| Plan: | Strijp T (hoek Beukenlaan - Achtseweg-zuid) |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0772.80288-0301 |
het bestemmingsplan Strijp T (hoek Beukenlaan - Achtseweg-zuid) met identificatienummer NL.IMRO.0772.80288-0301 van de gemeente Eindhoven.
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels (en eventuele bijlagen).
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft..
één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.
bij bouwwerken: legale bouwwerken die aanwezig of in uitvoering zijn op het tijdstip van ter visie legging van het ontwerp van het bestemmingsplan, dan wel bouwwerken zoals die mogen worden gebouwd krachtens een vergunning;
bij gebruik: legaal gebruik van grond en opstallen zoals aanwezig tijdens de inwerkingtreding van het bestemmingsplan.
de grens van een bestemmingsvlak.
Besluit van 27 mei 2004, Stb. 250, houdende regels inzake milieukwaliteitseisen op het gebied van de externe veiligheid zoals deze luidde op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan.
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.
de grens van een bouwvlak.
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.
een grens van een bouwperceel.
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond.
de aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis heeft gemaakt van dat bouwwerk of gebied.
een vorm van recreëren die zich beperkt tot één dag (zonder overnachting), dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld kamperen en dergelijke waarbij men zich voor meerdere dagen van huis begeeft.
het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop), verkopen en leveren van goederen aan personen die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. Onder detailhandel wordt ook begrepen grootschalige detailhandel, volumineuze detailhandel, tuincentrum, internetwinkel/webwinkel, afhaalpunten en supermarkt.
het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen.
die vormen van recreatie welke in hoofdzaak zijn gericht op natuur- en landschapsbeleving, zoals wandelen en fietsen.
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.
het gebruiken, in gebruik geven of laten gebruiken.
bewoning of andere geluidgevoelige functies zoals bedoeld in de Wet geluidhinder c.q. het Besluit geluidhinder.
gebouwen welke dienen ter bewoning of ten behoeve van een andere geluidgevoelige functie als bedoeld in de Wet geluidhinder c.q. het Besluit geluidhinder.
gevaarlijke stoffen zijn stoffen waarvan het gebruik, het transport of de opslag (overslag e.d.), risico's met zich meebrengt. Het kan gaan om explosiegevaar, brand, giftigheid of radioactiviteit.
een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of onderdelen van bouwwerken die worden aangemerkt als uitingen van één der beeldende kunsten.
het geheel van waarden in verband met bijzondere waarneembare landschappelijke kenmerken van een gebied of object, in de zin van karakteristieke verschijningsvorm, herkenbaarheid/identiteit en diversiteit, dat bestaat uit aardkundige, archeologische, cultuurhistorische en visueel-ruimtelijke waarden die wordt bepaald door de onderliggende samenhang en beïnvloeding van levende en niet levende (abiotische) natuur.
voorzieningen ten behoeve van algemeen nut in ruime zin zoals: voorzieningen / installaties ten behoeve van gas, water en elektriciteit, signaalverdeling, telecommunicatieverkeer, waterzuivering, waterbeheersing, waterhuishouding, vuil- en afvalverwerking, compostering, wijkverwarming, milieuvoorzieningen e.d.
0.30 m' boven de kruin van de weg.
recreatie in ruimten of voorzieningen welke zijn bestemd of opgericht voor recreatief nachtverblijf, zoals een recreatiewoning, groepsaccommodatie, pension, bed & breakfast of kampeermiddel door personen die hun hoofdwoonverblijf elders hebben.
al het oppervlaktewater zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen.
voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging, hemelwaterinfiltratie en waterkwaliteit (zoals duikers, stuwen, infiltratievoorzieningen, gemalen, inlaten, sloten, greppels en vijvers, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen etc.).
Wet van 16 februari 1979 (Stb. 99) houdende regels inzake het voorkomen of beperken van geluidhinder, zoals deze luidde op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan.
Wet van 13 juni 1979 (Stb. 442) houdende regelen met betrekking tot een aantal algemene onderwerpen op het gebied van de milieuhygiëne, zoals deze luidde op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan.
