direct naar inhoud van Artikel 12 Algemene wijzigingsregels
Plan: Kenniswerf Oost
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0718.BPKO01-VG01

Artikel 12 Algemene wijzigingsregels

12.1 Wijzigingsbevoegdheden

Het bevoegd gezag kan, overeenkomstig het bepaalde in de Wet ruimtelijke ordening, het plan wijzigen:

12.1.1 Wijziging bestemmingsgrenzen/maatvoeringsvlakken

Ten behoeve van het wijzigen van bestemmings- en aanduidingsgrenzen en maatvoeringsvlakken op de verbeelding in het horizontale vlak tot ten hoogste 10 m, indien zulks om stedenbouwkundig-ruimtelijke redenen dan wel uit een oogpunt van doelmatig gebruik van de grond en bebouwing gewenst is en er geen dringende redenen zijn, die zich hier tegen verzetten.

12.1.2 Vergroting bouwvlakken

Ten behoeve van het vergroten van een bouwvlak tot ten hoogste 20% van de oppervlakte van het op de verbeelding aangegeven bouwvlak. De overschrijdingen mogen echter ten hoogste 3 m bedragen en het bestemmingsvlak mag met ten hoogste 10% worden vergroot.

12.1.3 Geheel of gedeeltelijk verwijderen archeologische bestemming

Ten behoeve van het geheel of gedeeltelijk verwijderen van het bestemmingsvlak met de bestemming 'Waarde – Archeologie', met inachtneming van de volgende regels:

  • a. uit archeologisch onderzoek is gebleken, dat ter plaatse geen archeologische waarden aanwezig zijn;
  • b. op grond van archeologisch onderzoek wordt het niet meer noodzakelijk geacht, dat het bestemmingsplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarden voorziet;
  • c. alvorens omtrent de vaststelling van een wijziging te beslissen, wint het bevoegd gezag advies in bij de archeologisch deskundige.

12.1.4 Wijzigingen vorm bestemmingsvlak archeologische bestemming

Ten behoeve van het veranderen van het bestemmingsvlak met de bestemming 'Waarde - Archeologie', met inachtneming van de volgende regels:

  • a. wijziging is op grond van archeologisch onderzoek noodzakelijk of gewenst met het oog op de bescherming of de veiligstelling van ter plaatse aanwezige waarden;
  • b. er wordt geen onevenredige afbreuk gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken;
  • c. alvorens omtrent de vaststelling van een wijziging te beslissen, wint het bevoegd gezag advies in bij de archeologisch deskundige.

12.2 Wijzigingsbevoegdheid 'wro-zone'
12.2.1 wro-zone - wijzigingsgebied 1

Het bevoegd gezag kan, overeenkomstig het bepaalde in de Wet ruimtelijke ordening, binnen de gebiedsaanduidinig 'wro-zone - wijzigingsgebied 1' het plan wijzigen ten behoeve van:

12.2.2 wro-zone - wijzigingsgebied 2

Het bevoegd gezag kan, overeenkomstig het bepaalde in de Wet ruimtelijke ordening, binnen de gebiedsaanduidinig 'wro-zone - wijzigingsgebied 2' het plan wijzigen ten behoeve van:

12.2.3 Toepassingscriteria

Het bevoegd gezag neemt bij het toepassen van de wijzigingsbevoegdheid de volgende regels in acht:

  • a. vanuit milieuhygienisch oogpunt moet voldaan worden aan de eisen en normen met betrekking tot bodemkwaliteit, luchtkwaliteit, geluid, externe veiligheid en flora en fauna;
  • b. voldaan moet worden aan de eisen met betrekking tot waterberging en waterhuishouding;
  • c. voldaan moet worden aan de eisen met betrekking tot de Keur van het Waterschap Scheldestromen.