| Plan: | Uitbreiding supermarkt Kapelle |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0678.kapbiezHZ008-VAST |
De C1000 aan de Biezelingsestraat 1 in Kapelle is van plan uit te breiden met een oppervlakte van ongeveer 70 m². Tegelijk met de uitbreiding zal tevens de formule van de supermarkt wijzigen in Albert Heijn. Door deze uitbreiding is een meer efficiënte inrichting van de winkelruimte mogelijk. Dit is van belang omdat die beter aansluit bij de nieuwe supermarktformule.
De uitbreiding is voorzien aan de noordwestzijde van het bestaande pand, achter het pand aan de Ooststraat 8 (figuur 1) . Het winkelpand (Biezelingsestraat 1) en het pand aan de Ooststraat 8 zijn beiden in eigendom van dezelfde eigenaar.
figuur 1 Ligging plangebied (Google)
Het plangebied is gelegen in het bestemmingsplan 'Kapelle-Biezelinge', dat is vastgesteld op 9 februari 2010. In dit bestemmingsplan heeft het perceel de bestemming 'Centrum'. Voor de huidige supermarkt is een bouwvlak opgenomen dat gelijk is aan de bestaande gebouwen. Hiervoor geldt een maximum goothoogte van 6 m. De gewenste uitbreiding ligt echter buiten het bouwvlak en is dus op basis van het vigerende plan niet mogelijk (figuur 2).
Om het plan toch mogelijk te maken wordt door middel van deze partiële herziening van het bestemmingsplan op deze locatie een bouwvlak toegevoegd, met een maximum goothoogte van 6 m, zodat de uitbreiding van de supermarkt gerealiseerd kan worden.
Over het plangebied van dit plan ligt in het vigerend plan de dubbelbestemming 'Waarde - Archelogie'. Hiermee zal in dit plan rekening worden gehouden.
figuur 2 Uitsnede bestemmingsplan 'Kapelle-Biezelinge'
De huidige supermarkt beslaat een oppervlak van circa 1470 m², waarvan ongeveer 900 m² winkelvloeroppervlak (wvo). De overige ruimten betreffen kantine, magazijn en kantoor. Het plangebied betreft de ruimte naast de ingang van het magazijn, tussen het pand aan de Ooststraat 8 en de huidige supermarkt aan de Biezelingsestraat 1 (figuur 3). Deze ruimte wordt nu voornamelijk gebruikt voor buitenopslag.
figuur 3 Huidige situatie (Street View september 2009)
De C1000 wil de supermarkt aan de Biezelingsestraat 1 uitbreiden ten behoeve van een meer efficiënte inrichting van de winkel. Tegelijk met deze uitbreiding zal tevens de formule van de supermarkt wijzigen in Albert Heijn. De nieuwe inrichting van de winkel zal beter recht doen aan de formule voor inrichting van de supermarkten zoals Albert Heijn die voorstaat.
Omgevingsplan Zeeland 2012-2018
De Provincie zet in op een sterke economie, een goed woon- en werkklimaat en kwaliteit van water en landelijk gebied. In het Omgevingsplan 2012-2018 beschrijft de Provincie wat zij de komende jaren zal doen om Zeeland op deze punten vooruit te helpen.
Voorzieningen
Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de lokale voorzieningen. Op bovengemeentelijk niveau draagt een adequaat voorzieningenpatroon bij aan de leefbaarheid en aan de aantrekkelijkheid van een regio. De Provincie vraagt daarom gemeenten in regioverband een masterplan voorzieningen op te stellen. Hierin worden de demografische ontwikkelingen en de te verwachten vraag in beeld gebracht en kunnen gemeenten -in overleg met maatschappelijke organisaties en burgersgezamenlijk beleid voor de lange termijn ontwikkelen. Via het leefbaarheidsbeleid wordt het huidig voorzieningenbestand geïnventariseerd en het antwoord gegeven op de vraag hoe een kwalitatief en toekomstbestendig voorzieningenniveau er uit ziet.
conclusie
Deze uitbreiding van een supermarkt betreft een lokale voorziening. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de lokale voorzieningen. Door de realisering van de uitbreiding kan de bestaande supermarkt beter aan de wensen van de klant voldoen. Dit plan wordt derhalve conform het provinciaal beleid gerealiseerd.
