direct naar inhoud van 3.1 Ruimtelijke structuur
Plan: Bestemmingsplan Kranenburg-Stadspark
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01

3.1 Ruimtelijke structuur

3.1.1 Ontstaansgeschiedenis

In deze paragraaf wordt de ontstaansgeschiedenis van het plangebied toegelicht. Het Stadspark kent een geschiedenis van ruim 100 jaar. Het bedrijvenpark Kranenburg en de woonwijk Buitenhof zijn van deze eeuw. Voor de vroegste geschiedenis wordt verwezen naar de paragraaf over de archeologische waarden in het plangebied (zie paragraaf 4.2).

Het gebied ten westen van de Paterswoldseweg was een laaggelegen, drassig gebied waarvan de bodem bestond uit veen, gedeeltelijk afgedekt met een laagje klei. De Aa zorgde voor de afwatering van de hoger gelegen Drentse zandgronden en de Hondsrug. De Peizerweg werd lang aangeduid als Drentsche Laan en vormde de verbinding met noordwest Drenthe en het (zuid)oosten van Friesland. Op de provinciekaart van Beckeringh (1781) staat de Drentsche Laan al aangegeven. Zij loopt evenwijdig en ten zuiden van het Hoendiep in zuidwestelijke richting.

afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0002.jpg"

Historisch knooppunt bij 't Porrenhuis, een boerenplaats (nu Peizerweg 172) en het tolhek

Kranenburg

Op de kadastrale minuut (±1832) is in het plangebied en ook langs de Peizerweg vrijwel geen sprake van bebouwing. Alleen nabij de overgang van de Peizerweg en de Zuiderweg, de oude grens tussen de gemeenten Groningen en Hoogkerk is omstreeks 1832 sprake van een plukje bebouwing, bestaande uit een boerenplaats en een oude 'herberg', 't Porrenhuis (later herberg De Vriendschap). Vanaf de tol liep een weg in zuidelijke richting, de Weg van Eelde naar Groningen (allang verdwenen).

Omstreeks 1910 wordt op de plaats van de herberg een nieuw café gebouwd. De boerenplaats (Peizerweg 172) is tot op de dag van vandaag blijven bestaan. De sloot aan de oostzijde en de weg naar Eelde aan de zuidzijde, die al in 1832 bestonden zijn terplaatse nog steeds herkenbaar. Vanaf de jaren twintig ontstaat langs de zuidzijde van de Peizerweg enige lintbebouwing met hier en daar een boerderij (inmiddels verdwenen). Later wordt er een woonwagencentrum gevestigd, de Kring.

Ontstaan Stadspark

In het begin van de 20ste eeuw ontstonden in Nederland, gestimuleerd door sociale bewegingen, de 'volksparken'. Kort na 1900 gingen ook in de stad Groningen stemmen op voor de aanleg voor een groot park. In 1909 werd de 'Vereeniging Het Stadspark' opgericht op initiatief van de industrieel Jan Evert Scholten, met als doel gelden te verzamelen voor het stichten en in stand houden van een park waarin behalve plaats voor verschillende openluchtspelen gelegenheid zou zijn voor ruime en aangename wandelwegen. Behalve zorg voor de arbeidende klasse speelde persoonlijk belang een rol bij Scholtens inspanningen. Hij was een groot liefhebber van de paardensport en zag in een groot park mogelijkheden voor de aanleg van een renbaan. Die werd inderdaad samen met een ijsbaan opgenomen in het ontwerp van medebestuurslid en directeur gemeentewerken J.A. Mulock Houwer. Voor de uitwerking en uitvoering van de plannen werd de Haarlemse tuin- en landschapsarchitect L.A. Springer (1855-1940) aangetrokken. De benodigde gelden werden verkregen door bijdragen van de leden van de vereniging.

afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0003.png"

