direct naar inhoud van 4.5 Waterparagraaf
Plan: Nieuwstad
Plannummer: BP1080004
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0392.BP1080004-0003

4.5 Waterparagraaf

In de toekomst zal de rol van water belangrijker worden. Door enkele oorzaken (de verhoging van de zeespiegel, de toename van de hoeveelheid neerslag, de inklinking van de bodem en een toename van het bebouwd oppervlak) zal Nederland natter worden. Om dit water op te vangen is een toename van oppervlaktewater noodzakelijk. Ruimte voor extra oppervlaktewater kan worden gevonden door het verbreden van bestaande watergangen, het graven van nieuwe watergangen en het weer open leggen van gedempte grachten. In bestaande buurten, waaronder Nieuwstad, is het niet altijd eenvoudig om tot een vergroting van het percentage water te komen.

Watertoets
Doel van de watertoets is dat waterhuishoudkundige doelstellingen in beschouwing worden genomen in het bestemmingsplan. Het betrekken van de waterbeheerder bij de planvoorbereiding behoort hier toe. Het plangebied valt binnen het beheersgebied van het Hoogheemraadschap Rijnland. Op 19 april 2011 en op 31 januari 2012 heeft overleg plaatsgevonden met Hoogheemraadschap Rijnland over dit plangebied. Er zijn door Hoogheemraadschap geen bijzonderheden geconstateerd.

Voor aanpassing van de waterhuishouding moet bij de waterbeheerder, het hoogheemraadschap van Rijnland, een watervergunning worden aangevraagd op grond van de Keur. De Keur van rijnland bevat gebods- en verbodsbepalingen met betrekking tot het onderhoud en gebruik van het watersysteem en waterkeringen. In de Keur is opgenomen dat een aantal activiteiten met betrekking tot de aanleg cq. Inrichting van oppervlaktewateren en kunstwerken in beginsel verboden is. Onder welke voorwaarden deze activiteiten wel mogen plaatsvinden is beschreven in de Beleidsregels en Algemene Regels Inrichting Watersysteem. Nader informatie hierover is beschikbaar via de website van Rijnland (www.rijnland.net).

Compensatieregeling
Bij een aanwijsbare toename van het verhard oppervlak zullen waterhuishoudkundige maatregelen getroffen moeten worden om waterbezwaar als gevolg van toename verharding te voorkomen. Indien er gebouwd wordt en hierbij meer dan 500 m2 onverhard oppervlak omgezet wordt naar verhard oppervlak, dient 15% van de toename verharding als oppervlaktewater te worden aangebracht. Het uiteindelijke te compenseren oppervlak hangt af van overige maatregelen die de waterhuishouding in een gebied ten goede kunnen komen, zoals het vertraagd afvoeren van hemelwater. Voorbeelden zijn grasdaken en ontkoppeling van de verharding van het gemengde rioolstelsel, waarbij het ontkoppelde water in de bodem geïnfiltreerd wordt.

Oppervlaktewater
Het plangebied wordt omsloten door een met elkaar in verbinding staande ring van water. Aan de noordzijde de Kloppersingel en Schotersingel, westzijde de Kinderhuissingel, zuidzijde de Nieuwe Gracht en de oostzijde het Binnen Spaarne. Deze wateren verbinden de Leidsevaart met het Spaarne en behoren tot de subcategorie regionale boezemstelsel van het Hoogheemraadschap van Rijnland. De harde kades langs het Binnen Spaarne en de Nieuwe Gracht geven deze wateren een stedelijk aanzicht. De Kloppersingel, Schotersingel en Kinderhuissingel hebben een meer parkachtig, landschappelijk karakter, door de zacht glooiende taluds en parkachtige omgeving aansluitend op het water.

In een situatie van wateroverschot wordt het water afgevoerd in noordelijke richting en via het Spaarne bij Spaarndam uit gemalen op het Noordzeekanaal. In een situatie van watertekort wordt water via de Ringvaart vanuit de Hollandse IJssel aangevoerd. In Rijnlands boezem wordt het waterpeil in de zomer op 0,60 m - NAP gehandhaafd. In de winter ligt het waterpeil iets lager, wat neerkomt op een niveau van ongeveer 0,58 m - NAP.

Waterkwaliteit
Het water in de Bolwerken is voedselrijk en de stikstof en fosforconcentraties overschrijden ruim de norm (MTR-waarden). De ecologische waterkwaliteit van de Bolwerken is in 2001 bepaald aan de hand van de uitgebreide biologische beoordeling volgens STOWA en scoort slecht (klasse I). Verder is de waterbodem van de Bolwerken ernstig verontreinigd (klasse 4). Op de Bolwerken zitten vijf overstorten van het gemengde rioolstelsel. De vuiluitworp van deze riooloverstorten is in de perdiode (2005-2007) aangepakt door de aanleg van twee bergbezinkbassins. Verder zijn de stadsgrachten, waaronder de singel langs de Bolwerken recentelijk gebaggerd. Met het saneren van de riooloverstorten en het verwijderen van de bagger is de waterkwaliteit van de Bolwerken verbeterd.

De waterbodem van het Spaarne is matig tot zwaar verontreinigd. De kwaliteit valt voor het grootste deel in verontreinigingklasse 3 en 4. De klassenbepalende parameter betreft in de meeste gevallen de gehalten zware metalen, met name zink. De belangrijkste emissies die debet zijn aan de verontreinigingen in de waterbodems zijn de riooloverschotten, directe lozingen, oeverbeschoeiing, uitloging bouwmetalen, afspoeling van verhard oppervlak en inlaatwater. In 2006 en 2007 zijn grote delen van het Spaarne gebaggerd.

Waterkeringen
Polderkaden of peilscheidingen vormen de scheiding tussen gebieden met een zeer beperkt waterpeilverschil. De 'waterkering' is de begrenzing tussen een gebied met een hoog waterpeil en een gebied met een lager waterpeil. In het plangebied zijn zgn. waterkeringen aanwezig langs de oevers van het Spaarne.

Grondwater
De grondwaterstanden in Haarlem zijn over het algemeen vrij hoog. Om grondwateroverlast te voorkomen zijn dan ook onder een groot aantal wijken in Haarlem drainagesystemen aangelegd. Deze systemen hebben grote, positieve invloed op het functioneren van het lokale grondwatersysteem. In het plangebied is deels al drainage aangelegd. In 2008 is door het College het Gemeentelijk Grondwaterplan (GGP) vastgesteld. Conform het GGP zal tijdens werkzaamheden aan wegen ook in de rest van het plangebied drainage worden aangelegd.

Waterketen
Het plangebied heeft een gemengd rioolstelsel. Hierin wordt zowel het afvalwater als regenwater verzameld en naar de rioolzuivering gevoerd.

Bij herstructurering van het Gonnetgebied zal bekeken moeten worden wat de meest aangewezen oplossing is voor afkoppeling van het hemelwater van het rioolsysteem (dubbel rioolsysteem, infiltratie in de bodem). In dit verband is de gemeente momenteel een afkoppelingkansenkaart aan het opstellen voor het gehele gemeentelijke grondgebied. Deze kaart zal ook inzicht verschaffen in de haalbaarheid om binnen het planggebied de schone verharding van het gemengde stelsel los te koppelen. Bij het afkoppelen van verharding zullen tevens maatregelen ter voorkoming van uitloging door bouwmaterialen (met name zink en lood) genomen moeten worden. Op 17 januari 2008 heeft de gemeenteraad van Haarlem het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) vastgesteld. In dit plan zijn de ambities voor de riolering van de gemeente Haarlem verwoord. De ambities zijn o.a. om riolen van slechte kwaliteit te vervangen en de riolering tevens te verbeteren, zodat kan worden voldaan aan de wettelijk verplichte basisinspanning en het waterkwaliteitsspoor. In het plangebied Nieuwstad dient het huidige gemengde rioolstelsel te worden verbeterd door het verruimen van een aantal riolen ter voorkoming van wateroverlast.

Het afkoppelen van hemelwater kan daarentegen niet in een bestemmingsplan verplicht worden gesteld. De meest geëigende plaats om een scheiding tussen afvalwater en hemelwater te regelen is de gemeentelijke bouwverordening. Op dit moment staat de bouwverordening lozing van hemelwater anders dan op de openbare riolering toe, voor zover uitsluitend hemelwater wordt geloosd. Indien aan of in bouwwerken aan te brengen voorzieningen voor de afvoer van hemelwater niet aan het openbaar riool worden aangesloten, geldt onder andere de bepaling dat leidingen voor de afvoer van hemelwater zodanig moeten lozen dan geen verontreiniging kan optreden van water, bodem of lucht. De bouwverordening is bindend bij het toetsen van bouwaanvragen.

Functies van het water
De meeste Haarlemse watergangen hebben hun oorspronkelijke functies als verdedigingsgracht, trekvaart of stadsgracht verloren. De belangrijkste functies van het binnenstedelijk water zijn de berging en transport van de waterkwantiteit. Het Spaarne vervult ook een rol in de beroepsvaart, naast de recreatieve waarde die de wateren in het plangebied vertegenwoordigen. De Bolwerken, Nieuwe Gracht en het Spaarne maken deel uit van verschillende beschreven kanoroutes. Aan het water gekoppelde recreatieve voorzieningen als aanlegsteigers, wandelpromenades en visplekken zijn maar beperkt aanwezig in het plangebied. In het bestemmingsplan worden twee steigers opgenomen; in de Nieuwe Gracht t.h.v. het Bisdom en in de Schotersingel t.h.v. het Pest en Dolhijs.