Provinciale ruimtelijke verordening Zeeland (PrvZ)
Voor de beoogde uitbreiding van de supermarkt is de Provinciale ruimtelijke verordening Zeeland niet relevant.
Structuurvisie 2012-2030
De Structuurvisie bevat de gemeentelijke visie op de ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente. Met als hoofddoel behoud en verdere ontwikkeling van een aantrekkelijke gemeente Kapelle.
Kapelle is een bloeiende gemeente en dit wil het gemeentebestuur zo houden. Kapelle is aantrekkelijk om te wonen, te werken en te recreëren. De opgaven en kansen liggen daarom vooral in het onderhouden en versterken van bestaande kwaliteiten. Daarnaast verdienen de ruimtelijke kwaliteit, het functioneren van de bedrijventerreinen en de voorzieningen en de kansen in de recreatie nadrukkelijk de aandacht om deze toekomstgericht te maken en te houden.
De gemeentelijke ambities zijn daarom gericht op:
Voorzieningen
De omvang van de supermarkten in Kapelle bedraagt ruim 900 m² wvo per winkel. Deze omvang ligt onder het landelijk gemiddelde van 1.200 m² wvo per winkel. De huidige omvang per winkel is op zich voldoende voor het economisch duurzaam functioneren, maar in de toekomst kan daarvoor uitbreiding nodig zijn.
Conclusie
De omvang van de supermarkten kan in Kapelle nog uitbreiden. Dit plan voorziet in een deel van deze uitbreiding. Het plan is derhalve conform het gemeentelijk beleid.
| aspect/kader | beoordelingsaspect | afweging |
| Bodemkwaliteit | ||
| Besluit Bodemkwaliteit | Bodemkwaliteit dient voldoende te zijn voor de beoogde functie. Functie mag geen bedreiging vormen voor de bodemkwaliteit | In verband met de uitvoerbaarheid van een plan dient rekening gehouden te worden met de bodemgesteldheid in het plangebied. Bij functiewijzigingen dient te worden bekeken of de bodemkwaliteit voldoende is voor de beoogde functie. De ontwikkeling betreft de realisatie van een bouwblok binnen de bestemming 'Centrum'. Ten gevolge van de ontwikkeling is er geen sprake van een functiewijziging. Bodemonderzoek wordt dan ook niet noodzakelijk geacht. |
| Archeologie | ||
| Archeologiebeleid gemeente Kapelle | Is er sprake van een verwachtingswaarde op de gronden? | De gemeente Kapelle heeft - na vaststelling van het vigerende bestemmingsplan - archeologiebeleid vastgesteld. Het plangebied ligt volgens de Maatregelenkaart van dit beleid in gebiedscategorie 3 (gewaardeerde stads-/dorpskern). De archeologische bestemmingen uit het geldende bestemmingsplan zijn niet in overeenstemming met het actuele archeologiebeleid. Omdat het archeologiebeleid later is vastgesteld, wordt dit aangehouden. Volgens dit beleid is archeologisch onderzoek noodzakelijk bij ingrepen met een oppervlakte groter dan 50 m² en dieper dan 40 cm onder maaiveld. Dit plan omvat werkzaamheden met een oppervlakte van 70 m² en een diepte van minimaal 40 cm. Vanwege het geringe oppervlak wordt archeologische begeleiding niet noodzakelijk geacht. Wel aan deze omgevingsvergunning een voorwaarde worden verbonden dat indien bij graafwerk er toch archeologische resten worden aangetroffen, er een meldingsplicht bestaat op grond van de Monumentenwet. |
| Cultuurhistorie | Zijn er cultuurhistorische waarden? | Binnen het plangebied is geen sprake van specifieke cultuurhistorische waarden. |
| Kabels en leidingen | Zijn er planologisch relevante leidingen en hoogspanningslijnen in de directe omgeving aanwezig? | In of rondom het plangebied bevinden zich geen planologisch relevante kabels of leidingen. Er bevindt zich wel een aantal andere leidingen op het perceel. De leidingbeheerder Delta Netwerkbedrijf heeft in een brief (25 maart 2015) verzocht hierover in overleg te treden. Naar aanleiding daarvan zijn tussen gemeente en leidingbeheerder afspraken gemaakt over het verleggen van de betreffende leidingen. |
