met de gemiddelde weersomstandigheden.
Naast fluctuatie in meteorologische omstandigheden kan sprake zijn van fluctuatie in het geluidniveau door discontinuïteit in de bedrijfsvoering. Om dit te ondervangen is allereerst een opsplitsing gemaakt in dag-, avond- en nachtperiode en worden deze afzonderlijk beoordeeld. Verder geldt dat voor industrielawaai uitgegaan wordt van de representatieve bedrijfssituatie. Dit betreft de "toestand waarbij de voor de geluidsproductie relevante omstandigheden kenmerkend zijn voor een bedrijfsvoering bij volledige capaciteit in de te beschouwen etmaalperiode", waarbij alle activiteiten die meer dan 12 maal per jaar voorkomen moeten worden meegerekend. In de praktijk zijn weinig bedrijven continu met volledige capaciteit in werking, terwijl hier bij vergunningverlening wel vanuit wordt gegaan. Voor industrielawaai wordt in de normstelling dan ook feitelijk uitgegaan van een bovengemiddelde situatie.
Naast een beoordelingsstelsel voor het gemiddelde geluidsniveau bestaat een separate beoordeling voor de optredende maximale geluidsniveaus, ofwel de piekgeluidniveaus. Het gaat hier om kortstondige geluidspieken die door een bepaalde activiteit veroorzaakt worden. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om het dichtslaan van een autoportier of laadklep, het afblazen van de remmen van een vrachtwagen, het slaan met een hamer of het storten van materiaal in een puinbreker. Bij een melding in het kader van het Activiteitenbesluit milieubeheer of bij het verlenen van een omgevingsvergunning milieu worden deze optredende geluidsniveaus separaat beoordeeld en afgewogen. Hierbij wordt opgemerkt dat deze pieken slechts kortstondig zijn en mogen zijn en in beginsel alleen voor de directe omgeving van het industrieterrein merkbaar zullen zijn. Voor bedrijven waar frequent pieken optreden, zoals bedrijven met een puinbreker, geldt dat deze medebepalend worden in het gemiddelde geluidniveau van het bedrijf. Om te voorkomen dat het gemiddelde geluidniveau wordt overschreden, zal een bedrijf veelal maatregelen moeten treffen die ook de optredende pieken zullen reduceren.
In het kader van het herstelbesluit is (naar aanleiding van het advies van de Stab) een regeling opgenomen die de maximale geluidniveaus van de bedrijven (Lamax) op de gevels van geluidgevoelige gebouwen regelt, zoals hieronder toegelicht.
Gelet op de toegekende milieucategorieën voor alle bedrijfspercelen binnen het plangebied geldt dat de richtafstanden tot de omliggende gevoelige bestemmingen wordt gerespecteerd. Dit komt omdat gewerkt is met een inwaartse zonering, waarin de grens van de bestemmingen van geluidsgevoelige objecten als uitgangspunt is genomen.
Dit betekent dat, uitgaande van de maximaal planologische invulling (inclusief mogelijkheden na afwijking en wijziging), de optredende maximale geluidsniveaus altijd zullen voldoen aan de van toepassing zijnde grenswaarden behorende bij de richtwaarden.
Verder geldt dat de toekomstige bedrijven moeten voldoen aan de geluidvoorschriften uit het Activiteitenbesluit of omgevingsvergunning (milieuvergunning) en dat hiermee de grenswaarden geborgd zijn. Indien hier in de praktijk niet aan voldaan wordt kan hierop gehandhaafd worden en kan het bedrijf gedwongen worden maatregelen te treffen. Omdat de geluidvoorschriften uit het Activiteitenbesluit in beginsel 5 dB ruimer zijn dan de waarden behorende bij het omgevingstype 'rustig buitengebied' zijn in het bestemmingsplan aanvullende regels met betrekking tot het maximale geluidsniveau opgenomen.