Wet van 20 oktober 2006 (Stb. 2006, nr. 566) houdende nieuwe regels omtrent de ruimtelijke ordening, zoals deze luidde op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan.
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:
een aangegeven percentage, dat de grootte van het deel van het bouwvlak aangeeft dat maximaal mag worden bebouwd.
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, liftopbouwen, installatieruimten en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen wordt de overschrijding van de bouwgrens door ondergeschikte bouwdelen, zoals plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, gevel- en kroonlijsten, gevelisolatie, ventilatiekanalen, schoorstenen, reclameaanduidingen, luifels, erkers, balkons en overstekende daken e.d. buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van de bouwgrens en/of bouwhoogte niet meer dan 1 meter bedraagt.
De voor `Groen´ aangewezen gronden zijn bestemd voor:
met de daarbij behorende
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt een maximum bouwhoogte van 4 m, met dien verstande dat voor erf- of perceelsafscheidingen de maximum bouwhoogte 1 m bedraagt indien die op minder dan 1 m van openbaar toegankelijk gebied zijn gesitueerd. De bouwhoogte van erf- en perceelsafscheidingen mag maximaal 2 m zijn indien die op meer dan 1 m van openbaar toegankelijk gebied zijn gesitueerd.
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 3.1 wordt in ieder geval gerekend:
Het is verboden op de gronden met de bestemming `Groen´ zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het in lid 3.4.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden:
De in lid 3.4.1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien:
De voor `Leiding - Gas´ aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor:
In geval van strijdigheid van bepalingen gaan de bepalingen van dit artikel vóór de bepalingen die ingevolge andere artikelen op de desbetreffende gronden van toepassing zijn.
In afwijking van het bepaalde bij de andere op de verbeelding aangewezen bestemming (basisbestemming) mogen op of in de gronden binnen het op de verbeelding aangegeven bestemmingsvlak behorende bij de bestemming `Leiding - Gas´ geen gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd anders dan ten behoeve van die bestemming.
Burgemeester en wethouders kunnen, mits de veiligheid met betrekking tot de gasleiding niet wordt geschaad geen beperkt kwetsbare objecten en kwetsbare objecten worden toegelaten, bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.2.1, en toestaan bouwwerken ten behoeve van de op deze gronden liggende basisbestemming worden gebouwd, mits vooraf advies wordt ingewonnen van de betreffende leidingbeheerder.
Bij het bouwen zijn de regels van de betreffende basisbestemming van toepassing.
Het is verboden op de gronden met de bestemming Leiding - Gas zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het in artikel 4.4.1 opgenomen verbod is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde of op werkzaamheden welke:
De in artikel 4.4.1 genoemde vergunning wordt slechts verleend, indien het behoud van een veilige ligging van de leiding en de continuïteit van de functie van de betreffende leiding zijn gewaarborgd, met dien verstande dat alvorens te beslissen omtrent een vergunning als bedoeld in artikel 4.4.1 burgemeester en wethouders advies inwinnen bij de betreffende leidingbeheerder.
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Al dan niet in afwijking van het bepaalde in de bestemmingsregels van Hoofdstuk 2 wordt ter plaatse van een functie-aanduiding het gebruik van gronden en opstallen in overeenstemming met die functie-aanduiding aangemerkt als gebruik overeenkomstig die bestemming.
Binnen de gebiedsaanduiding 'veiligheidszone - gasontvangststation 1' mogen geen beperkt kwetsbare objecten worden gebouwd/opgericht.
Binnen de gebiedsaanduiding 'veiligheidszone - gasontvangststation 2' mogen geen kwetsbare objecten worden gebouwd/opgericht.
Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, bij een omgevingsvergunning afwijken van:
Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot:
burgemeester en wethouders kunnen eenmalig bij een omgevingsvergunning afwijken van lid 9.1 voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 9.1 met maximaal 10%.
Lid 9.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 9.4, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
Indien het gebruik, bedoeld in lid 9.4, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.