Stadspark en omgeving, circa 1931. Collectie: Centrale bibliotheek

Landbouwhogeschool Wageningen

Het park werd gesitueerd in het laaggelegen en drassige gebied ten zuidwesten van de stad waar de bodem bestond uit veen, gedeeltelijk afgedekt met een laag klei. Voor het realiseren van een dergelijke bestemming waren ingrijpende grondverbeteringsmaatregelen noodzakelijk. In 1913 werd begonnen met de aanleg, die zo'n 10 jaar in beslag zou nemen. Geheel tegen de zin van Springer moest hij echter sport- en recreatievoorzieningen zoals een kunstijsbaan in het park opnemen. De renbaan kwam er, mede ter vervanging van het opgeheven Noordersportterrein aan de Korreweg (nu Bernoulliplein). Het oudste deel wordt globaal begrensd door de Paterswoldseweg, Concourslaan, Leonard Springerlaan, Mulock Houwerlaan, de Campinglaan en de Paviljoenlaan. Vanuit de binnenstad was het park bereikbaar via de Paterswoldseweg, Hereweg en de Parkweg. Het buitengebied was vanuit het park bereikbaar via de Bruilwering en de Peizerweg. In 1915 werd een verbinding aangelegd tussen de Peizerweg en het westelijke einde van het park (de huidige Campinglaan). Hiertoe werd apart een smalle strook grond aangekocht en beplant.

afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0004.png"

Luchtfoto van het oudste deel van het Stadspark, gezien richting het oosten, circa 1928

De aanleg geschiedde in het romantische concept van de 19de eeuwse landschapsstijl met vloeiende belijning, afwisseling tussen open en gesloten, vijverpartijen, mooie doorzichten en fraaie boomcomposities. Daarentegen zijn er weinig hoogteverschillen aangebracht. Het park wordt doorsneden door een brede U-vormige allee die de diverse voorzieningen zoals de renbaan, sportvelden, voormalige ijsbaan en het manifestatieveld met elkaar verbindt. Centraal in het zuidwestelijke deel - het eigenlijke park - ligt een grote vijverpartij met een grillige, langgerekte vorm.

Paviljoen

In 1915 werd een prijsvraag uitgeschreven voor de bouw van een paviljoen, dat moest dienen als koffie- en theehuis en concert- en vergaderruimte. De prijsvraag leverde wel veel, maar volgens de jury geen bruikbare inzendingen op. Uiteindelijk ontwierp Mulock Houwer zelf het paviljoen. Toen in 1921 in het kader van de Werkverschaffing de uitvoering van het centrale knooppunt aan de beurt was, besloot men alvast de onderbouw van het paviljoen uit te voeren, inclusief kademuren, centrale trap en bloembakken. Het paviljoen kwam te staan tussen de grote vijver en de renbaan aan de hoofdallee, de Concourslaan en werd pas in 1926 voltooid. In verband met de bescheiden geldmiddelen werd de inrichting en aankleding ervan sober gehouden.

Inmiddels waren op basis van uitbreidingsplannen van L.A. Springer aan de noordzijde onder meer sportterreinen aangelegd. Van de ontworpen uitbreiding van het eigenlijke park met een groot cirkelvormig gazon met een vijver en boomgroepen rondom kwam niets terecht. In 1927 werd namelijk de Werkverschaffing in het kader waarvan het grootste deel van het park was aangelegd afgeschaft. Wel kwam in 1928 een arboretum tot stand met 350 boom- en struiksoorten. In 1930 werd bij het paviljoen een volière gebouwd. In de daaropvolgende jaren bleven de activiteiten beperkt tot het oprichten van een monument ter nagedachtenis aan J.E. Scholten (1931, ontwerp Willem Valk) en het planten van een eikenboom met daaromheen een koperen hek als eerbetoon aan J.A. Mulock Houwer (1935), de drijvende krachten achter de totstandkoming van het park, maar het eigenlijke park werd niet meer vergroot.

afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0005.png"

Luchtfoto van het Stadspark gezien richting het oosten. Rechts het oude deel en links de

uitbreidingen, circa 1955

Ontwikkelingen na 1945

Na de Tweede Wereldoorlog volgden stapsgewijs verdere uitbreidingen van het park. Inmiddels was het park eigendom geworden van de gemeente omdat de Vereeniging 'Het Stadspark' in financiële moeilijkheden was gekomen. In de jaren '50 bleek dat de voetbalfaciliteiten in het Oosterpark niet meer toereikend waren. Daarom werd aan de zuidkant van het Stadspark op het terrein tussen de Zuiderlaan (nu Leonard Springerlaan), Concourslaan en Mulock Houwerlaan een extra uitbreiding met sportvelden gerealiseerd.

In 1957 werd aan de achterzijde van het park (westkant) een camping gerealiseerd, de huidige stadscamping; ook werd hier een extra plantsoengedeelte aangelegd. Eind jaren '60 is aan de noordzijde van het park een grote uitbreiding van zo'n 55 hectare gerealiseerd. Deze bestond uit voorzieningen als een botanische tuin, een kinderboerderij, een verkeerstuin, midgetgolfbaan, volières en speelweiden. In het voorpark kwam een overdekt ijsstadion. Ook werd een parkeervoorziening bij het voetbalterrein van vereniging 'De Vogels' gerealiseerd. In het voorpark werden in deze periode tussen de Concourslaan en de Verzetstrijderslaan maatschappelijke voorzieningen aangebracht zoals een scholencomplex en een kerk.

