Toelichting
HOOFDSTUK 1 Aanleiding 1.1 Inleiding Door de eigenaar is verzocht de agrarische bestemming van de bedrijfswoning van de locatie Strijpenseweg 35 te Prinsenbeek te wijzigen in de bestemming 'Wonen'. Wijziging van het bestemmingsplan is nodig omdat de bedrijfswoning niet langer onderdeel uitmaakt van het ter plaatse gevestigde glastuinbouwbedrijf. De bedrijfsmatige agrarische activiteiten zijn ter plaatse overgenomen door een van de eigenaren die het bedrijf nu zelfstandig ter plaatse zal voortzetten en die ter plaatse eveneens beschikt over een bedrijfswoning. 1.2 Bestaande toestand Op de locatie aan de Strijpenseweg wordt een glastuinbouwbedrijf geëxploiteerd. Ten behoeve van dit bedrijf zijn binnen het bouwvlak twee bedrijfswoningen en een kassencomplex aanwezig. 1.3 Vigerend bestemmingsplan Van kracht is het bestemmingsplan "Buitengebied Noord” vastgesteld door de gemeenteraad op 7 november 2013. Het plan is onherroepelijk geworden bij uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 25 september 2015. HOOFDSTUK 2 Doelstellingen van het bestemmingsplan 2.1 Huidige situatie Op de locatie aan de Strijpenseweg wordt door 2 eigenaren een glastuinbouwbedrijf geëxploiteerd. Ten behoeve van dit bedrijf zijn binnen het bouwvlak dan ook twee bedrijfswoningen en een kassencomplex aanwezig. Een van de twee bedrijfswoningen is niet langer in gebruik als bedrijfswoning bij het bedrijf nu de eigenaar hiervan zijn deel van het bedrijf heeft verkocht aan de mede-eigenaar van het bedrijf. 2.2 Toekomstige situatie De voormalige bedrijfswoning zal worden afgesplitst van het bedrijf en zal worden omgezet naar de bestemming 'Wonen'. Ter plaatse resteert dan nog een glastuinbouwbedrijf met 1 bedrijfswoning t.b.v. de huidige eigenaar van het bedrijf. 2.3 Regelgeving 2.3.1 Inleiding Van kracht is het bestemmingsplan 'Buitengebied Noord' De gronden en opstallen aan de Strijpenseweg 35 te Prinsenbeek zijn in het bestemmingsplan Buitengebied Noord bestemd tot 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden' met de aanduidingen 'bouwvlak' voor de bebouwing en 'glastuinbouw'. Daarnaast rust op het perceel de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' en 'Waarde - Attentiegebied ecologische hoofdstructuur'. Op grond van het bepaalde in artikel 4, lid 4.7 onder b van dit bestemmingsplan zijn burgemeester en wethouders bevoegd het plan te wijzigen, mits wordt voldaan aan de Landschapsinvesteringsregeling Breda, ten behoeve van het wijzigen van de bestemming 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden ' met de aanduiding 'bouwvlak' in de bestemming 'Wonen' onder de volgende voorwaarden: de agrarische ontwikkelingsmogelijkheden van nabijgelegen bedrijven niet worden beperkt; aan cultuurhistorische, landschappelijke en natuurlijke waarden en milieuhygiënische en water- en bodemhuishoudkundige aspecten geen onevenredige schade wordt toegebracht; de voormalige agrarische bedrijfsgebouwen worden gesloopt, tenzij het cultuurhistorisch waardevolle bebouwing betreft, en deze sloop afdoende is verzekerd, waarbij maximaal 500 m² mag worden gehandhaafd als bijgebouw, alsmede overtollige verharding wordt verwijderd. 2.3.2 Onderzoek Het verzoek is getoetst aan de voorwaarden uit het vigerende bestemmingsplan en hierbij is het volgende geconcludeerd. Landschapsinvestering: Bij ruimtelijke ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied ( Vr 2014: bouwactiviteiten en planologische gebruiksactiviteiten waarvoor een wijziging van het planologische regime nodig is) bepaalt de Verordening ruimte 2014 dat de initiatiefnemer zorgt voor een kwaliteitsverbetering van het landschap. In principe wordt hierbij uitgegaan van bij voorkeur de realisering van een fysieke prestatie op de projectlocatie en/of de directe projectomgeving. Regionaal is in overleg met de provincie een handreiking opgesteld die via het regionaal ruimtelijk overleg is vastgesteld. Deze is in het bestemmingsplan Buitengebied Noord verder vertaald via de Landschapsinvesteringsregeling Breda. In het kader van deze Landschapsinvesteringsregeling Breda valt deze ruimtelijke ontwikkeling formeel in categorie 2 en dient een landschappelijke inpassing te worden gerealiseerd. Met belanghebbenden is vastgesteld dat ter plaatse fysiek geen mogelijkheden zijn om een landschappelijke inpassing te realiseren en is afgesproken dat hij in plaats daarvan, en zoals de Landschapsinvesteringsregeling dit ook mogelijk maakt, een storting moet doen in