Cumulatief geluid
Naast de berekende geluidbelasting per bron, is ook het zogenaamde cumulatieve geluid, dit is het geluid gecombineerd van alle bronnen, relevant, want dit wordt daadwerkelijk ervaren door omwonenden. Voor cumulatief geluid bestaan echter geen wettelijke normen, maar wel gemeentelijk beleid (voor zover aanwezig) waarin getoetst wordt aan acceptabel woon- en leefklimaat en een goede ruimtelijke ordening: vanuit die criteria beschouwd, is de toename van cumulatief geluid acceptabel.
Realisatie van Heesch West zorgt voor een toename van de cumulatieve geluidsbelasting (paragraaf 6.3.3 van de Aanvulling MER). Geluid is niet nieuw in het gebied. In de huidige situatie ondervindt het gebied al geluid van de A59. Op veel van de woningen in de omgeving is de toename in cumulatieve geluidbelasting beperkt. Op 85 woningen in de omgeving neemt de cumulatieve geluidbelasting met 1,5 tot 3 dB toe, bij 7 woningen is sprake van een toename met meer dan 3 dB. Dit betreft woningen in de directe omgeving van Heesch West.
Van de 85 woningen met een toename van cumulatieve geluidbelasting > 1,5 dB, blijven er 65 woningen beneden de 50 dB, in Miedemaklasse “goed”. 17 van de 85 woningen hebben een cumulatieve geluidbelasting groter dan 50 dB (Miedemaklasse redelijk tot matig), waarvan 3 groter dan 55 dB (Miedemaklasse matig tot slecht).
Voor de woningen in de Miedema-klasses 'redelijk' en 'matig' wordt onderzocht of in de verblijfsruimten van de woningen aan de binnenwaarde van 33 dB kan worden voldaan. De waarde van 33 dB wordt als eis gesteld aan nieuwe woningen.
Voor een aantal woningen is een hogere waarde besluit aan de orde en/of is sprake van een toename van de geluidsbelasting van 1,5 dB of hoger door wegverkeer en/of een toename van de geluidsbelasting van 1,5 dB of hoger door de cumulatieve geluidsbelasting. Bij deze woningen wordt onderzocht of er mogelijk maatregelen nodig zijn om een passend binnenmilieu te borgen. Kosten van mogelijke maatregelen aan betreffende woningen om de mogelijk toename van geluidshinder te beheersen worden actief onderzocht. Als uit dit onderzoek blijkt dat de vereiste binnenwaarde niet wordt gehaald worden op kosten van de Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West aanvullende gevelmaatregelen getroffen (in overleg met bewoner).
Concluderend kan worden gesteld dat voor het aspect 'geluid' geen sprake is van een onaanvaardbaar woon- en leefklimaat.
Dit bestemmingsplan heeft de vorm van een ‘facetplan’. Dit betekent dat het gaat over slechts één onderwerp en dat het over andere bestemmingsplannen heen ligt.
De regels bestaan uit drie hoofdstukken:
Hierna wordt een korte toelichting gegeven op de in het voorliggende plan voorkomende artikelen.
Hoofdstuk 1 Inleidende regels
In dit hoofdstuk is, in Artikel 1 Begrippen, een aantal begrippen verklaard dat wordt gebruikt in de regels. Dit voorkomt dat er bij de uitvoering van het plan onduidelijkheden ontstaan over de uitleg van bepaalde regelingen. Logischerwijs gaat het met name om begrippen uit het milieuspoor.
Hoofdstuk 2 Algemene regels
In dit hoofdstuk wordt middels de aanduiding 'Geluidzone - industrie', de feitelijke geluidszone geregeld. Geregeld is dat buiten deze zone, de geluidsbelasting vanwege het industrieterrein, de waarde van 50 dB(A) etmaalwaarde niet te boven mag gaan. Nieuwe geluidgevoelige bebouwing is niet toegestaan. Hiervan kan worden afgeweken (waaronder zowel bouwen als gebruik wordt begrepen) als wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarden van de Wet geluidhinder, of wanneer wordt voldaan aan vastgestelde hogere waarden (inclusief de daarbij gestelde voorwaarden/maatregelen).
