direct naar inhoud van Artikel 5 Gemengd
Plan: Harlingen - Havenkwartier
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0072.HAVENKWARTIER-GV01

Artikel 5 Gemengd

5.1 Bestemmingsomschrijving

De voor 'Gemengd' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. woonhuizen;
  • b. gebouwen ten behoeve van:
    • 1. maatschappelijke voorzieningen;
    • 2. kantoren;
    • 3. dienstverlenende bedrijven en/of een dienstverlenende instellingen;
    • 4. bedrijven, genoemd in bijlage 1 onder de categorieën 1 en 2, met uitzondering van geluidszoneringsplichtige inrichtingen, vuurwerkbedrijven en/of risicovolle inrichtingen;
    • 5. horecabedrijven, niet zijnde autonome nachthorecabedrijven, ter plaatse van de aanduiding "horeca";
    • 6. cafés, ter plaatse van de aanduiding "specifieke vorm van horeca - café";
    • 7. bakkerijen, al dan niet in combinatie met ondergeschikte horeca en/of detailhandel, ter plaatse van de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - bakkerij;
  • c. bijgebouwen bij woonhuizen;
  • d. gebouwen ten behoeve van parkeervoorzieningen;

met de daarbijbehorende:

  • e. nutsvoorzieningen;
  • f. (ontsluitings)wegen, straten en paden;
  • g. terrassen;
  • h. parkeervoorzieningen;
  • i. speelvoorzieningen;
  • j. waterlopen en waterpartijen;
  • k. groenvoorzieningen;
  • l. tuinen, erven en terreinen;
  • m. bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
5.2 Bouwregels
5.2.1 Hoofdgebouwen

Voor het bouwen van de in lid 5.1 sub a en b genoemde gebouwen gelden de volgende regels:

  • a. een gebouw zal binnen het bouwvlak worden gebouwd;
  • b. ter plaatse van de aanduiding "maximum bebouwingspercentage (%)" zal het bebouwingspercentage van het bouwvlak ten hoogste het in de aanduiding aangegeven percentage bedragen;
  • c. de bouwhoogte van een gebouw zal ten hoogste de in de aanduiding "maximale bouwhoogte (m)" aangegeven bouwhoogte bedragen.
5.2.2 Bijgebouwen bij woonhuizen

Voor het bouwen van bijgebouwen bij woonhuizen gelden de volgende regels:

  • a. de bijgebouwen zullen ten minste 2,00 m achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel het verlengde daarvan worden gebouwd;
  • b. het aantal bijgebouwen zal ten hoogste twee per hoofdgebouw bedragen;
  • c. de gezamenlijke oppervlakte van de bijgebouwen per hoofdgebouw zal ten hoogste 45 m² bedragen;
  • d. de gezamenlijke oppervlakte van de bijgebouwen zal per hoofdgebouw ten hoogste 80% van de oppervlakte van het hoofdgebouw bedragen;
  • e. de gezamenlijke oppervlakte van de bijgebouwen zal ten hoogste 40% van de oppervlakte van het bouwperceel, exclusief de oppervlakte van het hoofdgebouw, bedragen;
  • f. de goothoogte van de bijgebouwen zal ten hoogste 3,00 m bedragen;
  • g. de dakhelling van de bijgebouwen zal ten hoogste 60° bedragen.
5.2.3 Gebouwen ten behoeve van parkeervoorzieningen

Voor het bouwen van gebouwen ten behoeve van parkeervoorzieningen geldt de volgende regel:

  • het aantal bouwlagen van een gebouw zal ten hoogste één bedragen.
5.2.4 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels:

  • a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen zal ten hoogste 2,00 m bedragen;
  • b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zal ten hoogste 15,00 m bedragen.
5.3 Nadere eisen

Burgemeester en Wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van:

  • a. de milieusituatie;
  • b. de sociale veiligheid;
  • c. de verkeersveiligheid; en
  • d. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
5.4 Specifieke gebruiksregels

Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend:

  • a. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van detailhandel, tenzij de gronden ter plaatse zijn voorzien van de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - bakkerij";
  • b. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van horeca, tenzij de gronden ter plaatse zijn voorzien van de aanduiding "horeca" of "specifieke vorm van bedrijf - café";
  • c. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van bedrijven, anders dan de bedrijven die zijn genoemd in bijlage 1 onder de categorieën 1 en 2.
5.5 Afwijken van de gebruiksregels

Er kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van:

  • a. het bepaalde in lid 5.4 sub c in die zin dat tevens bedrijven worden gevestigd die naar de aard en de invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn met bedrijven die zijn genoemd in bijlage 1 onder de categorieën 1 en 2, mits:
    • 1. het gaat om bedrijven die niet zijn genoemd in bijlage 1, maar die qua milieubelasting gelijkwaardig zijn aan de bedrijven die wel worden genoemd of bedrijven die wel zijn genoemd in bijlage 1 onder een hogere categorie dan 2 maar in een individueel geval feitelijk een lagere milieubelasting kunnen hebben;
    • 2. het geen geluidzoneringsplichtige inrichtingen, vuurwerkbedrijven en/of risicovolle inrichtingen betreft.