| Plan: | TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22a Noenes |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0824.TAMDeNoenes-VA01 |
Preambule
Dit TAM-omgevingsplan is gericht op het faciliteren van gebiedsontwikkeling op de locatie De Noenes en vorm juridisch een nieuw hoofdstuk (hoofdstuk 22a) van het omgevingsplan van de gemeente Oisterwijk. Dit hoofdstuk 22a is op grond van artikel 11.1, tweede lid, van het Besluit elektronische publicaties, bekend gemaakt en digitaal beschikbaar gesteld met de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl. Het is met deze landelijke voorziening niet mogelijk dit hoofdstuk conform de juridische vormgeving van het omgevingsplan in STOP-TPOD beschikbaar te stellen.
De in dit op https://www.ruimtelijkeplannen.nl uitgegeven deel van het omgevingsplan (hierna: dit deel) weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als paragrafen van hoofdstuk 22a van het omgevingsplan van de gemeente Oisterwijk. In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer '22a.' gelezen worden. In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord 'Bijlage', na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage '22a.' gelezen worden.
De begripsbepalingen die zijn opgenomen in de bijlage bij artikel 1.1 van de Omgevingswet onder A (begrippen), bijlage I van het Omgevingsbesluit, bijlage I van het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I van het Besluit activiteiten leefomgeving en bijlage I van het Besluit bouwwerken leefomgeving zijn van toepassing op dit hoofdstuk 22a, tenzij in 2.2 een afwijkende begripsomschrijving is opgenomen.
Voor de toepassing van dit hoofdstuk 22a gelden, in aanvulling op en in afwijking van het bepaalde in 2.1, de volgende begripsbepalingen:
Omgevingsplan
Omgevingsplan van de gemeente Oisterwijk.
Aanduiding
Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de planregels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.
Aan- en uitbouw
Een aan een hoofdgebouw gebouwd gebouw dat in bouwkundig opzicht te onderscheiden is van het hoofdgebouw.
Agrarisch bedrijf
Een bedrijf dat is gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren alsmede het bewerken en verwerken van mest van het eigen agrarisch bedrijf.
Bebouwing
Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouw zijnde.
Bed and breakfast
Bed and breakfast is een kleinschalige vorm van verblijfsrecreatie en richt zich met name op de trekkende toeristen, die voor één of enkele nachten (maximaal 1 week) een onderkomen zoeken. Typerend voor bed and breakfast is:
Bedrijf aan huis
Een bedrijf of het bedrijfsmatig uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid gericht op consumentenverzorging, geheel of gedeeltelijk door middel van handwerk, dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende gebouwen, met behoud van woonfunctie, kan worden uitgeoefend.
Beroep aan huis
Een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied, dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende bijgebouwen met behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend.
Bestaand gebruik
Gebruik zoals dat rechtens bestaat of mag bestaan op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerp van dit hoofdstuk 22a.
Bestaand bouwwerk, oppervlakte, goothoogte, bouwhoogte, plaats, inhoud, afstand, object
Bouwwerk, oppervlakte, goothoogte, bouwhoogte, plaats, inhoud, afstand, object, zoals dat of die rechtens bestaat of mag bestaan op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerp van dit hoofdstuk 22a.
Bijzondere woonvorm
Een woonvorm die niet op één lijn te stellen is met een huishouden, omdat er geen sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling van de groep en omdat de bewoners zijn aangewezen op noodzakelijke en aanwezige permanente begeleiding en/of therapie ter plaatse of in de directe omgeving. Opvang van personen met een problematiek op het gebied van verslaving of psychische situatie worden hier niet onder begrepen.
Bouwperceel
Een aaneengesloten stuk grond, waarop krachtens dit hoofdstuk 22a een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.
Cultuurhistorische waarden
Waarden van een gebied of daar aanwezige zaken, verband houdend met het bouwkundig erfgoed, het stedenbouwkundig erfgoed, de historische groenwaarden, het historisch-geografisch erfgoed en met de bekende en verwachte archeologische waarden.
Detailhandel
Het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen of leveren van goederen aan personen die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. Onder detailhandel wordt ook begrepen een internetwinkel en afhaalpunten.