het groenfonds van de gemeente Breda. In principe zou hij een inpassing moeten realiseren ter grootte van 549 m2 (2 x de langste zijde van het bestemmingsvlak en 1 x de kortste zijde hiervan x 3). Omgerekend naar een bijdrage levert dit een bedrag op van € 8.235,-- (549 x €15,--) dat gestort moet worden in het groenfonds. In een anterieure overeenkomst met belanghebbende is de betaling hiervan zeker gesteld. Belemmeringen nabij gelegen bedrijvigheid: Het dichtstbijzijnde bedrijf, zijnde het voormalige glastuinbouwbedrijf van verzoeker, ligt op een afstand van ruim 15 meter. Aan de overzijde ligt eveneens een bedrijf op een afstand van ruim 34 meter. Het betreft hier een bestaande toestand waarbij de dichtstbijzijnde kassen in het recente verleden bij deze woning hoorden en zijn verkocht aan de mede-eigenaar hiervan. De beperkingen voor het glastuinbouwbedrijf zullen in dit kader beperkt blijven nu de het glastuinbouwbedrijf in zijn bestaande toestand is vergund en dus mag worden gehandhaafd en richting de locatie waarvan de bestemming dient te worden gewijzigd niet kan uitbreiden. Bovendien heeft de huidige eigenaar van het bedrijf ingestemd met deze situatie door de betreffende bedrijfswoning aan zijn voormalige compagnon te laten bij de overname van het bedrijf. Ook het bedrijf aan de overzijde zal geen extra belemmeringen hierdoor krijgen omdat op kortere afstand al een burgerwoning aanwezig is die de mogelijke exploitatie van het bedrijf zou kunnen belemmeren. Mogelijke schade aan waarden Het perceel ligt weliswaar binnen het gebied met de bestemming 'Agrarisch met waarden - landschapswaarden maar het betreft hier uitsluitend een woonkavel waarop de bedrijfswoning met bijgebouw is gesitueerd en waarvan het resterende gedeelte is ingericht als tuin bij de woning. Met de wijziging van de bestemming sec, waarbij de bouwmogelijkheden gelijk zullen blijven aan die van een bedrijfswoning (750 m3 en maximaal 100 m2 aan bijgebouw) zullen genoemde waarden op geen enkele wijze onaanvaardbaar worden aangetast. Sloop bijgebouwen In de voorwaarden is opgenomen dat overtollige bebouwing dient te worden gesloopt. Nu het bedrijf door een van de eigenaren voortgezet wordt en bij de bedrijfswoning, welke wordt afgesplitst, niet meer dan 500 m2 aan bijgebouwen aanwezig is er geen sprake is van overtollige bebouwing en behoeft er niet gesloopt te worden. Goede ruimtelijke ordening Met de ligging van het object op korte afstand van een tweetal bedrijven moet hier in het kader van de beoordeling of sprake is van goede ruimtelijke ordening bezien worden of sprake is en blijft van een goed woon- en leefklimaat. In dat kader wordt overwogen dat hier sprake is van een bestaande situatie waarin sprake is van een woning op korte afstand van deze bedrijven. De verzoeken of een eventuele koper van het onderhavige object is of kan dan op de hoogte zijn van het feit dat dit een verminderd woon- en leefklimaat tot gevolg kan hebben en neemt dus bewust die keuze. Op grond van jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (zaaknummer 200909261/1/R3 r.o. 2.9.1) en vanwege het feit dat een goed woon- en leefklimaat wordt nagestreefd voor de bewoners van in de omgeving van een bedrijf staande hindergevoelige objecten, mag in zo'n geval worden aangenomen dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. 2.3.3 Conclusie Uit het voorgaande mag worden geconcludeerd dat het verzoek voldoet aan de voorwaarden uit het bestemmingsplan Buitengebied Noord tot wijziging van de bestemming. HOOFDSTUK 3 Planbeschrijving Voorliggend wijzigingsplan bestaat uit een verbeelding, toelichting en planregels. De verbeelding volstaat met het aangeven van de nieuwe bestemming ‘Wonen’ met bestemmingsvlak en bouwvlak. De planregels betreffen de ongewijzigde regels welke behoren bij de in het plangebied opgenomen bestemmingen en de op alle bestemmingen betrekking hebbende artikelen uit het bestemmingsplan Buitengebied Noord. HOOFDSTUK 4 Procedure Het onderhavige plan is een plan als bedoeld in artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening. Ten aanzien van de procedure is het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht van kracht. Een en ander betekent dat het ontwerpplan gedurende 6 weken ter inzage zal worden gelegd tijdens welke termijn door belanghebbenden zienswijzen tegen dit wijzigingsplan kunnen worden ingediend waarna het plan kan worden vastgesteld door het college. Tegen het besluit van het college staat rechtstreeks