In 1978 werd de westelijke ringweg en de A7 aangelegd. De westelijke ringweg, die ter plaatse van de Concourslaan van een ongelijkvloerse kruising werd voorzien, deelde het park in tweeën waardoor er ook nu nog een ruimtelijke verdeling is tussen het voorpark en de rest van het stadspark. Stedelijke ontwikkelingen in de buurt van het park, zoals het verdwijnen van de kunstijsbaan, de bouw van kantoren aan de zuidkant en de veranderde kijk op de functie van het begrip stadspark, vormden aan het eind van de jaren tachtig de aanleiding voor een herinrichtingsplan. In de jaren '90 heeft de ijsbaan in het Voorpark plaats moeten maken voor een kantorenpark, het Martini Trade Park. In het voorpark nabij de Leonard Springerlaan werd de nieuwbouw van de Van Lieflandschool gerealiseerd. Tenslotte verrees in 1994 aan de zuidzijde van het park, langs de A7 het Gasuniegebouw.

Structuur

Het oudste deel van het gebied wordt gevormd door de smalle strook tussen het noordelijke en zuidelijke deel en het denkbeeldige verlengde daarvan. Aan de buitenkant liggen langgerekte vijvers, waarvan de noordelijke gedeeltelijk verdwenen is als gevolg van bebouwing. Om de renbaan heen ligt de Concourslaan. Aan de bocht die deze maakt, is het paviljoen gelegen. De voorzijde met ingangspartij is gelegen in de centrale zichtas over de renbaan. De achterzijde met terrassen opent zich komvormig naar de grote, grillig gevormde vijverpartij en speelt ook daar een centrale rol in de zichtas over de vijverpartij. Het hoofdgebouw van het paviljoen is via halfcirkelvormige bouwdelen verbonden met twee kleinere hoekpaviljoens, die oorspronkelijk dienden voor muziekuitvoeringen en tentoonstellingen.

Vanaf de Concourslaan lopen aan weerszijden van de vijver twee gebogen paden, de Mulock Houwerlaan en de Paviljoenlaan die tegenover het paviljoen samenkomen. Daarnaast is er nog een aantal paden, onder meer langs de oever van de vijver. Rondom de vijver liggen verspreide boomgroepen, bestaande uit verschillende soorten (bijzondere) bomen en heesters. De Campinglaan die in 1915 werd aangelegd als noordelijke toegangsweg tot het park, vormt de westelijke begrenzing van het gebied. Via twee samenkomende paden is deze weg verbonden met de Mulock Houwer- en de Paviljoenlaan.

De vooroorlogse uitbreiding ten noorden van de renbaan heeft een veel minder natuurlijk karakter als gevolg van de meer specifieke functie die dit deel kreeg: sport-, parkeer- en paardenkeuringsterrein.

Bij de uitbreiding van het park na de Tweede Wereldoorlog die in grote lijnen gebaseerd lijkt op eerdere plannen van Springer, is het bestaande park geïntegreerd in een veel groter geheel. Op de plek van een deel van de sportterreinen ten noorden van de renbaan is nu een tweede vijver gesitueerd. Ten noordwesten daarvan, centraal gelegen in het Stadspark, ligt een groot, met bomen en struiken omzoomd gazon dat dienst doet als speel- en festiviteitenterrein. De randen van het park hebben een meer specifieke functie. Zo is in het westen een camping gesitueerd en in het noordwesten een botanische tuin. In de noordoostelijke hoek van het terrein ligt rond een aangelegde heuvel een aantal recreatieve voorzieningen bij elkaar, zoals een kinderboerderij, een rolschaatsbaan, een verkeerstuin en dergelijke. De verschillende delen van het park worden met elkaar verbonden door middel van meerdere paden. Daarnaast is er een rondom lopende wetering die 's zomers als kanovijver en 's winters als ijsbaan gebruikt wordt.

afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0006.png"

Begrenzing van het oudste deel van het stadspark dat gemeentelijk monument is

(binnen de rode lijn)

Cultuurhistorisch waardevolle gebouwen

Monumenten

Het oudste, oorspronkelijke deel van het Stadspark is sinds 2010 Gemeentelijk monument (zie kaart hierboven). Ook het Stadsparkpaviljoen is Gemeentelijk monument. De gemeentelijke monumenten kennen hun eigen beschermingsregime volgens de Erfgoedverordening van 2010.