Extensieve dagrecreatie
Niet-gemotoriseerde recreatieve activiteiten, zoals wandelen, fietsen, skaten, paardrijden, vissen, zwemmen en natuurobservatie.
Gebouwgebonden teeltbedrijf en -kwekerij
Teelt en kweek van gewassen en dieren die alleen in een gebouw plaatsvindt, zoals champignonteeltbedrijven, witlofkwekerijen, viskwekerijen, wormenkwekerijen en insectenkwekerijen, niet zijnde een intensieve veehouderij of glastuinbouwbedrijf.
Gevoelige functie voor gewasbeschermingsmiddelen
Gronden en bouwwerken waar geregeld en gedurende langere periode mensen kunnen verblijven of samenkomen zoals (bedrijfs)woningen, tuinen, erven, zorgfuncties en kampeerterreinen.
Groen dak
Een plat of hellend dak dat is voorzien van vegetatie zoals grassen, kruiden of mossen.
Halfverharde weg
Een weg die is verhard met een granulaat, zoals meggranulaat, betongranulaat of varianten daarop, of een weg met een toplaag van natuursteen, zoals grauwacke, puinverharding, schelpen, gravel etc.
Hobbymatig houden van dieren
Het houden van dieren voor zover paragraaf 3.6.1 van het Besluit activiteiten leefomgeving en paragraaf 22.3.25 van het Omgevingsplan niet van toepassing zijn.
Horeca
Plaats waar tegen vergoeding dranken worden geschonken of spijzen worden bereid en verstrekt overwegend voor nuttiging ter plaatse.
Huishouden
De bewoning door een persoon of meerdere personen in de vorm van een vast samenlevingsverband, niet zijnde kamerverhuur, logies voor arbeidsmigranten of een bijzondere woonvorm, van een woning.
Kamerverhuur
Het bedrijfsmatig (nacht)verblijf aanbieden, waarbij het kenmerk is dat de kamerhuurder ter plaatse het hoofdverblijf heeft.
Kampeermiddel
Tenten, vouwagens, kampeerauto's, caravans of hiermee gelijk te stellen onderkomens, die bestemd zijn voor recreatief nachtverblijf.
Landschappelijke waarden
Gebruikswaarde, belevingswaarde en toekomstwaarde van het landschap, gericht op ruimtelijke, ecologische, cultuurhistorische en recreatieve aspecten.
Logies voor arbeidsmigranten
Het bedrijfsmatig verblijf en/of nachtverblijf (altijd voor meerdere nachten) aanbieden aan een arbeidsmigrant of arbeidsmigranten, waarbij de betreffende arbeidsmigrant of arbeidsmigranten het hoofdverblijf elders heeft of hebben, waarbij geen sprake is van continuïteit in de samenstelling ervan en onderlinge verbondenheid, ongeacht of arbeidsmigranten hetzelfde werk verrichten, dezelfde nationaliteit delen en gezamenlijk de huishouding doen.
Minicamping
Kleinschalig kampeerterrein met maximaal 5 kampeerplaatsen voor kampeermiddelen die uitsluitend tijdens het kampeerseizoen (15 maart tot 1 november) gebruikt mogen worden.
Onverharde weg
Een weg die niet is voorzien van een gesloten verharding, zoals asfalt, klinkers, betonplaten, gestort beton of die halfverhard is, maar een zandweg betreft.
Overkapping
Een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voorzien van een gesloten dak, waaronder begrepen een luifel, afdak of carport.
Paardenbak
Een niet overdekt terrein ingericht voor het africhten, trainen en berijden van paarden en pony's en voor het anderszins beoefenen van de paardensport.
Peil
Permanente bewoning
Het gebruik als hoofdverblijf.
Recreatief nachtverblijf
Recreatief nachtverblijf door personen die hun hoofdverblijf elders hebben.
Recreatiewoning
Een permanent aanwezig gebouw, geen woonkeet en een caravan of andere constructie op wielen zijnde, bestemd voor recreatief nachtverblijf.
Retentievoorziening
Een voorziening waarbij in tijden van overvloedige neerslag, water dat niet afkomstig is van de grote rivieren, tijdelijk vastgehouden kan worden om wateroverlast op andere plaatsen te voorkomen.
