direct naar inhoud van Artikel 9 Verkeer
Plan: Bedrijventerrein Twentekanaal
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0164.BP0009-0301

Artikel 9 Verkeer

9.1 Bestemmingsomschrijving

De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. rijkswegen, met de daarbij behorende op- en afritten, met dien verstande dat een rijbaan 2 rijstroken en een vluchtstrook bevat;
  • b. verkeer- en verblijfsdoeleinden;
  • c. ter plaatse van de aanduiding 'brug' tevens voor bruggen tevens ten behoeve van een vaarweg, met de daarbij behorende voorzieningen;
  • d. nutsvoorzieningen;

met tevens ondergeschikt:

  • e. groenvoorzieningen;
  • f. parkeervoorzieningen;
  • g. fietsenstallingen;
  • h. water en voorzieningen ten behoeve van afvoer, tijdelijke berging en infiltratie van hemelwater;
  • i. watergangen, met dien verstande dat op de gronden gelegen binnen een strook van maximaal 5 meter aan weerszijden van de watergangen, uitsluitend voorzieningen ten behoeve van het waterstaatkundig beheer zijn toegestaan;
  • j. geluidwerende voorzieningen;
  • k. kunstwerken, bruggen, dammen en/of duikers en andere waterstaatswerken;

met de daarbij behorende:

9.2 Bouwregels
9.2.1 Algemeen

Op of in deze gronden zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, alsmede nutsgebouwen toegestaan die ten dienste staan van deze bestemming.

9.2.2 Nutsvoorzieningen

Binnen deze bestemming mogen nutsvoorzieningen worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepaling:

  • a. voor gebouwen van openbaar nut, zoals voorzieningen voor telecommunicatie, water- en energiedistributie geldt, dat de bebouwde oppervlakte niet meer dan 50 m² en de bouwhoogte niet meer dan 5 meter mag bedragen.
9.2.3 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Binnen deze bestemming mogen bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen:

  • a. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer mag niet meer dan 12 meter bedragen;
  • b. in afwijking van het bepaalde onder a mag de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer ter plaatse van de aanduiding 'brug' niet meer dan 16 meter bedragen;
  • c. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, alsmede geluidwerende voorzieningen, mag niet meer dan 10 meter bedragen.
9.3 Afwijken van de bouwregels
9.3.1 Afwijken bouwen binnen keurzone

Burgemeester en wethouders zijn bij het verlenen van een omgevingsvergunning bevoegd af te wijken van het bepaalde onder 9.1 onder h. en toestaan dat binnen 5 meter aan weerszijden van de watergang wordt gebouwd, mits toestemming is verkregen van de beheerder van de watergang.

9.4 Nadere eisen
9.4.1 Stellen van nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en afmeting van de bebouwing, ten behoeve van:

  • a. het straat- en bebouwingsbeeld;
  • b. de verkeersveiligheid;
  • c. de sociale veiligheid;
  • d. de milieusituatie;
  • e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
9.4.2 Procedure nadere eisen

Op de voorbereiding van een besluit tot het stellen van nadere eisen als bedoeld in artikel 9.4.1 is de procedure van toepassing zoals vermeld in artikel 29.2 van het plan.

9.5 Specifieke gebruiksregels

Onder strijdig gebruik in de zin van artikel 2.1, eerste lid, onder c van de Wabo wordt in ieder geval begrepen het opslaan, storten of bergen van materialen, producten en mest, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is voor het op de bestemming gerichte gebruik van de grond;

9.6 Afwijken van de gebruiksregels

Burgemeester en wethouders zijn bij het verlenen van een omgevingsvergunning bevoegd af te wijken van het bepaalde in artikel 9.5 voor het toestaan van de opslag van goederen.