| Ecologie | ||
| Natuurbeschermings-wet 1998 | Is er sprake van significant negatieve effecten? |
Het plangebied ligt in binnenstedelijk gebied. Er is geen sprake van beschermde natuurwaarden in of rondom het plangebied. Voorts liggen er in de directe omgeving geen gebieden die onderdeel uitmaken van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Er zijn dan ook geen significant negatieve effecten op natuurwaarden. |
| Flora- en faunawet | Is er sprake van aantasting, verontrusten of verstoren van beschermde dier- en plantensoorten, hun nesten, holen en andere voortplantings- of vaste rust- en verblijfsplaatsen? |
In dit plan wordt een supermarkt in het centrum van Kapelle beperkt uitgebreid. Het plangebied ter plaatse van deze uitbreidingen bestaat uit verharding die wordt gebruikt voor buitenopslag. Het plangebied is derhalve niet geschikt als leefgebied voor beschermde soorten en het is niet waarschijnlijk dat door dit plan het leefgebied van beschermde dieren verloren gaat. Ook is het niet waarschijnlijk dat in het bestaande gebouw het leefgebied van beschermde soorten verloren gaat. Tenslotte is het plangebied niet gelegen in of in de directe nabijheid van een Natura 2000 gebied. De beperkte uitbreiding van de supermarkt heeft derhalve geen invloed op beschermde gebieden. Het aspect flora en fauna vormt geen belemmering voor de realisatie van het plan. |
| Water | ||
| Waterveiligheid Waarborgen van het veiligheidsniveau en rekening houden met de daarvoor benodigde ruimte |
De ontwikkeling is niet gelegen binnen de kern- of beschermingszone van een primaire of regionale waterkering. De ontwikkeling vormt geen belemmering voor de waterveiligheid. | |
| Watertoets | Wateroverlast Voldoende ruimte voor vasthouden/bergen/afvoeren van water. Per m2 verharding 75 mm berging. |
In dit plan wordt de bestaande supermarkt met 70 m² bvo uitgebreid. Deze uitbreiding vindt plaats op een locaties die reeds is verhard. Het verharde oppervlak neemt daarom niet toe. Watercompenserende maatregelen zijn dan ook niet noodzakelijk en worden niet gerealiseerd.
|
| Grondwaterkwantiteit en verdroging Tegengaan / verhelpen van grondwateroverlast en -tekort. Rekening houden met de gevolgen van klimaatverandering. Beschermen van infiltratiegebieden en benutten van infiltratiemogelijkheden. |
De ontwikkeling voorziet niet in het oppompen van grondwater. De grondwaterstand zal vergelijkbaar zijn met het bestaande deel van de supermarkt. Ten opzichte van de huidige situatie zal er geen (negatief) effect optreden. | |
| Natte natuur Ontwikkeling/bescherming van een rijke gevarieerde en natuurlijk karakteristieke aquatische natuur. |
De ontwikkeling zorgt niet voor (negatieve) effecten op de in de nabije omgeving aanwezige natte natuur. | |
| Riolering: Afkoppelen van (schone) verharde oppervlakken i.v.m. reductie hydraulische belasting RWZI en transportsysteem met beperken overstorten. Rekening houden met (eventuele benodigde filter)ruimte daarvoor. |
Er wordt extra opslagruimte gerealiseerd. Hiervoor is geen riolering voorzien. | |
| Volksgezondheid: Voorkomen van verdrinkingsgevaar; Geen gebruik uitlogende materialen. |
Er wordt geen gebruik gemaakt van uitlogende materialen, en er is geen sprake van de realisatie van oppervlaktewater, de ontwikkeling heeft dan ook geen effect op de volksgezondheid. |
|
| Bodemdaling: Voorkomen van maatregelen die (extra) maaiveldsdalingen met name in zettingsgevoelige gebieden kunnen veroorzaken. |
Er is geen sprake van aanpassing van het waterpeil. |
|
| Oppervlaktewaterkwaliteit: Behoud/Realisatie van goede oppervlaktewaterkwaliteit voor mens en natuur. Vergroten van de veerkracht van het watersysteem. |
Het bestemmingsplan stelt geen activiteiten voor die negatieve gevolgen voor de waterkwaliteit hebben. |