(teelt)ondersteunende voorzieningen
Boog- en gaaskassen, hagelnetten, foliekassen, containervelden en overkappingsconstructies als teeltondersteunende voorziening en stellingen ten behoeve van de bescherming van plantaardige agrarische teelten en/of de voorkweek van ten behoeve van het eigen bedrijf benodigd plantmateriaal en/ of de voorkoming van verspreiding van gewasbeschermingsmiddelen, ten behoeve van grondgebonden agrarische teelten.
Theetuin
Een kleinschalig koffie- en theehuis waar uitsluitend niet-alcoholische dranken worden geschonken voor gebruik ter plaatse.
Veehouderij
Agrarisch bedrijf gericht op het fokken, mesten en houden van runderen, varkens, schapen, geiten, pluimvee en tamme konijnen.
Verblijfsrecreatie
Recreatief verblijf, door personen die hun hoofdverblijf elders hebben.
Verharde weg
Een weg die is voorzien van een gesloten verharding, zoals asfalt, klinkers, betonplaten of gestort beton.
Voorgevel
De naar de weg gekeerde of aan de voorzijde van een gebouw gelegen gevel of, indien het een gebouw betreft met meerdere zodanige gevels, één van die gevels.
Waterbassin
Een opslagreservoir, geen bouwwerk zijnde, voor water.
Water en waterhuishoudkundige voorzieningen
Wonen
Het gehuisvest zijn in een woning.
Woning
Een gebouw of een gedeelte van een gebouw, dat dient voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden.
Voor de toepassing van dit hoofdstuk 22a gelden, in aanvulling op en in afwijking van het bepaalde in artikel 22.24 van het omgevingsplan, de volgende meet- en rekenbepalingen:
Afstand
De afstand tussen bouwwerken onderling alsmede de afstand van bouwwerken tot perceelsgrenzen worden daar gemeten waar deze afstanden het kleinst zijn.
Bouwdiepte van gebouwen bij ondergronds bouwen
Vanaf het peil tot de bovenkant van de ondergronds en laagstgelegen vloer.
Bouwhoogte van een bouwwerk
Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.
Breedte, lengte en diepte van een bouwwerk
Tussen (de lijnen getrokken door) de buitenzijde van de gevels en het hart van de scheidsmuren.
Dakhelling
Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.
Goothoogte van een bouwwerk
Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot/de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; indien een bouwwerk met betrekking tot deze constructiedelen over verschillende hoogten beschikt, wordt als volgt gemeten:
Inhoud van een bouwwerk
Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.
Oppervlakte van een bouwwerk
Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van dit omgevingsplan, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning voor de desbetreffende activiteit, die is vereist op grond van dit hoofdstuk 22a.
Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken of te laten gebruiken anders dan overeenkomstig de aan de locatie toegedeelde functies en activiteiten.
De regels in artikel 6 zijn van toepassing op de locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'Agrarisch met waarden - Landschaps- en Natuurwaarden 2'.
Een locatie met de aanwijzing 'Agrarisch met waarden - Landschaps- en Natuurwaarden 2' heeft de volgende functies en toegestane activiteiten:
met de daarbij behorende:
Het is verboden gronden die zijn aangewezen als 'Agrarisch met waarden - Landschaps- en Natuurwaarden 2' en de bouwwerken daarop te gebruiken of te laten gebruiken voor:
In aanvulling op en in afwijking van paragraaf 22.2.7 van het omgevingsplan, gelden voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, de volgende regels:
Het is verboden op of in de grond zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het verbod zoals bedoeld in artikel 6.5.1 is niet van toepassing op het uitvoeren van werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden die:
De omgevingsvergunning zoals bedoeld in 6.5.1 wordt verleend, indien er geen afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de waarden zoals bedoeld in 6.2.
De regels artikel 7 zijn van toepassing op de locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden 2'.
Een locatie met de aanwijzing 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden 2' heeft de volgende functies en toegestane activiteiten:
met de daarbij behorende:
Het is verboden gronden die zijn aangewezen als 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden 2' en de bouwwerken daarop te gebruiken of te laten gebruiken voor:
In aanvulling op en in afwijking van paragraaf 22.7.2 van het omgevingsplan, gelden voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, de volgende regels:
Het exploiteren van een kampeerterrein voor kleinschalig kamperen met maximaal 25 kampeermiddelen, niet zijnde stacaravans, is toegestaan, mits hiervoor een omgevingsvergunning is verleend.