Het stadspark vertegenwoordigt grote cultuurhistorische en landschappelijke en natuurwaarden. Van belang zijn:

  • de aanleg, hoofdopzet en omvang van het park
  • de paden-, laan- en groenstructuren
  • de vorm van de waterstructuren
  • de zichtassen en doorzichten
  • de open ruimte van het renbaangedeelte
  • de centrale situering van het paviljoen als schakel tussen de open renbaanruimte voor en de vijverpartij achter
  • de gebogen vorm van de terraskade achter het paviljoen met bijbehorende boombeplanting, trappartijen en bloembakken
  • de overgang van het park naar het achtergelegen landschap/veengebied
  • haar plek in de stad als grootste groengebied van de stad
  • de stoffering van het park zoals betonnen zitbanken, (boog)bruggen, gedenkboom Mulock Houwer met koperen hek, het Scholtensmonument, het gietijzeren beeld van Joris met de Draak bij het paviljoen, trappen, siervazen en dergelijke
  • een groot aantal monumentale bomen (zie bomenlijst gemeente Groningen).

Beeldbepalende panden

  • Het hulprioolgemaal aan de Leonard Springerlaan (BIJ 17 en BIJ 2) is een beeldbepalend pand met markante verschijningsvorm uit 1924. Ontwerp: S.J. Bouma.
  • De verschijningsvorm van boerderij en boerenplaats (Peizerweg 172) met waardevolle erfbeplanting, met een structuur die sinds 1832 nagenoeg onveranderd is en herkenbaar te midden van de omringende nieuwbouw. Zij markeert het historische knooppunt nabij de voormalige gemeentegrens van Groningen en Hoogkerk.

Historisch-geografische structuren

  • De Peizerweg (voorheen Drentsche Laan), één van de westelijke uitvalswegen van de stad Groningen, is sinds de aanleg ervan nauwelijks van route gewijzigd. Nabij het historische knooppunt (bij Peizerweg 172) gaat de weg over in de Zuiderweg. Op de Bonnebladen (omstreeks 1914) is te zien dat de kruispuntsituatie is aangepast naar de nu nog steeds bestaande situatie en de Peizerweg vanaf het knooppunt nu in zuidwestelijke richting doorloopt en hiermee de oude weg naar Eelde vervangt.
3.1.2 De (huidige) ruimtelijk - functionele structuur

Het plangebied bestaat uit een woongebied, bedrijvenpark, een kantorenlocatie en een groot recreatiegebied (Stadspark).

Het plangebied ligt ingeklemd tussen de A7, de vloeivelden van de voormalige Suikerunie, bedrijventerrein Peizerweg en Laanhuizen / Grunobuurt. Het Stadspark is destijds aangelegd in een lege ruimte grenzend aan de Grunobuurt. Vervolgens is het omsloten door het stedelijk weefsel. Aan de noordkant ontstond bedrijvigheid en aan de zuidkant werden sportvoorzieningen en woonwijken gebouwd. Aan de westkant zorgt de laatste uitbreiding met Buitenhof en Kranenburg voor een definitieve samensmelting van de stad met het dorp Hoogkerk. Het gebied bestaat uit drie delen: Kranenburg, Stadspark en het Martini Trade Park. Deze worden afzonderlijk toegelicht.

afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0007.png"

De A7 vormt samen met de westelijke ringweg de meest dominante verkeersader in het plangebied. Daarnaast verbindt de HOV-as, op de noordgrens van het plangebied, het transferium Hoogkerk met het station. Door het Stadspark loopt een belangrijke fietsverbinding (Concourslaan). Op de verschillende gebieden wordt nu nader ingezoomd.

afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0008.png"

Kranenburg

Kranenburg ligt tussen twee infrastructurele assen in: de snelweg A7 en de Peizerweg. Het gebied kent een duidelijke stedenbouwkundige opzet. Lintbebouwing langs de Peizerweg (met het woonwagencentrum De Kring) en het bedrijvenpark Kranenburg langs de A7. Daartussen is een wooncluster, Buitenhof genaamd, gerealiseerd met eengezinswoningen.

afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0009.png"