|
| Onderhoud waterlopen: Onderhoudsmogelijk heden waterlopen niet belemmeren. |
Er zijn in het plangebied geen waterlopen voorzien. | |
| Wateradvies | Het waterschap stemt in met voorliggende ontwikkeling. | |
| Milieuzonering | ||
| Bedrijfs- milieuzonering VNG-brochure 'Bedrijven en Milieuzonering 2009 |
Is er sprake voor hinder of belemmeringen van functies in de omgeving van de ontwikkeling? |
De ontwikkeling voorziet in de realisatie van een extra bouwblok binnen dezelfde functie. Ten gevolge van de ontwikkeling neemt het bebouwd oppervlak toe, maar breidt de winkel niet uit buiten haar eigen terrein. De ontwikkeling zorgt daarnaast ook niet voor extra verkeer, nieuwe activiteiten of meer laad- en losbewegingen. Ten gevolge van de uitbreiding neemt de milieuhinder dan ook niet toe. |
| Parkeren | Is er voldoende parkeergelegenheid (aanbod) in de omgeving? | Op eigen terrein is op dit moment ruim voldoende parkeergelegenheid aanwezig. Door de uitbreiding zal de vraag naar parkeerplaatsen naar verwachting nauwelijks wijzigen (maximaal 4 parkeerplaatsen). De uitbreiding gaat evenmin ten koste van het aantal parkeerplaatsen. Ook de verandering van de formule (van C1000 in Albert Heijn) leidt niet tot een andere parkeervraag. (In geval van een discountsupermarkt gelden wel hogere parkeernormen.) |
| Externe veiligheid | ||
| Bevi-inrichtingen Vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg, spoor, buisleiding en en water. |
Ligt het plangebied binnen het invloedsgebied van risicobronnen? | De ontwikkeling is gelegen binnen het invloedsgebied van de chloorbleekloogtank van het Sportcentrum Groenewoud en het invloedsgebied van het spoortraject Sloehaven – Roosendaal-West. Voor zowel de chloorbleekloogtank als het spoor geldt dat de oriëntatiewaarde van het groepsrisico niet overschreden wordt. Voor de ontwikkeling geldt dat deze niet voorziet in de toename van het aantal personen. Daarmee heeft de ontwikkeling geen effect op de hoogte van het groepsrisico. De ontwikkeling is tevens gelegen binnen de schuilzone van de kerncentrale. Voor de schuilzone van de kerncentrale betreft zorgt de nieuwe bebouwing juist voor nog meer schuilmogelijkheden en is dan ook positief te noemen. |
| Wegverkeerslawaai | ||
| Wet geluidhinder | Worden geluidsgevoelige objecten in de geluidszone van een weg voorgesteld? |
Langs alle wegen - met uitzondering van 30 km/h-wegen en woonerven- bevinden zich op grond van de Wet geluidhinder (Wgh) geluidszones waarbinnen de geluidhinder vanwege de weg getoetst moet worden. De breedte van de geluidszone is afhankelijk van het aantal rijstroken en van binnen of buiten stedelijke ligging. Op basis van jurisprudentie dient in het kader van een goede ruimtelijke ordening ook bij 30 km/h-wegen de aanvaardbaarheid van de geluidsbelasting te worden onderbouwd. Binnen het bestemmingsplan worden geen nieuwe geluidsgevoelige functies mogelijk gemaakt. Tevens worden geen nieuwe wegen / aanpassingen aan wegen mogelijk gemaakt waar binnen bestaande geluidsgevoelige functies zijn gelegen. Akoestisch onderzoek naar wegverkeerslawaai kan hierdoor achterwege blijven. |
| Luchtkwaliteit | ||
| Wet milieubeheer | Wordt voldaan aan de genoemde grenswaarden in de Wet milieubeheer? |
De ontwikkeling zorgt niet voor extra verkeersbewegingen en draagt daarom niet in betekenende mate bij aan de luchtkwaliteit ter plaatse. Conform de NSL-monitoringstool blijkt eveneens dat de luchtkwaliteit ter plaatse ruimschoots voldoet aan de normen uit de Wet milieubeheer. |
| Kader | Beoordelingsaspect | Afweging en conclusie |
| Wet ruimtelijke ordening Grondexploitatiewet (Grex-wet) |