De omgevingsvergunning, zoals bedoeld in 7.5.1, wordt verleend indien:
Het is verboden op of in de grond zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, niet zijnde bouwwerken, en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het verbod, zoals bedoeld in 7.6.1, is niet van toepassing op werken, niet zijnde bouwwerken, en werkzaamheden die:
De omgevingsvergunning, zoals bedoeld in 7.6.1, wordt verleend indien:
De regels in artikel 8 zijn van toepassing op de locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'Bos'.
Een locatie met de aanwijzing 'Bos' heeft de volgende functies en toegestane activiteiten:
met de daarbij behorende:
Artikel 22.36 onder a. en b. en artikel 22.27a. t/m c en f. zijn niet van toepassing op locaties met de functie 'Bos' zoals bedoeld in lid 8.1.
Het is zonder omgevingsvergunning toegestaan, een perceelsafscheiding te bouwen, mits voldaan wordt aan de volgende regels:
In aanvulling op paragraaf 22.2.7 van het omgevingsplan, voor zover van toepassing gelet op artikel 8.4 van dit hoofdstuk 22a, gelden voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, de volgende regels:
Het is verboden op of in de grond zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het verbod zoals bedoeld in 8.7.1 is niet van toepassing op het uitvoeren van werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden die:
De omgevingsvergunning zoals bedoeld in 8.7.1 wordt verleend indien:
Het is verboden om zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning een beroep aan huis uit te oefenen ter plaatse van de aanduiding 'wonen'.
De omgevingsvergunning, zoals bedoeld in artikel 8.9.2 wordt verleend indien:
Het gebruik van een woning voor permanente bewoning ter plaatse van de aanduiding 'wonen' is slechts toegestaan als de in bijlage 1 opgenomen landschappelijke maatregelen of soortgelijke landschappelijke maatregelen binnen tien jaar na het onherroepelijk worden van dit hoofdstuk 22a worden uitgevoerd en in stand gehouden.
De regels in artikel 8.10 zijn van toepassing op locaties met de aanduiding 'wonen'.
In aanvulling op paragraaf 22.2.7 van het omgevingsplan, voor zover van toepassing gelet op artikel 8.4 van dit hoofdstuk 22a, gelden voor het bouwen van een woning de volgende regels:
Voor het bouwen van een kelder bij een woning, geen recreatiewoning zijnde, gelden de volgende regels:
In aanvulling op paragraaf 22.2.7 van het omgevingsplan, voor zover van toepassing gelet op artikel 8.4 van dit hoofdstuk 22a, gelden voor het bouwen van vrijstaande bijbehorende bouwwerken bij een woning, geen recreatiewoning zijnde, de volgende regels:
Het bevoegd gezag verleent de omgevingsvergunning in afwijking van het bepaalde in 8.10.5 onder d voor het bouwen van een vrijstaand bijbehorend bouwwerk op een grotere afstand van de woning, indien:
In afwijking van artikel 8.6 onder a, en in aanvulling op de overige beoordelingsregels in artikel 8.10, geldt voor het bouwen van nieuwe gebouwen en/of overkappingen met een (gezamenlijke) oppervlakte van meer dan 10 m2 dat de omgevingsvergunning slechts wordt verleend indien op eigen terrein wordt voorzien in de aanleg en duurzame instandhouding van waterhuishoudkundige voorzieningen ten behoeve van waterberging, ter grootte van 60 mm per m2 verhard oppervlak, waarbij onder verhard oppervlak zowel bestaand als nieuw toe te voegen verhard oppervlak wordt verstaan.
Het is op locaties met de aanduiding 'recreatie' verboden gronden of bouwwerken te gebruiken of te laten gebruiken voor:
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning een recreatiewoning te gebruiken of te laten gebruiken voor permanente bewoning.
De omgevingsvergunning, zoals bedoeld in 8.11.2, wordt verleend indien:
De regels in artikel 8.12 zijn van toepassing op locaties met de aanduiding 'recreatie'.