Peizerweg: Peizerhoeve en Peizerhoven

Aan de noordkant van de Peizerweg is nog een gave lintstructuur te zien met lange diepe percelen haaks op de Peizerweg. Op een enkele plaats is geen bebouwing aanwezig en wordt zicht geboden op het achterliggende open gebied. Aan de zuidkant van de Peizerweg (de noordkant valt buiten het plangebied) komt verspreid nog enkele bebouwing voor die ooit ook onderdeel uit heeft gemaakt van een vroeger bebouwingslint. Een aantal voormalige boerderijen is gesloopt en heeft plaats gemaakt voor nieuwbouw. Er zijn drie woonbuurtjes aan de Peizerweg te onderscheiden: woonwagencentrum De Kring, de Peizerhoeve en Peizerhoven.

Op de plek van de voormalige Peizerhoeve is in 2008 gestart met de ontwikkeling van het woongebied Peizerhoeve , het gebied tussen Peizerhoven en De Kring.

Peizerhoeve kan gezien worden als een eiland met een eigen identiteit. Het heeft zijn eigen entree aan de Hunsingolaan. Deze entree wordt gecombineerd met de hoofdentree van de eilanden van Peizerhoven. Dit eiland heeft een landschappelijk karakter, er is gekozen voor een ruime opzet: kavels met vrijstaande woningen. Peizerhoeve heeft één (doodlopende) straat, aan deze straat liggen de circa 20 vrije kavels. Deze kavels zijn weer geclusterd in drie eenheden, met hiertussen twee groene wiggen om de relatie met het landschap vorm te geven. Vanaf deze weg, maar ook vanaf de Humsterlandlaan in Buitenhof en de Peizerweg is er twee keer een doorkijk gerealiseerd. In de punt van de driehoek aan de westzijde van de Peizerhoeve is een waterpartij aangelegd om ook hier nog een doorkijk te hebben, maar dan over het water. Het groen tussen de nieuwe bebouwing en Buitenhof is een voortzetting van het open landschap ten zuiden van Peizerhoven. Bij de drie wiggen wordt deze openheid omgebogen naar het noorden, het open landschap in.

Op het moment van vaststelling van het bestemmingsplan is de Peizerhoeve nog (gedeeltelijk) in ontwikkeling. Ten behoeve van de vrijstelling ex artikel 19 WRO is een stedenbouwkundig plan opgesteld dat dient als onderbouwing. Hierin zijn inrichtingseisen voor het gebied opgesteld. Dit bestemmingsplan treedt in plaats van de vrijstelling. Er is voor gekozen om zoveel mogelijk dezelfde regeling over te nemen. Het gebied heeft daarom een aparte woonbestemming (Wonen 2) gekregen met aparte planregels. In het kort komen deze op het volgende neer:

  • alle bebouwing (hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken) moet op minimaal 2 meter uit de erfgrens of het water worden geplaatst;
  • eventuele bijbehorende bouwwerken dienen te worden gecombineerd met het hoofdvolume, vrijstaande bijbehorende bouwwerken zijn niet toegestaan;
  • het hoofdgebouw moet zijn voorzien van een kap. Er worden geen eisen gesteld aan de vorm en de richting van de kap;
  • de maatvoering is als volgt: (verplichte) goothoogte maximaal 7 meter; bouwhoogte maximaal 11 meter.

Naast deze eisen geldt nog een aantal inrichtingsaspecten die niet in een bestemmingsplan worden geregeld maar via het regime van de welstand. Deze zijn als aanvullende welstandseisen toegevoegd aan de welstandsnota (2010):

  • bijbehorende bouwwerken dienen te worden gecombineerd met het hoofdvolume, geen losstaande objecten;
  • materialisatie: geen lichte kleuren voor de hoofdmassa indien niet-natuurlijke materialen worden gebruikt;
  • geen lichte kleuren baksteen voor de hoofdmassa (het groen en de begroeiing overheerst);
  • er dient gebruik te worden gemaakt van een kap (refererend naar de lintbebouwing, en Peizerhoven).

De hoekkavel met eigen oprit kan, met een goede motivering, hier een uitzondering in zijn. Tot slot moet elk individueel bouwplan voldoen aan de gemeentelijke parkeernormen. Dat betekent, dat er per kavel minimaal twee parkeerplaatsen op eigen erf moeten worden gerealiseerd.

