direct naar inhoud van 9.2 Overleg ex artikel 3.1.1 Bro
Plan: Binnenstad
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0772.80096-0301

9.2 Overleg ex artikel 3.1.1 Bro

Het voorontwerp van het bestemmingsplan Binnenstad is ten behoeve van het vooroverleg zoals is bepaald in het Besluit ruimtelijke ordening aan de Provincie Noord Brabant en het Waterschap De Dommel respectievelijk op 6 en 7 december 2012 toegezonden. Naar aanleiding hiervan zijn de volgende overlegreacties ontvangen:

  • 1. Waterschap de Dommel, Postbus 10001 5280 DA Boxtel, bij brief van 21 december 2012, kenmerk Z11751/U19084, ontvangen op 21 december 2012 en geregistreerd onder nr. 12ink19238
    De reactie houdt het volgende in.
    Het waterschap bevestigt dat de waterparagraaf in het voortraject naar tevredenheid is afgestemd. Over het plan merkt het waterschap op dat conform het bepaalde in Art. 5.7. van de Verordening Ruimte een aanduiding waterstaat- meanderzonde in de planregels dient te worden opgenomen en op de verbeelding dient dit tot 25 meter aan weerszijden van de Dommel binnen de bestemming groen te worden aangeduid. In verband hiermede verzoekt het waterschap bij de bestemming Groen en bij de bestemming Water, respectievelijk artikel 17 en 23 van de planregels, een wijzigingsbevoegdheid op te nemen teneinde vanwege de meandering van de Dommel in deze bestemmingen respectievelijk de water- en groenfunctie mogelijk te maken.
  • 2. Provincie Noord Brabant, Postbus 90151, 5200 MC 's-Hertogenbosch, bij brief van 3 januari 2013, kenmerk C2103519/3333486, ontvangen op 7 januari 2013 geregistreerd onder nr. 13ink00204.
    De provincie deelt mede, dat is bezien hoe het bestemmingsplan zich verhoudt tot de provinciale belangen die op basis van het provinciaal ruimtelijk beleid relevant zijn. Het plan geeft geen aanleiding tot het maken van opmerkingen.

Standpunt ten aanzien van de vooroverlegreacties

Ad. 1 reactie Waterschap de Dommel

Bij de voorbereiding van het plan is rekening gehouden met de plannen c.q. regels op het gebied van de ruimtelijke ordening van andere/hogere overheden. In dit verband is ook getoetst of het onderhavig bestemmingsplan Binnenstad conflicteert met de verordening Ruimte van de provincie Noord Brabant.

Voor zover kan worden beoordeeld is van enige strijdigheid met deze verordening niet gebleken. Voor wat betreft de opmerking van het Waterschap over het bepaalde in artikel 5.7 van deze verordening luidt ons standpunt als volgt.

Het is juist dat het bepaalde in voormeld artikel van de Verordening Ruimte van toepassing is omdat het stroomgebied van de Dommel binnen het plangebied ligt. Dit betekent echter niet dat in deze situatie zonder meer een zoekgebied met een breedte van ten minste 25 meter aan weerszijden van de Dommel in verband met het herstel van de meandering van deze waterloop in het bestemmingsplan dient te worden vastgelegd. Het gebied waar de Dommel door stroomt, betreft een sterk verstedelijkt gebied met een hoge bebouwingsdichtheid. Gelet hierop is het voor dit gedeelte van het stroomgebied van de Dommel niet waarschijnlijk dat herstel van het watersysteem zal gaan plaats vinden binnen de planperiode. Dit feit was een gegeven dat destijds was meegenomen bij het 'Project sanering en meandering van de Dommel door Eindhoven' waar het Waterschap de uitvoerende instantie van was. Voor dit project hebben wij destijds aan het waterschap na afgifte van een verklaring van geen bezwaar door de provincie vrijstelling ex artikel 19 lid 1 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening verleend. In de projectbeschrijving is er mee rekening gehouden dat in het stedelijk gebied aan het beekherstel veel beperkingen zijn. In de projectbeschrijving is vastgelegd dat met name in het deelgebied Van Abbemuseum – Prof. Dorgelolaan nagenoeg geen ruimte voor hermeandering bestaat. Het project is inmiddels uitgevoerd. Bij het opstellen van het bestemmingsplan Binnenstad is de Dommel ingepast zoals dat ook conform het project is uitgevoerd met de beperkte mogelijkheden voor meandering. Met het oog hierop is in de planregels voor wat betreft de gronden die op de verbeelding van het bestemmingsplan zijn aangewezen als water en groen (De Dommel en de oevers ) respectievelijk tevens de bestemming groen en de bestemming water gelegd. Hiermede is mogelijke meandering van de Dommel binnen de planperiode bij deze bestemmingen mogelijk gemaakt. Ook zij nog opgemerkt dat de provincie in het kader van het wettelijk vooroverleg heeft bezien hoe het bestemmingsplan zich verhoudt tot het provinciaal ruimtelijk beleid en dat er ten aanzien daarvan geen aanleiding is tot het maken van opmerkingen.

Gelet op het bovenstaande zien wij geen reden om uitvoering te geven aan de door het Waterschap gevraagde aanpassing van de verbeelding en de planregels.

Ad 2. reactie Provincie Noord-Brabant

Omdat de provincie Noord-Brabant geen opmerkingen heeft ten aanzien van het bestemmingsplan hebben wij de reactie voor kennisgeving aangenomen.