In aanvulling op paragraaf 22.2.7 van het omgevingsplan, voor zover van toepassing gelet op artikel 8.4 van dit hoofdstuk 22a, gelden voor het bouwen van een recreatiewoning de volgende regels:
In afwijking van de regels in 8.12.2 gelden de regels in 8.10.2 tot en met 8.10.6 indien een omgevingsvergunning is verleend voor het gebruiken of te laten gebruiken van een recreatiewoning voor permanente bewoning zoals bedoeld in artikel 8.11.2.
In aanvulling op paragraaf 22.2.7 van het omgevingsplan, voor zover van toepassing gelet op artikel 8.4 van dit hoofdstuk 22a, gelden voor het bouwen van een bijbehorend bouwwerk bij een recreatiewoning de volgende regels:
In afwijking van artikel 8.6 onder a en in aanvulling op de overige beoordelingsregels in artikel 8.12, geldt voor het bouwen van nieuwe gebouwen en/of overkappingen met een (gezamenlijke) oppervlakte van meer dan 10 m2 dat de omgevingsvergunning slechts wordt verleend indien op eigen terrein wordt voorzien in de aanleg en duurzame instandhouding van waterhuishoudkundige voorzieningen ten behoeve van waterberging, ter grootte van 60 mm per m2 verhard oppervlak, waarbij onder verhard oppervlak zowel bestaand als nieuw toe te voegen verhard oppervlak wordt verstaan.
Op locaties met de aanduiding 'specifieke vorm van bos - minicamping' is zonder omgevingsvergunning een minicamping toegestaan, met maximaal 5 standplaatsen.
De regels in artikel 8.14 zijn van toepassing op locaties met de aanduiding 'specifieke vorm van bos - minicamping'.
In aanvulling op paragraaf 22.2.7 van het omgevingsplan, voor zover van toepassing gelet op artikel 8.4 van dit hoofdstuk 22a, gelden voor het bouwen van bouwwerken de volgende regels:
Op locaties met de aanduiding 'specifieke vorm van bos - theetuin' is zonder omgevingsvergunning een kleinschalig koffie- en theehuis toegestaan, waarvoor de volgende regels gelden:
De regels in artikel 9 zijn van toepassing op de locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'Natuur'.
Een locatie met de aanwijzing 'Natuur' heeft de volgende functies en toegestane activiteiten:
met de daarbij behorende:
In aanvulling op en in afwijking van paragraaf 22.2.7 van het omgevingsplan, gelden voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, de volgende regels:
Het is verboden op of in de grond zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor de binnenplanse omgevingsplanactiviteit de volgende werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het verbod zoals bedoeld in 9.4.1 is niet van toepassing op het uitvoeren van werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden die:
De omgevingsvergunning zoals bedoeld in 9.4.1 kan worden verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de waarden zoals genoemd in 9.2.
De regels in artikel 10 zijn van toepassing op de locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'Verkeer'.
Een locatie met de aanwijzing 'Verkeer' heeft de volgende functies en toegestane activiteiten:
met de daarbij behorende:
Het is verboden op of in de grond zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het verbod zoals bedoeld in 10.3.1 is niet van toepassing voor het uitvoeren van werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden die:
De omgevingsvergunning zoals bedoeld in 10.3.1 kan worden verleend indien geen afbreuk wordt gedaan aan de verkeersafwikkeling van gemotoriseerd en langzaam verkeer.
De regels in artikel 11 zijn van toepassing op de locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'Verkeer - Onverhard'.
Een locatie met de aanwijzing 'Verkeer - Onverhard' heeft de volgende functies en toegestane activiteiten:
Het is verboden op of in de grond zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het verbod zoals bedoeld in 11.3.1 geldt niet voor werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden die:
De omgevingsvergunning zoals bedoeld in 11.3.1 kan worden verleend indien geen afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de waarden zoals genoemd in 11.2.
De regels in artikel 12 zijn van toepassing op de locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'Wonen'.
