direct naar inhoud van Regels
Plan: Park Fort den Haak - wijzigingsplan Sport
Status: vastgesteld
Plantype: wijzigingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0717.0141WPFdhSport-VG01

Regels

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

Artikel 1 Bestaande regels van toepassing

De regels die deel uitmaken van het bestemmingsplan 'Park Fort den Haak ', zoals vervat in de bestandenset met planidentificatie NL.IMRO.0717.0096BPForthVrp-VG01 met de bijbehorende regels (en eventuele bijlagen) zijn onverkort van toepassing op het wijzigingsplan 'Park Fort den Haak - wijzigingsplan Sport'.

Artikel 2 Aanvulling op artikel 1

2.1 Aanvulling artikel 1 Begrippen lid 1.1 bestemmingsplan

Aan artikel 1 lid 1.1 van het bestemmingsplan 'Park Fort den Haak' wordt het volgende toegevoegd: "en de geometrisch bepaalde planobjecten met bijbehorende regels met identificatienummer NL.IMRO.0717.0141WPFdhSport-VG01".

2.2 Plan

'Park Fort den Haak - wijzigingsplan Sport' van de gemeente Veere.

2.3 Aanvulling artikel 10 Sport lid 10.1
2.3.1 Bestemmingsomschrijving

Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van sport -1' zijn ten hoogste 2 tennisbanen, 1 minibaan en 1 clubgebouw toegestaan.

2.4 Inperking artikel 10 Sport lid 10.2.3.

In afwijking van het bepaalde in artikel 10.2.3. 'Bouwregels voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde', bedraagt de bouwhoogte van lichtmasten rondom tennisbanen ten hoogste 12 m.

2.5 Aanvulling artikel 10 Sport lid 10.3

Van artikel 10, lid 10.3 Specifieke gebruiksregels wordt de zinsnede 'Verblijfsrecreatie is uitsluitend toegestaan met een centrale bedrijfsmatige exploitatie.' voorzien van het opsommingsteken 'a'.

Voorts worden 3 leden b, c en d toegevoegd, luidende:

"b. Het gebruik van de in lid 2.3.1 genoemde functies is na 23.00 uur niet toegestaan.

c. Het gebruik van kunstmatige verlichting op het tenniscomplex is na 22.00 uur niet toegestaan.

d. Het gebruik van kunstmatige verlichting op het tenniscomplex is uitsluitend toegestaan indien deze verlichting geen directe lichtuitstraling heeft in horizontale of in opwaartse richting."

2.6 Aanvulling artikel 14 Wonen, lid 14.2.1 Algemene bouwregels

Aan artikel 14, lid 14.2.1 Algemene bouwregels worden 5 subleden g, h, i, j en k toegevoegd, luidende:

"g. Het in gebruik nemen van woningen is slechts toegestaan indien en voor zover per woning ten minste drie opstelvakken/parkeerplaatsen zijn gerealiseerd en vervolgens in stand gehouden. Inpandige parkeerplaatsen worden niet meegerekend.

h. Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in sub g en worden toegestaan dat minder parkeergelegenheid wordt gerealiseerd, mits dit geen onevenredige afbreuk doet aan de parkeersituatie.

i. Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning kan uitsluitend worden verleend indien het ontwerp van de woning in overeenstemming is met het Beeldkwaliteitskader wijzigingsplan Sport van september 2023.

j. Indien de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' is opgenomen, bedraagt het aantal woningen per bouwvlak ten hoogste het aangegeven aantal.

k. Ter plaatse van de 'specifieke bouwaanduiding – geluid' mag een omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning uitsluitend worden verleend indien vast staat dat het geluidniveau dat afkomstig is van de tennisbanen en schietbaan binnen de woning niet meer bedraagt dan 35 dB(A).

l. De aanleg en ingebruikname van nieuwe woningen is slechts toegestaan indien en voor zover voldaan wordt aan de voorkeursgrenswaarde uit de Wet geluidhinder met inbegrip van de mogelijkheid van het verlenen van een hogere waarde."

Hoofdstuk 2 Algemene regels

Artikel 3 Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan, waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Artikel 4 Overgangsrecht

4.1 Overgangsrecht bouwwerken

Voor bouwwerken luidt het overgangsrecht als volgt:

  • a. een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot:
    • 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd;
    • 2. na het tenietgaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan;
  • b. het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van dit lid onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in dit lid onder a met maximaal 10%;
  • c. dit lid onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
4.2 Overgangsrecht gebruik

Voor gebruik luidt het overgangsrecht als volgt:

  • a. het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet;
  • b. het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in dit lid onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind;
  • c. indien het gebruik, bedoeld in dit lid onder a, na het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten;
  • d. dit lid onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.