Vervolgens is in dit hoofdstuk, middels de aanduiding 'Overige zone - gezoneerd industrieterrein' de verdeling van geluid op de bedrijfspercelen geregeld. De bedrijfspercelen zijn van een bedrijfsbestemming voorzien in het bestemmingsplan "Heesch West", van waaruit juridisch wordt verwezen naar dit voorliggende facetplan. De regeling in dit artikel regelt de nadere onderverdeling van de geluidruimte op het industrieterrein. Daarbij wordt verwezen naar Bijlage 1 Kaart emissiebudget waarop per terreindeel het emissiebudget is aangegeven, en naar Bijlage 2 Geluidverdeling Heesch West (beide opgenomen als bijlagen bij de regels) waarin is aangegeven hoe de geluidemissie van een bedrijf moet worden bepaald en hoe moet worden getoetst aan het emissiebudget. Het emissiebudget is conservatief vastgelegd; als dit geheel ingevuld wordt is er nog ruimte op de zonegrens. Deze ruimte kan gecontroleerd extra worden uitgegeven middels afwijkingsvergunningen op individueel bedrijfsniveau.
Tot slot is in dit hoofdstuk aangegeven welke onderliggende bestemmingsplannen en besluiten voor wat betreft dit onderdeel worden herzien of aangevuld. Dat betreft dus ook het bestemmingsplan "Heesch West", waarop de bedrijven in planologisch opzicht mogelijk worden gemaakt.
Hoofdstuk 3 Overgangs- en slotregels
In het overgangsrecht (Artikel 5 Overgangsrecht) is een regeling opgenomen voor bebouwing en gebruik dat al bestond bij het opstellen van het plan, maar dat strijdig is met de opgenomen regeling. Onder bepaalde voorwaarden mag deze strijdige bebouwing en/of strijdig gebruik worden voortgezet of gewijzigd.
In de slotregel (Artikel 6 Slotregel) is de officiële naam van het plan bepaald. Onder deze naam kan het bestemmingsplan worden aangehaald.
Voor het verbeelden van de geometrisch bepaalde bestemmingen is een BGT-ondergrond gebruikt. Dit bestand is opgebouwd in coördinaten in het stelsel van de Rijksdriehoeksmeting, of kortweg Rijksdriehoekscoördinaten (ook wel: RD-coördinaten). Dit zijn de coördinaten die in Nederland worden gebruikt als grondslag voor onder meer geografische aanduidingen, waarbij de exacte locatie van een gebied wordt vastgelegd. In het plan is met behulp van lijnen, coderingen en arceringen aan gronden een bepaalde bestemming toegekend; in dit geval alleen de aanduidingen 'Geluidzone - industrie' en 'Overige zone - gezoneerd industrieterrein''. Op een afdruk van de geometrische plaatsbepaling, de verbeelding, zijn de aanduidingen naast elkaar zichtbaar.
Het Besluit ruimtelijke ordening schrijft voor dat de economische uitvoerbaarheid van een plan wordt aangetoond. Met deze thematische herziening wordt een geluidszone vanwege een industrieterrein ex artikel 40 Wgh vastgesteld, alsmede de interne geluidverdeling op het terrein. Hierbij ontstaan geen saneringssituaties. Voor een aantal woningen is een hogere waarde vastgesteld. Gezien het maatschappelijk belang van het realiseren van het bedrijventerrein wordt dit als acceptabel beoordeeld. Het plan is uitvoerbaar.
Het plan voorziet niet in een bouwplan als bedoeld in artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening. Het opstellen van een exploitatieplan is dan ook niet vereist en de economische uitvoerbaarheid is gewaarborgd.
Met het vaststellen van de geluidszone is de akoestische situatie rondom Heesch West van een passende juridisch-planologische grondslag voorzien. Hiermee is sprake van een rechtszekere situatie en een situatie waarbij voor elke bestaande woning inzichtelijk is hoe hoog de geluidbelasting ter plaatse mag bedragen.