Aantonen financiële uitvoerbaarheid Verplicht kostenverhaal door de gemeente. De gemeente legt dit vast in een exploitatieplan. Een exploitatieplan is niet nodig indien anderszins in het kostenverhaal wordt voorzien overeenkomst met alle grondeigenaren in het plangebied of volledig grondeigendom). |
De financiële uitvoerbaarheid van het project is afdoende gewaarborgd. Er is een exploitatieovereenkomst gesloten tussen de gemeente en de initiatiefnemer. Een exploitatieplan is niet nodig. |
| Kader | Beoordelingsaspect | Afweging en conclusie |
| artikel 3.1.1. Besluit ruimtelijke ordening | De opsteller van het bestemmingsplan is volgens artikel 3.1.1 Bro verplicht overleg te voeren met besturen van betrokken gemeente, waterschappen en betrokken diensten van provincie en Rijk. | De afwijking van het vigerende plan die met dit bestemmingsplan wordt mogelijk gemaakt heeft een geringe ruimtelijke impact en is zeer locatiegebonden. Informeel vooroverleg heeft plaats gevonden met de provincie Zeeland en het waterschap Scheldestromen. Beiden hebben geen aanleiding gezien om zienswijzen in te dienen. Het plan heeft als ontwerp ter inzage gelegen. Daarbij zijn geen zienswijzen ingediend. |
De Wet ruimtelijke ordening (Wro) bepaalt dat ruimtelijke plannen digitaal en analoog beschikbaar moeten zijn. Dit brengt met zich mee dat bestemmingsplannen digitaal uitwisselbaar en op vergelijkbare wijze gepresenteerd moeten worden. Met het oog hierop stellen de Wro en de onderliggende regelgeving eisen waaraan digitale en analoge plannen moeten voldoen. Zo bevat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) bindende afspraken voor het bestemmingsplan. De SVBP kent (onder meer) hoofdgroepen van bestemmingen, een lijst met functie- en bouwaanduidingen, gebiedsaanduidingen en een verplichte opbouw van de regels en het renvooi.
In de inleidende regels zijn de Begrippen en Wijze van meten opgenomen. De begrippen en de wijze van meten zijn overgenomen uit bestemmingsplan 'Kapelle-Biezelinge'. Hieruit zijn alleen de voor dit plan relevante onderdelen overgenomen.
In het hoofdstuk Bestemmingsregels zijn regels opgenomen betreffende de bestemmingen en de aanduidingen. Bij de opzet van deze regels is een alfabetische volgorde gehanteerd alsmede een standaardvolgorde zoals opgenomen in SVBP2012.
Centrum
De winkels en andere voorzieningen in het centrum van Kapelle zijn voorzien van de bestemming Centrum. Er is gekozen voor een globale bestemming zodat binnen de aangegeven gebieden ruimte is voor uitwisseling van functies. Hoofdgebouwen, waaronder bedrijfswoningen bedrijfsgebouwen en overkappingen, worden gebouwd in het bouwvlak. Beperkingen zijn opgenomen inzake de aard van de toelaatbare horecavestigingen. Tevens is wonen op de begane grond niet toegestaan.
Waarde - Archeologie 2
De gemeente Kapelle heeft - na vaststelling van het bestemmingsplan 'Kapelle-Biezelinge'- archeologiebeleid vastgesteld. Het plangebied ligt volgens de Maatregelenkaart van dit beleid in gebiedscategorie 3 (gewaardeerde stads-/dorpskern). De archeologische bestemmingen uit het geldende bestemmingsplan zijn niet in overeenstemming met het actuele archeologiebeleid. Omdat het archeologiebeleid later is vastgesteld, wordt dit aangehouden. Het plangebied van deze herziening bevat de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2'. De regeling heeft tot doel de bescherming en veiligstelling van het archeologisch erfgoed in de bodem.
De algemene regels zijn overgenomen uit het vigerende bestemmingsplan. Het betreffen in dit geval de antidubbeltelregeling, algemene bouwregels, algemene afwijkingsregels, algemene wijzigingsregels, algemene procedureregels en overige regels.
Overgangsrecht
In dit artikel is het overgangsrecht ten aanzien van het bouwen en gebruik in strijd met het plan geregeld.
Slotregel
Dit bestemmingsplan wordt als genoemd in dit artikel aangehaald.