Een locatie met de aanwijzing 'Wonen' heeft de volgende functies en toegestane activiteiten:
Het is verboden gronden met de functie 'Wonen' en de bouwwerken daarop te gebruiken of te laten gebruiken voor:
In aanvulling op en in afwijking van paragraaf 22.2.7 van het omgevingsplan, gelden voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde de volgende regels:
In aanvulling op en in afwijking van paragraaf 22.2.7 van het omgevingsplan, gelden voor het bouwen van hoofdgebouwen de volgende regels:
In aanvulling op en in afwijking van paragraaf 22.2.7 van het omgevingsplan, gelden voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken de volgende regels:
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning een bedrijf of beroep aan huis uit te oefenen.
De omgevingsvergunning zoals bedoeld in 12.7.1 kan worden verleend indien:
De regels in artikel 13 zijn van toepassing op de locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'Waarde - Archeologie 2'.
Een locatie met de aanwijzing 'Waarde – Archeologie 2' heeft de volgende functie:
In aanvulling op hetgeen elders in dit hoofdstuk 22a is bepaald ten aanzien van het bouwen van bouwwerken geldt de volgende beoordelingsregel:
Indien uit het archeologische onderzoek zoals bedoeld in artikel 13.3 lid 1 blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door verlening van de omgevingsvergunning kunnen worden verstoord, dan kan het bevoegd gezag aan de omgevingsvergunning de volgende voorschriften verbinden:
Het is verboden op of in de grond zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning t de volgende werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het verbod zoals bedoeld in 13.5.1 is niet van toepassing op werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden die:
De omgevingsvergunning zoals bedoeld in 13.5.1 wordt verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden zoals bedoeld in artikel 13.2.
De regels in artikel 14.1 zijn van toepassing op de gebieden en locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'milieuzone - boringsvrije zone'.
Een gebied of locatie aangewezen als 'milieuzone - boringsvrije zone' heeft de volgende functie:
Het is verboden op of in de grond zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning boringen of grondwerkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren, als de diepte meer is dan 10 m beneden maaiveld.
De omgevingsvergunning zoals bedoeld in artikel 14.1.3 wordt verleend indien de werkzaamheden de beschermende kleilaag niet kunnen aantasten.
De regels in artikel 14.1 zijn van toepassing op de gebieden en locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'milieuzone - waterwingebied'.
Een gebied of locatie aangewezen als 'milieuzone - waterwingebied' heeft de volgende functie:
In afwijking van het bepaalde elders in dit hoofdstuk 22a gelden ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone - waterwingebied' de volgende regels:
Het is verboden op of in de grond zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, niet zijnde bouwwerken of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het verbod zoals bedoeld in 14.2.4 geldt niet voor het uitvoeren werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden die:
De omgevingsvergunning zoals bedoeld in artikel 14.2.4 wordt verleend, indien de te verwachten gevolgen geen onevenredige schade aanrichten aan het waterwingebied dan wel de mogelijkheden tot het herstel van het waterwingebied niet onevenredig worden of kunnen worden verkleind.
De regels in artikel 14.3 zijn van toepassing op de gebieden en locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'overige zone - attentiezonde waterhuishouding'.
Een gebied of locatie aangewezen als 'overige zone - attentiezonde waterhuishouding' heeft de volgende functies:
Het is verboden op of in de grond zonder omgevingsvergunning de volgende werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het verbod zoals bedoeld in artikel 14.3.3 geldt niet voor het uitvoeren van werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden die:
De omgevingsvergunning zoals bedoeld in artikel 14.3.3 wordt verleend, indien de te verwachten gevolgen geen onevenredige schade aanrichten aan de waterhuishouding en de hydrologische instandhoudingsdoelen van het hierbinnen gelegen Natuur Netwerk Brabant.
De regels in artikel 14.4 zijn van toepassing op de gebieden en locaties die zijn aangewezen als 'overige zone - cultuurhistorisch vlak'.
Een gebied of locatie aangewezen als 'overige zone - cultuurhistorisch vlak' heeft de volgende functies:
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - cultuurhistorisch vlak' geldt in aanvulling op de beoordelingsregels voor de binnenplanse omgevingsplanactiviteit bouwwerken elders in dit hoofdstuk 22a dat een omgevingsvergunning voor de binnenplanse omgevingsplanactiviteit bouwwerken uitsluitend kan worden verleend indien de te verwachten gevolgen geen onevenredige schade aanrichten aan de wezenlijke cultuurhistorische waarden en kenmerken van het betreffende gebied, zoals opgenomen in de Cultuurhistorische Waardenkaart van de provincie Noord-Brabant.