Lid 9.4 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Deze regels worden aangehaald als:
Regels van het bestemmingsplan Strijp T (hoek Beukenlaan - Achtseweg-zuid).
Het beleid ten aanzien van de groenfunctie in Eindhoven is vastgelegd in het Groenbeleidsplan 2017. Dat plan gaat uit van vier sporen. Hieronder worden de cultuurhistorische en groene waarden van het Gloeilampplantsoen bezien in het licht van deze sporen.
Spoor: verhaal van de stad
‘Het Gloeilampplantsoen’ is in de volksmond de benaming van het plantsoen op de hoek van de spoorlijn Eindhoven-Den Bosch en de Ring. Lange tijd is het historisch belang van dit plantsoen niet onderkend geweest. Echter in het kader van het Groenbeleidsplan 2017 en de ontwikkeling van de spoorzone staan behoud en herstel van het oorspronkelijk ontwerp weer vol in de aandacht. Oude foto’s lieten al zien dat het om iets bijzonders ging, maar lange tijd is onbekend gebleven wie de ontwerper was. De cultuurhistorische verkenning van Strijp R (2007) gaf hier voor het eerst uitsluitsel over. Het bleek een plantsoen naar ontwerp van Ir. Louis Christiaan Kalff, dat werd aangelegd voor lunchpauzes van het personeel en dat openbaar toegankelijk was voor de bewoners van Eindhoven. Het plantsoen is een late representant van de 'Company Town' gedachte die de directeuren van Philips aanhingen.
Architect en ontwerper Louis C. Kalff was in ons land een pionier op het gebied van de industriële vormgeving. Hij stond aan de wieg van de Design Academy Eindhoven. Vanaf 1925 werd hij in dienst gesteld bij Philips om de reclame een modern gezicht te geven. Hij kreeg het volste vertrouwen van Anton Philips en kreeg steeds meer ruimte om uiteindelijk uit te groeien tot het artistiek geweten van Philips. Naast affiches ontwierp hij ook verpakkingen en gaandeweg hield hij zich ook bezig met de vormgeving van Philipsproducten en uiteindelijk ook met gebouwen. Zo ontwierp hij het Dr. A. F. Philips Observatorium in het Stadswandelpark in Eindhoven. In 1958 werkte hij samen met niemand minder dan Le Corbusier aan het Philipspaviljoen voor de wereldtentoonstelling in Brussel. Na zijn pensionering in 1960 werkte hij nog voor Philips aan het Evoluon. Een zeer grote naam voor Eindhoven dus en alle reden om zijn Gloeilampplantsoen naar waarde te schatten en in ere te herstellen.
Ontstaan van het Gloeilampplantsoen
De mooie oriëntatie van fabriekspanden op de spoorlijn Eindhoven-Den Bosch is te danken aan de goederensporen die over het terrein van het Philips-bedrijventerrein Strijp T liepen.
Figuur: Verloop van sporen over Strijp R, S en T
Foto: Restant van het spoor over het bedrijventerrein Strijp T (1992)
De ‘overhoeken’ die hierdoor ontstonden werden ingevuld als groene omlijsting van het bedrijventerrein. Het Gloeilampplantsoen is onderdeel van deze groene omlijsting en werd ingevuld als parkje waarin het personeel lunchpauze kon houden. Het was openbaar toegankelijk en dus ook voor de bewoners van Eindhoven. Het Gloeilampplantsoen is een uiting van de Company Town gedachte die na Anton Philips (1922-1939) ook bij de volgende directeuren Frans Otten (1939-1961) en Frits Philips (1961- 1971) nog hoog in het vaandel hadden.
Na aanleg Gloeilampplantsoen
Net na aanleg is op onderstaande foto's goed te zien dat het padenpatroon een grafische abstrahering van een gloeilamp is. De fitting is een vijver en de glazen ballon wordt door planvlakken met opgaand groen omlijst. De beplanting bestaat uit soorten die nu als typerend voor de jaren '60 worden gezien.