Ten oosten van de Peizerhoeve is woonbuurt Peizerhoven ontwikkeld. Op deze plek was de hoeve Rozenburg gelegen. Het wijkje kent een opvallende architectuur. Deze bestaat uit baksteen opgetrokken vrijstaande woningen met een klassieke uitstraling afgedekt met een rieten kap. In het ontwerp zijn de woningen in vier parallel gelegen eilanden opgezet die de oorspronkelijke verkaveling van het gebied volgen. Het oorspronkelijke slotenpatroon is gehandhaafd. De woningen zijn georiënteerd op ontsluitingswegen en zijn met het achtererf gelegen aan het water.

De woningen zijn vrijstaand of twee aan één gebouwd. Kernmerkend is de verspringende rooilijn. De zuidelijke hoekkavels in het gebied zijn fors. Deze zijn geheel georiënteerd op de openbare ruimte. Aan de zuidkant zijn ook twee parkeerveldjes aangelegd. Het gebied tussen Peizerhoven en de Humsterlandlaan wordt ingericht als park en ecologisch gebied. Hierbij wordt zoveel mogelijk de bestaande kavelstructuur intact gelaten. Het gebied kent bijzondere ecologische waarden. Deze staan beschreven in hoofdstuk 4: ecologie.

Aan de noordoostkant van Peizerhoven is één extra kavel in ontwikkeling genomen. Deze kavel ligt los van Peizerhoven en kent dus ook een eigen beeldkwaliteit. De kavel is georiënteerd en ontsloten op de Peizerweg. In het bestemmingsplan krijgt deze kavel een woonbestemming. Voor wat betreft de inrichting en ontsluiting worden eisen gesteld:

  • het parkeren geschiedt op het eigen terrein;
  • het perceel wordt via een dam ontsloten op de openbare weg (Peizerweg).

Peizerweg - De Kring

In het midden van de 20ste eeuw vestigden woonwagenbewoners zich aan de Peizerweg. Het woonwagencentrum “De Kring” bestaat uit standplaatsen voor woonwagens en woningen. De standplaatsen zijn in een cirkel (kring) geformeerd aan weerszijden van een ontsluitingsweg. Alle wagens zijn ontsloten op deze kring. Ten oosten hiervan is, als uitbreiding op het woonwagencentrum, een aantal woningen gebouwd. De eerste fase ligt direct aan de Peizerweg en bestaat uit geschakelde woningen van één laag met een kap. In de tweede fase is hierop een uitbreiding gerealiseerd. Ook is het gebied uitgebreid met enkele woonwagens. Tevens zijn rond de kring enkele wagens vervangen door rijtjeswoningen.

De Kring ligt als solitair eiland aan de Peizerweg. Op een aantal plaatsen is een oversteek over de busbaan gecreëerd. Naast het woonwagencentrum is een voetbalcomplex gelegen, dat bij De Kring hoort. Op het terrein zelf staat een verenigingsgebouwtje en zijn enkele speelplaatsen aangelegd. De Kring wordt gescheiden van de woonwijk Buitenhof door een brede waterpartij met groenstrook.

In het bestemmingsplan is de openbare ruimte niet onder een woonbestemming gebracht (zoals in het vorige bestemmingsplan) maar onder verkeer en groen. Hiermee wordt de karakteristieke en dominante verkeersstructuur (kring) beschermd. De woonwagens kennen een apart bebouwingsregime ten opzichte van de woningen.

Bedrijvenpark Kranenburg

Langs de A7 is een bedrijvenzone gerealiseerd waar bedrijven zich presenteren aan de snelweg. De zone heeft een hoogwaardige uitstraling met gebouwen met een representatieve beeldkwaliteit. In de stedenbouwkundige opzet is gekozen voor een brede groenstrook met parallelweg waaraan de bedrijfsgebouwen als één front zijn gelegen. Deze groene zone verhoogt de belevingswaarde vanaf de snelweg. De zichtbaarheid van bedrijven is vergroot door het terrein op te hogen. De gebouwen liggen dus hoger dan de snelweg. Deze ophoging vervult tevens een geluidwerende rol naar de achterliggende woonwijk Buitenhof.

afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0010.png"   afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0011.png"  

De bedrijven liggen achter een talud. Dit talud, ook bedoeld als geluidswering, wordt gebruikt om de parkeerterreinen en ondergeschikte bebouwing voor de bedrijven aan het zicht te onttrekken. Ieder bedrijf heeft één inrit dat door het talud heen loopt. De bedrijven staan centraal op de kavel op een gepaste afstand van de perceelsgrens. Hierdoor blijft er ruimte tussen de gebouwen zodat zichtlijnen ontstaan op achtergelegen gebied. De ruime setting zorgt voor lucht en ruimte tussen de gebouwen. Langs de Eemsgolaan zijn drie grote bedrijfsgebouwen gerealiseerd op de overgang naar het woongebied Buitenhof. Tussen het werken en wonen bevindt zich een waterpartij. Richting de aansluiting met de A7 zijn recentelijk nog uitbreidingen gerealiseerd en wordt de Peizer Driehoek ontwikkeld (zie meer bij ontwikkelingen).

