Burgemeester en wethouders zijn bevoegd, met inachtneming van het bepaalde in de Wro, de bestemmingen ‘Verkeer’ en ‘Groen’ te wijzigen in de bestemming ‘Recreatie’, om percelen behorende bij recreatiewoningen of kampeermiddelen te kunnen vergroten in het kader van uitgifte van openbare ruimte en/of ten behoeve van het optimaliseren van een zo efficiënt en doelmatig mogelijk ruimtegebruik, met inachtneming van de volgende regels:
aangetoond dient te zijn dat de uit te geven openbare ruimte geen structurele betekenis heeft voor de verkeersafwikkeling en/of groenstructuur;
15.2 Overschrijden grenzen
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd, met inachtneming van het bepaalde in de Wro, de verbeelding te wijzigen voor:
het bouwen van niet voor bewoning bestemde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde van geringe afmetingen ten dienste van het openbaar nut met een oppervlakte van maximaal 15 m2 en een bouwhoogte van maximaal 3,50 meter;
het beloop of het profiel van wegen of aansluitingen van wegen onderling in geringe mate, indien de verkeersveiligheid en/of –intensiteit daartoe aanleiding geven;
geringe afwijkingen, die in het belang zijn van een ruimtelijk of technisch beter verantwoorde plaatsing van bouwwerken of die noodzakelijk zijn in verband met de werkelijke toestand van het terrein. Hierbij zijn verschuivingen van de bestemmingsgrens van maximaal 3,00 meter toegestaan.
Deze regels zijn van toepassing voor het overschrijden van grenzen voor zover deze leiden tot wijziging van bestemmingen.