Foto: Strijp T en Gloeilampplantsoen (net na aanleg) circa 1960 (EinB 27507)
Foto: Gebouw QT gezien vanuit het Gloeilampplantsoen ter hoogte van pijl op foto EinB 27507 (EinB 27509)
Het Gloeilampplantsoen dateert uit de hoogtijdagen van het groen in Eindhoven. Zowel Philips als de gemeente in de persoon van de heer F. Fontaine (hoofd Dienst plantsoenen) pakten uit met rozenperken, vijvers en rijke beplantingsplannen met vaste planten, bloemrijke heesters en een soortenrijkdom aan bomen. Elk seizoen had de aandacht gezien de toepassing van bloesem, herfstkleur, besdragers en wintergroen. Deze foto’s laten zien dat het Gloeilampplantsoen en de groene omlijsting van Strijp T als één geheel ontworpen waren. Ook de beplanting van de spoordijk speelde een rol in het rijke groene beeld van de Achtseweg Zuid. Omdat historische foto’s van de groene omlijsting ontbreken, volgt hieronder een reconstructie aan de hand van recentere foto’s.
Foto : Gloeilampplantsoen in 1964 (EinB 3469)
Foto: Beplanting spoordijk en entree Strijp T bij gebouw QT langs de Achtseweg Zuid (EinB 28346)
Foto: Gloeilampplantsoen 1973-1982 (RHCE 251054)
Foto: Gloeilampplantsoen ca. 1998 (Geogids historische vogelvlucht)
Bovenstaande luchtfoto uit 1998 toont het Gloeilampplantsoen nog in vol ornaat. Nadien treedt ontmanteling op die naar alle waarschijnlijkheid het gevolg is van de verkoop van het gebied aan een onroerend goed ontwikkelaar. De plannen van de ontwikkelaar bleken beleidsmatig, noch qua bestemming haalbaar. Daardoor kwam het dat Gloeilampplantsoen 'braak' is komen te liggen (dat wil zeggen er werd geen onderhoud meer gepleegd en het gebied werd min of meer aan z'n lot overgelaten). Desondanks bleef het padenpatroon nog lange tijd herkenbaar (zie foto hieronder).
Ook de kaart (zie § 1.3) van het geldend bestemmingsplan Bedrijventerrein Zwaanstraat- Strijp T 2006 bevat een weergave van het padenpatroon.
Foto: Gloeilampplantsoen met nog herkenbaar padenpatroon (2008)
Het Gloeilampplantsoen is ook vandaag de dag nog erg geliefd bij de Eindhovenaren. Zelfs nu er al jaren geen onderhoud meer is gepleegd. Een aantal van hen heeft zich verenigd in 'De Vrienden van het Gloeilampplantsoen'. Zij hebben een prijsvraag gewonnen en mochten van de toenmalig eigenaar het padenpatroon weer zichtbaar maken (2012).
Foto: Na het herstel van de paden. Het bomenbestand verraadt nog een hoogwaardig beplantingsplan (website de Architect).
Foto: Het padenpatroon is verwijderd als gevolg van de verrichte grondwerkzaamheden.
Omlijstend groen
Het omlijstend groen van Strijp T is in 2015 nog redelijk intact. Het beplantingsplan is ook ‘grafisch’ van aard: duidelijk zichtbaar is een ritmiek van Sorbus bolletjes met op gezette tijden een piramidaaltje Pinus. De bloeiende heesters zijn dusdanig gekozen dat deze lager blijven dan de kronen van de bomen. Helaas zijn de Sorbussen aan het einde van hun levensduur en is deze omlijsting in 2017 ernstig aan het aftakelen.
Foto: redelijk intact omlijstend groen van Strijp T in zuidelijke richting (2015)
Foto: redelijk intact omlijstend groen van Strijp T in noordelijke richting (2015)
Foto: Zelfde locatie als hierboven; na de spoorverdubbeling in 2016 is de beplanting van de spoordijk verdwenen.