Buitenhof

De wijk Buitenhof ligt centraal tussen de Peizerweg en het bedrijvenpark in. De drager van het gebied is een noord-zuidroute, de Hunsingolaan. In de doorgaande route zit een bijna haakse knik met de Eemsgolaan. In het oorspronkelijke stedenbouwkundige concept was het de bedoeling de Hunsingolaan door te trekken naar het zuiden, middels een viaduct over de A7, zodat een verbinding met Ter Borch zou ontstaan. Deze ontwikkeling is niet doorgegaan. De ruimte blijft wel gereserveerd voor dit doel. Nu geldt het verlengde van de Hunsingolaan als langzaamverkeerontsluiting in het groen met het bedrijvenpark.

De wijk heeft een heldere lineaire opzet. In een rechthoekige gridstructuur is een woongebied met twee-onder-één-kappers gebouwd. Aan de Oldambtlaan en de Humsterlandlaan zijn ook rijwoningen gerealiseerd. De bebouwing aan de Humsterlandaan begrenst de wijk met een harde rand. De gridstructuur wordt onderbroken door een groene scheg, die vanuit een centraal groen grasveld in het midden van de wijk, zicht biedt op het Stadspark. Ten zuiden hiervan liggen drie hoven met vrijstaande woningen. Het geheel wordt gescheiden van het bedrijvenpark door een waterpartij en groenzone.

afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0012.png"   afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0013.png"  

De woningen zijn, met uitzondering van de vrijstaande woningen aan de oostrand en de drie hoven, projectmatig gebouwd. De bebouwing staat in eenzelfde rooilijn. De hoofdgebouwen zijn op ruime kavels geprojecteerd met ruime voorerven. In het oorspronkelijke ontwerp zijn de kavels omsloten door hagen. Deze zijn anno 2011 nog grotendeels aanwezig. Dit in combinatie met de grote voorerven zorgt voor een groene en ruimtelijke beleving in de wijk. De twee-onder-één-kappers zijn op ruime afstanden van elkaar geplaatst. Tussen de woningen zijn, al dan niet geschakeld, garages gebouwd. Deze zijn veelal in één laag opgericht waardoor veel lucht en ruimte tussen de hoofdgebouwen zit. In een aantal gevallen is afgeweken van het bestemmingsplan en is vrijstelling of ontheffing verleend voor een kap op de garage. Het bestemmingsplan biedt hiervoor een afwijkingsbevoegdheid. Bij een eventuele afwijking wordt gekeken of het bijbehorende bouwwerk voldoende ondergeschikt blijft aan het hoofdgebouw.

Van belang voor de stedenbouwkundige opzet van de wijk is de handhaving van de lineaire structuur met groenstroken aan weerszijden van de Hunsingolaan. De groene scheg als verbinding met het Stadspark. De groene inrichting rondom het gridpatroon, waardoor de wijk op zichzelf komt te liggen. Het handhaven van de rooilijn van de lineaire bebouwing met daaraan gekoppeld de groene inrichting (met hagen) van de voorerven. Tevens is van belang dat zorgvuldig wordt gekeken naar de uitbreiding van de geschakelde bijbehorende bouwwerken op de zijerven van woningen, met name als deze grenzen aan de openbare ruimte.

Stadspark

Het Stadspark geldt als één van de grootste aaneengesloten groengebieden van de stad. In de Groenstructuurvisie (zie ook de groenparagraaf) zijn de monumentale gedeelten van het park samen met onder andere het Noorderplantsoen, de Prinsentuin en het Sterrebos aangewezen als kroonjuwelen van de stad. In paragraaf 3.1.1 is het ontstaan van het Stadspark uitvoerig beschreven. Het oorspronkelijke ontwerp vormt nog steeds een belangrijke stedenbouwkundige drager van het park. Het park wordt ingesloten door verkeersaders waardoor de toegankelijkheid vanuit de stad niet optimaal is. In 2005 is een structuurvisie (“De Verborgen Schat”) opgesteld met als doel om de aantrekkelijkheid van het Stadspark te vergroten. Onder het kopje ontwikkelingen wordt uitgelegd welke fysieke maatregelen genomen zullen worden en welke gevolgen die voor dit bestemmingsplan hebben. Voor wat betreft de stedenbouwkundige structuur zijn enkele elementen van belang. Dit zijn deels de gebouwde voorzieningen zoals het paviljoen, de bebouwing rondom de sportvoorzieningen, de camping en losse verspreide bebouwing.