In de bestaande situatie wordt het gebied met name gebruikt voor agrarische doeleinden, met incidentele, kleinschalige bedrijvigheid. Ook zijn er diverse, verspreid liggende woningen aanwezig. In de toekomst komt hier een bedrijventerrein waar ook ruimte wordt geboden aan 'grote lawaaimakers'. Dat er een toename is van (industrie)lawaai, is dus evident. In het akoestisch onderzoek, het MER incl. de aanvulling MER, en het bestemmingsplan Heesch West is uitgebreid aangegeven welke afwegingen er zijn gemaakt en is de conclusie getrokken dat sprake is van een aanvaardbare situatie. De hogere waarden voldoen aan de voorwaarden uit de Wet geluidhinder.
In het onderzoek uit 2019 (bij het voorontwerpbestemmingsplan) was voor 29 woningen een hogere waarde nodig als gevolg van industrielawaai van Heesch West. In het onderzoek 2021 (bij het ontwerpbestemmingsplan) is dat het geval voor 22 woningen; 7 woningen minder. Dit is het gevolg van de beslissing om de mogelijkheid voor milieucategorie 5.1.-bedrijven te verkleinen. In de oplegnotitie Bijlage 3 van oktober 2021 is dat aantal ongewijzigd gebleven.
Met het herstelbesluit is, zoals in hoofdstuk 2 al is beschreven, uitgegaan van een andere milieuzonering (géén categorie 5.1 meer mogelijk) en daar vloeit een kleinere geluidzone uit voort. Uit het meest recente akoestisch onderzoek in het kader van het herstelbesluit (maart 2025) blijkt dat binnen deze geluidszone 15 bestaande woningen en 1 geprojecteerde woning een geluidsbelasting ondervinden die hoger is dan de voorkeursgrenswaarde. Daarmee is het aantal woningen waarvoor een hogere waarde aan de orde is verder afgenomen.
Het voorontwerpbestemmingsplan van het facetplan is in juni 2019 ter inzage gelegd. De inhoudelijke regeling was ten tijde van het voorontwerp nog niet uitgewerkt en ingevuld; alleen de zone was toen aangegeven. Het voorliggende ontwerpbestemmingsplan bevat wel een inhoudelijk uitgewerkte regeling voor industrielawaai.
Gedurende de periode van de terinzagelegging kon iedereen een schriftelijke inspraakreactie indienen. Het facetplan is gelijktijdig met het voorontwerpbestemmingsplan "Heesch West" in procedure gebracht. Voor veel omwonenden zijn de plannen als één geheel beschouwd. Daardoor is het lastig om te bepalen in hoeverre specifiek opmerkingen op het voorontwerp-facetplan zijn gemaakt.
Er zijn ongeveer 1300 inspraakreacties op het voorontwerpbestemmingsplan "Heesch West" ingediend. In 39 unieke reacties wordt in de aanhef ook specifiek het voorontwerp-facetplan genoemd. Hiervan zijn er 17 ingediend in de gemeente 's-Hertogenbosch, 17 in Bernheze en 7 in Oss.
In het eindverslag inspraak, dat als bijlage bij het ontwerpbestemmingsplan "Heesch West" is gevoegd, zijn alle ingediende inspraakreacties opgenomen, ook de reacties die ook zien op het facetplan geluid. In het merendeel van die reacties is dus niet expliciet een onderscheid gemaakt tussen de twee plannen. Er zijn geen wijzigingen doorgevoerd in het facetplan geluid in de ontwerpfase, als gevolg van de inspraakreacties. Wel is de regeling ambtshalve nu veel verder uitgewerkt dan in het voorontwerp.
Conform artikel 3.1.1. van het Bro dienen burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg te plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met de rijks- en provinciale diensten die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn.
Het voorontwerpbestemmingsplan Facetplan geluidszone gezoneerd industrieterrein Heesch West is in juni 2019 ter inzage gelegd. Er zijn drie vooroverlegreacties ingediend, die hieronder zijn samengevat en waarbij is aangegeven of dit tot aanpassingen van het facetbestemmingsplan heeft geleid.
Na afronding van de inspraak en het vooroverleg is het ontwerpbestemmingsplan Facetplan geluidszone gezoneerd industrieterrein Heesch West opgesteld. Het ontwerpbestemmingsplan is gedurende zes weken ter inzage gelegd. Binnen deze termijn is een ieder in de gelegenheid gesteld schriftelijk en/of mondeling een zienswijze op het plan in te dienen. Van de ontvangen zienswijzen is verslag gedaan in een gezamenlijke Nota van Zienswijzen van het bestemmingsplan Heesch West en het bestemmingsplan Facetplan geluidszone gezoneerd industrieterrein Heesch West. Deze Nota zienswijzen is als bijlage bij het vastgestelde bestemmingsplan "Heesch West" gevoegd. Als gevolg van de zienswijzen is een aantal kleine wijzigingen doorgevoerd in het vastgestelde bestemmingsplan Facetplan geluidszone gezoneerd industrieterrein Heesch West.
Na de termijn van terinzagelegging hebben de gemeenteraden besloten omtrent de vaststelling van het bestemmingsplan. Tegen het besluit tot vaststelling stond, voor belanghebbenden, direct beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Tijdens de beroepstermijn van het facetplan geluid zijn in totaal 30 beroepschriften ingediend, waarvan 15 ook zijn gericht tegen het bestemmingsplan Facetplan geluidszone gezoneerd industrieterrein. De Raad van State heeft de betrokken gemeenten inhoudelijk op de hoogte gebracht van de bezwaren die zijn ingediend. De gemeenten is gevraagd een verweerschrift op te stellen. Dit verweerschrift is op 15 december 2023 ingediend.
De Afdeling heeft in het kader van de beroepsprocedure opdracht gegeven aan de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak (STAB) om onafhankelijk advies uit te brengen over de onderdelen verkeer en geluid. De STAB rondde haar advies in juni 2024 af. Betrokken partijen hebben de kans gekregen om op dit advies te reageren middels het indienen van een zienswijze. Het STAB-advies en de hierop ingediende zienswijzen maken tevens deel uit van het procesdossier van de beroepsprocedure.
Herstelbesluit
De Algemene wet bestuursrecht (Awb) geeft gemeenten de mogelijkheid om, vooruitlopend op een behandeling door de Afdeling bestuursrechtspraak, eventuele gebreken te herstellen met een zogenaamd 'herstelbesluit'. Dit is geregeld in artikel 6:19 van de Awb. Aan een herstelbesluit zijn de volgende voorwaarden verbonden:
Naar aanleiding van de ingediende beroepen en het STAB-advies is onderzocht, gemotiveerd en afgewogen of het wenselijk en/of noodzakelijk is om het bestemmingsplan Heesch West, het facetplan geluid en bijbehorende besluiten aan te passen via een herstelbesluit. Bijvoorbeeld om tegemoet te komen aan de wensen van appellanten of om bepaalde gebreken te repareren.
In het geval van Heesch West en het facetplan hebben de bevindingen van de STAB en de ingediende bezwaren van betrokken partijen aanleiding gegeven om een herstelbesluit te nemen. Vooruitlopend op de zitting bij de Afdeling hebben de gemeenten 's-Hertogenbosch, Oss en Bernheze het bestemmingsplan Heesch West en het bijbehorende facetplan op onderdelen aangepast en gewijzigd vastgesteld. De wijzigingen zijn toegelicht in hoofdstuk 15 van de toelichting van het bestemmingsplan “Heesch West” en in hoofdstuk 2 van deze toelichting bij het facetplan.
Het herstelbesluit wordt na vaststelling automatisch onderdeel van de lopende beroepsprocedure bij de Raad van State. Appellanten krijgen van de Raad van State de mogelijkheid om daartegen beroepsgronden aan te voeren.
Omdat sprake is van een wijziging van ondergeschikte aard en de aanpassingen ook tegemoet komen aan eerder ingediende zienswijzen, kan terinzagelegging van een aangepast ontwerpbestemmingsplan achterwege blijven.