| Plan: | Verlegging aardgastransportleidingen W-514-10 en W-514-01 |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | wijzigingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0603.wpW51401W51410-VA01 |
Het bestemmingsplan 'Sion - 't Haantje, tweede herziening' van de gemeente Rijswijk, met identificatienummer NL.IMRO.0603.bpsionhaantjeherz2-VA02, vastgesteld door de gemeenteraad van gemeente Rijswijk d.d. 6 maart 2018.
Het wijzigingsplan 'verlegging aardgastransportleidingen W-514-10 en W-514-01' van de gemeente Rijswijk, zoals vervat in de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0603.wpW51401W51410-VA01 met de bijbehorende regels.
Bij toepassing van deze regels wordt gemeten conform de regels in artikel 2 van het plan zoals genoemd in 1.1.
De op de verbeelding als zodanig aangewezen gronden zijn mede bestemd voor de aanleg en instandhouding van ondergrondse hoge druk gastransportleidingen (inclusief voorzieningen) met de daarbij behorende belemmeringenstroken.
De op de verbeelding met functieaanduiding 'specifieke vorm van leiding - buiten gebruik te stellen' aangewezen gronden zijn mede bestemd voor de tijdelijke instandhouding en verwijdering van buiten gebruik te stellen ondergrondse hoge druk gastransportleidingen (inclusief voorzieningen) met de daarbij behorende belemmeringenstroken.
Daar waar op de verbeelding de functieaanduiding 'specifieke vorm van leiding - buiten gebruik te stellen' is opgenomen, zal, na het gereedkomen van de in het plan beoogde verlegging, de in artikel 3.6.2 lid e. genoemde uitzondering van toepassing zijn.
De regels van deze dubbelbestemming gelden primair ten opzichte van de regels van iedere andere bestemming, waarmee deze dubbelbestemming samenvalt.
In afwijking van hetgeen elders in deze regels is bepaald, geldt dat op of in de in 3.1. bedoelde gronden uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten dienste van de leiding(en) mogen worden gebouwd. Overige gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn niet toegestaan uit oogpunt van externe veiligheid en energieleveringszekerheid.
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van de bouwregels voor het bouwen overeenkomstig de andere daar voorkomende bestemming(en) indien de veiligheid van de betrokken leiding niet wordt geschaad en vooraf schriftelijk advies is ingewonnen bij de betrokken leidingexploitant. Een omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien geen kwetsbare objecten worden toegelaten.
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend:
Het is verboden op of in de gronden met de bestemming Leiding – Gas zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of de volgende werkzaamheden uit te voeren:
Het verbod is niet van toepassing op werken en/of werkzaamheden:
Een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden kan worden verleend indien de betreffende werken en/of werkzaamheden de belangen van de leiding niet schaden.
Alvorens te beslissen op een aanvraag om een omgevingsvergunning, als bedoeld in 3.6.1, wint het bevoegd gezag schriftelijk advies in bij de leidingbeheerder omtrent de vraag of door de voorgenomen werken of werkzaamheden de belangen van de leiding niet worden geschaad en welke voorwaarden gesteld dienen te worden om eventuele schade te voorkomen.
Op het wijzigingsplan zijn de algemene regels uit hoofdstuk 3 behorende bij het plan zoals genoemd in 1.1 voor zover relevant, van toepassing.
Op het wijzigingsplan zijn de overgangsregels uit hoofdstuk 4 behorende bij het plan zoals genoemd in 1.1 voor zover relevant, van toepassing.
Deze regels worden aangehaald als:
Regels van het wijzigingsplan 'verlegging aardgastransportleidingen W-514-10 en W-514-01', gemeente Rijswijk.