Spoor: waarde van het Gloeilampplantsoen
Structuur
Het Gloeilampplantsoen is onderdeel van de noordwestelijke groene wig en is hiermee onderdeel van de hoofdgroenstructuur van de stad. Samen met het andere groen rond de spoorlijn vormt het één van de radiale groene verankeringen van deze wig binnen het stedelijke gebied. Als onderdeel van deze structuur vormt het een belangrijke schakel tussen enerzijds de fijnmazige groene dooradering van de stad en anderzijds Brainport Park en het Groene Woud. Behoud van het plantsoen in relatie met het omlijstend groen van Strijp T en de Groene corridor is van belang voor de instandhouding en de ontwikkeling van de groenstructuur als een samenhangend stadsdekkend netwerk.
Voor de beleving vanaf de spoorlijn Eindhoven-Den Bosch vormt het Gloeilampplantsoen samen met de groene omlijsting van Strijp T en de waardevolle plantsoenen aan de andere zijde van de spoorlijn een essentieel onderdeel van de groene entree van de stad via het spoor. Het spoor geeft een beter zicht op wat Eindhoven als centrum van Brainport regio inhoudt dan de snelweg. Het spoor doorsnijdt vanuit Den Bosch het centrum van het Groene Woud, maakt dan een koude doorsnede door Eindhoven inclusief het centrum om vervolgens richting Helmond het centrum van het Rijk van Dommel en Aa aan te doen. Het spoor verdient dus nadrukkelijk om als 'voorzijde' behandeld te worden. Herstel van het Gloeilampplantsoen in samenhang met de groene omlijsting van Strijp T speelt hier een belangrijke rol in.
De Ring is de enige weg van waaruit de structuur van de stad optimaal te beleven is. Gaande over deze rondweg worden achtereenvolgens de verschillende bloembladen en wiggen doorsneden (zie kaartbeeld: Structuren). Voor de oriëntatie op een cirkel is het herkenbaar maken van deze beleving van groot belang. Ook hier speelt het Gloeilampplantsoen weer een rol als groene wig tussen de bloembladen Woensel en Strijp.
Functie
De Groene corridor is een recreatieve verbinding tussen de centra van Eindhoven en Oirschot. Via de groene omlijsting van Strijp T staat het Gloeilampplantsoen in verbinding met de Groene corridor en hiermee met een groter recreatief netwerk. Het Gloeilampplantsoen is een te bezoeken rustoase op deze route.
Als onderdeel van de hoofdgroenstructuur heeft het Gloeilampplantsoen sowieso betekenis voor natuur, waterberging en koeling. Deze functies zijn echter ondergeschikt aan de cultuurhistorische identiteit en de recreatieve functie.
Cultuurhistorie
Het ontwerp van het Gloeilampplantsoen is van de hand van ir. L.C. Kalff (1897 - 1976) wiens naam ook verbonden is aan de vormgeving van vele door Philips gepoduceerde producten, maar ook aan ontwerpen van bijzondere en unieke gebouwen. Ir. L.C. Kalff was in ons land pionier op het gebied van de industriële vormgeving en hij stond aan de wieg van de Design Academy Eindhoven Alleen al vanwege deze grote naam is het behoud van het plantsoen groot belang. Bebouwing of andere wijziging zou afbreuk doen aan zijn grafisch ontwerp.
Het Gloeilampplantsoen moet gezien worden als belangrijk groenrelict uit de periode waarin het bedrijf Philips, in de persoon van Anton Philips (1922-1939) en later Frans Otten (1939-1961) en Frits Philips (1961-1971), zich liet inspireren door de Engelse Company Town-gedachte en de tuinstadbeweging van Ebenezer Howard. Het hoort thuis in het rijtje 'Green' van de wijk Philipsdorp en het Philips De Jongh Wandelpark. De Green is verloren gegaan door de realisatie van het huidige PSV stadion en het Stadionkwartier. Alleen het Philips De Jongh Wandelpark is beschermd en dus bewaard gebleven. Het unieke karakter en de cultuurhistorische waarden van het Gloeilampplantsoen vragen om een vergelijkbare bescherming.