Het is verboden op of in de grond zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het verbod uit artikel 14.4.4 is niet van toepassing op het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde of werkzaamheden die:
De in artikel 14.4.4 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, indien de te verwachten gevolgen geen onevenredige schade aanrichten aan de wezenlijke cultuurhistorische waarden en kenmerken van het betreffende gebied, zoals opgenomen in de Cultuurhistorische Waardenkaart van de provincie Noord-Brabant.
De regels in artikel 14.5 zijn van toepassing op de gebieden en locaties die zijn aangewezen als 'overige zone - groenblauwe waarden'.
Een gebied of locatie aangewezen als 'overige zone - groenblauwe waarden' heeft de volgende functies:
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - groenblauwe waarden' geldt in aanvulling op de beoordelingsregels voor de binnenplanse omgevingsplanactiviteit bouwwerken elders in dit hoofdstuk 22a dat een omgevingsvergunning voor de binnenplanse omgevingsplanactiviteit bouwwerken uitsluitend kan worden verleend indien:
De regels in artikel 14.6 zijn van toepassing op gebieden en locaties die zijn aangewezen als 'overige zone - Natuur Netwerk Brabant'.
Een gebied of locatie aangewezen als 'overige zone - Natuur Netwerk Brabant' heeft de volgende functie:
In afwijking op hetgeen elders in dit hoofdstuk 22a is bepaald, zijn uitsluitend bestaande bebouwing en bestaande planologische gebruiksactiviteiten toegestaan zolang het Natuur Netwerk Brabant op de desbetreffende locatie niet is gerealiseerd.
De regels in artikel 14.7 zijn van toepassing op gebieden en locaties die zijn aangewezen als 'overige zone - regionale waterberging'.
Een gebied of locatie aangewezen als 'overige zone - regionale waterberging' heeft de volgende functie:
In gebieden en op locaties met de aanduiding 'overige zone - regionale waterberging' gelden in aanvulling op de specifieke functieregels elders in dit hoofdstuk 22a, dat het gebruik van bouwwerken slechts toegestaan indien:
In gebieden en op locaties met de aanduiding 'overige zone - regionale waterberging' gelden in aanvulling op de beoordelingsregels voor de omgevingsvergunning voor de binnenplanse omgevingsplanactiviteit bouwwerken elders in dit hoofdstuk 22a, de volgende regels:
Het is verboden op of in de grond zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het verbod, zoals bedoeld in artikel 14.7.5, is niet van toepassing op werken, niet zijnde bouwwerken of werkzaamheden die worden uitgevoerd in het kader van normaal beheer en onderhoud.
De omgevingsvergunning, zoals bedoeld in artikel 14.7.5, wordt verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het waterbergend vermogen van de gronden.
De regels in artikel 14.8 zijn van toepassing op gebieden en locaties die zijn aangewezen als 'overige zone - reservering waterberging'.
Een gebied of locatie aangewezen als 'overige zone - reservering waterberging' heeft de volgende functie:
In gebieden en op locaties met de aanduiding 'overige zone - reservering waterberging' gelden in aanvulling op de functieregels elders in dit hoofdstuk 22a dat het gebruik van bouwwerken slechts is toegestaan indien:
In gebieden en op locaties met de aanduiding 'overige zone - reservering waterberging' geldt in aanvulling op de beoordelingsregels voor de omgevingsvergunning voor de binnenplanse omgevingsplanactiviteit bouwwerken elders in dit hoofdstuk 22a, dat het bouwen van bouwwerken slechts is toegestaan wanneer aangetoond is dat:
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Met betrekking tot bestaande maten gelden de volgende regels:
Het is verboden zonder omgevingsvergunning voor de binnenplanse omgevingsplanactiviteit bouwwerken af te wijken van het bepaalde in 16.1, aanhef en onder c, voor het toestaan van:
De omgevingsvergunning, zoals bedoeld in 16.2, kan worden verleend indien: