direct naar inhoud van 3.5 Gemeentelijk beleid
Plan: 's-Heerenbroek 2012
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0166.00991075-VA01

3.5 Gemeentelijk beleid

3.5.1 Structuurvisie Kampen 2030

De gemeente Kampen heeft voor de lange termijn haar visie gegeven voor de ruimtelijk ontwikkeling in de structuurvisie Kampen 2030, die is vastgesteld op 28 mei 2009. Basis voor deze visie is de notitie van Bouwstenen.

Kampen is volop in beweging. Op verschillende fronten en schaalniveaus wordt gewerkt aan een voortvarende ontwikkeling van deze historische stad en het karakteristieke omliggende landschap van de IJsseldelta. Deze ontwikkeling moet uiteraard een gezicht gaan krijgen door middel van grootschalige ontwikkelingen als project IJsseldelta Zuid en de Hanzelijn, maar net zo goed door middel van kleinschalige projecten binnen de stad, de omliggende dorpen en het landschap. Al enkele jaren is de gemeente in samenwerking met de bevolking bezig met het inventariseren, analyseren en formuleren van de potenties en ambities van de gemeente 'Wat voor een gemeente willen wij worden?'. In vastgestelde visies als 'Kampen lonkt naar 2030' en de 'Netwerkstadvisie Zwolle Kampen 2030' wordt een duidelijk beeld geschetst van de wensen en ambities voor de toekomst. Kampen staat daarmee voor een aantal belangrijke keuzes.

afbeelding "i_NL.IMRO.0166.00991075-VA01_0014.png"

Ontwikkelingsrichting structuurvisie Kampen 2030

Een belangrijk thema van de structuurvisie is daarom het zoeken naar een evenwicht tussen deze behoefte aan nieuwe stedelijke functies en het behouden van bestaande landschappelijke kwaliteiten als het open polderlandschap en het stedelijk groen. Daarbij is gekozen voor een insteek, waarbij niet ongebreideld wordt uitgebreid of ingebreid, maar zorgvuldig wordt omgegaan met de bestaande kwaliteiten van zowel landschap en stad. Periodiek worden hiervoor de behoeftes bepaald en op basis daarvan wordt stapsgewijs in kleine eenheden ontwikkeld, passend bij de maat en schaal van Kampen. Geen grote ontwikkelingen in gang zetten die onomkeerbaar zijn, maar steeds een afgerond geheel maken. Hiervoor worden drie opeenvolgende stappen gedefinieerd.

Inzet is om de ontwikkelingsruimte in eerste instantie te zoeken binnen de bestaande dorpsomgeving en in de directe nabijheid, zodat in deze fase grootschalige uitbreidingen in het omliggende landschap niet noodzakelijk zijn. Het betreft met name herstructurering van bestaand gebied en het afbouwen van in gang gezette ontwikkelingen.

afbeelding "i_NL.IMRO.0166.00991075-VA01_0015.png"

's-Heerenbroek

Voor kleine kernen als Grafhorst, Wilsum, 's-Heerenbroek, Zalk en Kamperveen is hierbij bewust gekozen voor een zorgvuldige landschappelijke uitbreiding voor eigen inwoners (gezinsverdunning en natuurlijke aanwas). Doel daarvan is de leefbaarheid te garanderen en mensen de mogelijkheid te bieden in hun eigen dorp te blijven wonen. Op de kaart bij de structuurvisie is er sprake van een vlek aan de rand van 's-Heerenbroek. De locatie wordt in de visie niet genoemd als zijnde een concreet plan, wel is duidelijk wat de uitbreidingsrichting voor 's-Heerenbroek is.

3.5.2 Schetsschuit s-Heerenbroek: het beste uit vier werelden (juni 2010)

Het winnen van een prijsvraag van het Atelier Overijssel heeft het mogelijk gemaakt om voor het gebied in en rond 's-Heerenbroek te bekijken hoe omgegaan moet worden met de verstedelijking in dit deel van het Nationaal Landschap. Samen met bewoners, beleidsmakers en vakdeskundigen is in verschillende ontwerpteams gewerkt aan het stad-landvraagstuk, met als resultaat een integrale inrichtingsvisie voor het gebied.

Voor het dorp 's-Heerenbroek zijn in het kader van deze visie een aantal uitgangspunten opgesteld voor de ontwikkeling van het gebied. Deze visie wijkt af van hetgeen wat in de structuurvisie is neergelegd. Specifiek voor het dorp 's-Heerenbroek wordt gestreefd naar landelijk wonen en werken; voortborduren op dorpse structuren en geen planmatige uitbreiding:

'Uitgaande van de bestaande woonkwaliteit is het wenselijk om toekomstige rode ontwikkelingen te enten op het versterken van bestaande landschappelijke patronen en structuren van het dorp. Dit betekent het puntsgewijs inpassen van kleinschalige woningbouw op basis van landschappelijke kenmerken ('acupunctuur'). De doelgroepen daarvoor zijn senioren en starters. Voor het dorp betekent dit de strategie van het benutten van de mogelijkheden van vrijkomende (agrarische) gebouwen, re-allocatie van bestaande bedrijven en het inpassen van nieuwbouw langs bestaande linten. Hierbij is het uitgangspunt dat inbreiding voor gaat op uitbreiding, mits zichtlijnen en relaties met het omliggende landschap niet worden dichtgezet' (pagina 16 verslag).

3.5.3 Welstandsnota

In de Woningwet is vastgelegd voor welke bouwwerkzaamheden een bouwvergunning nodig is. Bij Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) is bepaald welke bouwwerken vergunningsvrij zijn en voor welke bouwwerken een bouwvergunning aangevraagd moet worden. Alle vergunningplichtige bouwwerken dienen te worden getoetst aan welstandseisen.

De gemeente heeft een Welstandsnota vervaardigd. Deze Welstandsnota gaat over de kwaliteit van de bebouwing in de gemeente Kampen. Oude en nieuwe gebouwen in al hun verscheidenheid vormen met elkaar het aanzien en daarmee de welstand van de gemeente. De gemeente Kampen wil dan ook zorgvuldig omgaan met de bebouwing in de gemeente. Daarnaast wil zij ook haar burgers inspireren en stimuleren zorgvuldig om te gaan met verbouwingen aan hun gebouwde eigendommen. Deze Welstandsnota is daartoe geschreven.

De Welstandsnota is bedoeld om te inspireren en waar mogelijk een nieuwe kijk te bieden op de dagelijkse leefomgeving. Door de Welstandsnota wordt de burger en de aanvrager van een bouwaanvraag inzicht geboden en verheldering gegeven over de beoordeling van (zijn of haar) bouwplannen.

De Welstandsnota Kampen uit 2004, regelt het welstandsbeleid voor de gemeente Kampen door middel van gebiedsgerichte criteria. De gemeente heeft per deelgebied vastgelegd welke criteria toegepast dienen te worden. In de Welstandsnota is het plangebied opgenomen als Mastenbroekerpolder, een open landschap met verspreid gelegen boerderijen, binnen een herkenbare structuur van erfbebouwing en beplanting. Verdichting heeft nauwelijks plaatsgevonden, met uitzondering van de kern rond 's-Heerenbroek. Bijzonder element hier is de monumentale melkfabriek met de schoorsteen in 's-Heerenbroek

Beleid

  • 1. Het beleid is bij verbouwingen en uitbreidingen aan de oorspronkelijke boerderijen gericht op het behoud en versterking van de bebouwingskarakteristieken.
  • 2. De bebouwingskarakteristieken van de bebouwing in 's-Heerenbroek zoals beschreven in de gebiedsbeschrijving dienen behouden te blijven.

Voor een uitgebreide beschrijving van de welstandscriteria wordt verwezen naar de Welstandsnota.

3.5.4 Extern veiligheidsbeleid 2007

De gemeente Kampen wil haar burgers een veilige leefomgeving bieden. Om die verantwoordelijkheid in te vullen, heeft de gemeente Kampen samen met Haskoning Nederland B.V. Milieu het externe veiligheidsbeleid geformuleerd. Doel van het externe veiligheidsbeleid is om duidelijk te maken welke externe veiligheidsrisico's in de gemeente Kampen aanwezig zijn en hoe met deze en toekomstige risico's dient te worden omgegaan.

Risicobronnen bestaan uit risicovolle inrichtingen en transportassen en buisleidingen voor het vervoer van gevaarlijke stoffen. Uit een inventarisatie blijkt dat zich in Kampen relatief weinig risicobronnen bevinden. De gemeente Kampen kent 8 BEVI-inrichtingen en 8 inrichtingen die vallen onder de drempelwaardenlijst in het kader van het Register Risicosituaties Gevaarlijke Stoffen (propaantanks, opslag van gevaarlijke stoffen en houtopslag).

Het vervoer van gevaarlijke stoffen binnen de gemeente vindt plaats over weg, spoor, water en buisleiding. De gemeente heeft in 2001 een routering voor het wegvervoer van gevaarlijke stoffen vastgesteld. Ook ontheffingroutes zijn bepaald.

Op basis van de uitgevoerde inventarisaties is geconstateerd dat binnen de gemeente Kampen geen grote knelpunten aanwezig zijn voor wat betreft de bescherming van individuele burgers (plaatsgebonden risico). Wel is een aantal situaties aanwezig met een verhoogd risico voor groepen (groepsrisico). Daarnaast vormt de ligging van de bestaande transportassen en buisleidingen wel een aandachtspunt voor ruimtelijke ontwikkelingen.

Bij bestaande situaties is het niet altijd mogelijk om de uitgangspunten en ambities toe te passen. Voor bestaande situaties geldt dat deze worden geaccepteerd indien ze voldoen aan de wettelijke grens- en richtwaarden. Indien niet aan wettelijke grenswaarden wordt voldaan, dient naar een (snelle) oplossing van de situatie gezocht te worden. Bron- en effectmaatregelen lopen daarbij vooruit op saneringsinstrumenten. Bij een overschrijding van de oriënterende waarde van het groepsrisico in bestaande situaties, dienen de hulpdiensten bijzondere aandacht te besteden aan de voorbereiding op een eventuele calamiteit (eventueel wordt de regionale brandweer om advies gevraagd).

In het geval van nieuwe situaties worden in woongebieden geen risicobronnen geïntroduceerd. Kwetsbare objecten en beperkt kwetsbare objecten mogen niet binnen de 10-6 contour van een risicobron liggen. Daarnaast is een toename van het groepsrisico door risicobronnen niet toegestaan. Een toename van het groepsrisico door een structurele toename van het aantal personen in het invloedsgebied is wel toegestaan, mits:

  • er invulling wordt gegeven aan de verantwoordingsplicht voor het groepsrisico, zoals opgenomen in het Besluit externe veiligheid inrichtingen;
  • de risicobron actief wordt benaderd teneinde de risico's zo mogelijk te minimaliseren;
  • de oriënterende waarde voor het groepsrisico in nieuwe situaties als richtwaarde wordt beschouwd.

Voor een specifieke beschrijving van het plangebied wordt verwezen naar paragraaf 4.4.

3.5.5 Groenbeleidsplan Kampen (2004)/Groenstructuurvisie (2012)

In 2004 is het Groenbeleidsplan Kampen 2004 vastgesteld. Dit Groenbeleidsplan is een evaluatie en actualisatie van de groen- en boomstructuurplannen in Kampen, IJsselmuiden en de kleine kernen. In dit plan is het groenbeleid van de gemeente Kampen binnen de bebouwde kom vastgelegd.

De gemeente is op dit moment bezig met het opstellen van een actueel Groenstructuurplan. In dit bestemmingsplan hebben de percelen die betrekking hebben op (openbaar) groen in de meeste gevallen de bestemming 'Groen' gekregen.