Figuur: Bewerkte afbeelding uit Cultuurhistorische verkenning Strijp R van Urban Fabric | Steenhuis stedenbouw / landschap).
De gloeilamp staat symbool voor de gloeilampfabriek van Philips waardoor Eindhoven zich heeft ontwikkeld tot de stad die het nu is. Dat het ontwerp van de hand van ir. l.C. Kalff is en dat het plantsoen is gelegen op een zeer goede zichtlocatie langs het spoor en de Ring maakt het tot een icoon van Brainport.
Kwaliteit ontwerp en beplanting
Het padenpatroon, de vijver en beplanting vormen samen een grafische weergave van een gloeilamp. Helaas is niet bekend wie het beplantingsplan heeft gemaakt. Maar Philips werkte niet met de eerste de beste (denk aan Springer en Tersteeg). Zelfs in de huidige slechte staat is nog te zien dat het om een vakkundig beplantingsplan gaat, dat een geheel vormde met de groene omlijsting van Strijp T. Een enorme soortenrijkdom is ‘grafisch’ toegepast: elke vorm en textuur kwam optimaal tot zijn recht. Dergelijke beplantingsplannen zijn typerend voor de rijke periode waarin F. Fontaine bij de gemeente Eindhoven werkzaam was.
Spoor: ambitie
Het Gloeilampplantsoen is onderdeel van het Prioritair gebied Spoorzone. Vanuit de ontwikkeling van de spoorzone heeft behoud en versterken van de hoofdgroenstructuur langs het spoor en de Ring de volle aandacht.
Figuur: Uitsnede Ambitiekaart; Gloeilampplantsoen is onderdeel van het Prioritair gebied spoorzone.
Vanuit Brainport en het groenbeleid wordt vol ingezet op het benutten van de cultuurhistorische waarden van de locatie. Dit sluit aan bij het speerpunt cultuurhistorie van het Groenbeleidsplan 2017. Met het verhaal van de plek en het belang hiervan voor de stad wordt geprobeerd om de eigenaar van de grond te inspireren om bij te dragen aan dit belang. In het kader van Brainport Park wordt de recreatieve verbinding 'de Groene corridor' gerealiseerd. Net als het Philips de Jongh Wandelpark zou ook het Gloeilampplantsoen als een bijzonder (groen) Philipsrelict aan deze recreatieve route geknoopt kunnen worden. De groene omlijsting van Strijp T, waar het Gloeilampplantsoen deel van uitmaakt, zal hiervoor verbinding moeten krijgen met de Groene corridor.
Evenwijdig langs de spoorlijn is tevens voorzien in een ecologische verbindingszone. Heesters van het oorspronkelijke beplantingsplan kunnen zorgdragen voor beschutting op een dergelijke ecologische verbinding. De westzijden van de gebieden Strijp S, T en R zijn onderdeel van een te versterken groenstructuur rond het bloemblad Strijp (zie figuur Structuur).
Spoor: groenbeleid
Onderhavig plangebied, evenals de volledige groenstructuur langs het spoor, de reeds aanwezige groene omlijsting van het bloemblad Strijp en de Groene corridor zijn in het Groenbeleidsplan 2017 aangeduid als 'Structureel stadsgroen'.
Figuur: Uitsnede kaart ruimtelijke strategieën
In dit gebied wordt als ordeningsprincipe de volgende strategie aangehouden:
Dit gebied is bedoeld voor de groene dooradering van de stad, voor extensieve recreatie en ontspanning (parken), natuur en waterberging. Het beleid is gericht op het versterken van de functionaliteit van dit gebied en op het verbinden tot robuuste groenstructuren. Het oprichten van bebouwing is hier niet toegestaan. Toevoeging van niet-groene voorzieningen is slechts mogelijk als sprake is van een zwaarwegend maatschappelijk belang, als er geen alternatieven voorhanden zijn, als door een 'groen-inclusief ontwerp' de groene kwaliteit tenminste wordt gehandhaafd en als compensatie plaatsvindt van de per saldo verloren deel van de groenstructuur.