De meest opvallende verschijning is het gebouw van de Gasunie. Het ontwerp is van architectenbureau Alberts en Van Huut uit 1994. Het gebouw is één van de meest markante verschijningen aan de skyline van Groningen. Het gebouw telt 18 verdiepingen en is 89 meter hoog. In 2007 is het gebouw door dagblad Trouw uitgeroepen tot mooiste van Nederland. In het gebouw huist het hoofdkantoor van de Gasunie. De controlekamer van de Nederlandse gasdistributie is in de kelder van het gebouw gehuisvest. Het naastgelegen parkeerterrein is van de Gasunie. Vanwege de overloopfunctie voor evenementen in het Stadspark en Martiniplaza heeft het terrein een verkeersbestemming met de functieaanduiding parkeren (p).

afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0014.png"

Het paviljoen in het centrum van het Stadspark is een gemeentelijk monument. Rondom het bouwvlak is een strak bouwvlak geplaatst. Ditzelfde geldt voor het naastgelegen gebouwtje van de Jeu-de-boulesvereniging. Aan de rand van het Stadspark (entree aan de Paterswoldseweg) zijn een kerk, een scoutinggroep en een kinderdagverblijf gevestigd. Het betreft hier bestaande functies. Er zijn bij deze functies geen uitbreidingsmogelijkheden opgenomen in het bestemmingsplan. Het is niet gewenst de entree van het Stadspark langs de Concourslaan verder te verdichten met bebouwing. Ook de verkeerskundige structuur is hier niet op berekend. Ditzelfde geldt voor het schoolgebouw van het Nooorderpoortcollege aan de noordzijde van de Concourslaan. Voor wat betreft de gebouwde voorzieningen op de sportvelden is enige uitbreidingsruimte geboden om in een toekomstige behoefte te voorzien. Voor de drafbaan is de bestaande bebouwing, waaronder de monumentale overkapping, in een bouwvlak geplaatst. Hierbuiten is geen ruimte voor uitbreiding toegestaan.

De overige bebouwing in het Stadspark bestaat uit stallen, bergingen, e.d. ten behoeve van de kinderboerderij. Deze hebben een specifiek bouwvlak. In de planregels is enige uitbreidingsruimte geboden voor het oprichten van enkele kleine gebouwtjes tot een gezamenlijke oppervlakte van maximaal 250 m2. Daarnaast is er nog wat bebouwing ten dienste van gemeentelijke overheidsdiensten. Aan de Concourslaan is een materialenopslag gevestigd. Het is de bedoeling dat deze op langere termijn verplaatst zal worden. Vandaar dat de huidige bebouwing is wegbestemd.

Op de camping staan op dit moment een gebouw voor de receptie, een bedrijfswoning en enkele sanitaire voorzieningen. De eerst genoemde zijn in een bouwvlak gelegd zodat plaats en situering vastliggen. De sanitaire gebouwtjes, met lage hoogte en beperkte oppervlaktemaatvoering zijn niet specifiek vastgelegd. Dit actualiseringsplan voorziet in een positieve bestemming van de bestaande voorzieningen. Daarbij worden via direct bouwrecht' op het campingterrein 10 logwood-cabins toegestaan. Via ontheffng bestaat de mogelijkheid om de oppervlakte horeca (restaurant) met maximaal 200 m2 te vergroten en nog eens maximaal 10 logwood-cabins bij te bouwen.

Het bestemmingsplan kent voor het Stadspark overwegend een groenbestemming. Deze doet het meest recht aan het bijzondere karakter van het park. De voorkomende functies zijn apart bestemd of worden aangeduid. De inzet van het bestemmingsplan is om het groen zoveel mogelijk te benadrukken. De historische wegenstructuur heeft een aparte verkeersbestemming. De sport- en recreatieve functies zijn apart bestemd. De bouw- en uitbreidingsmogelijkheden zijn gering.

Martini Tradepark / Martiniplaza

Tussen de westelijke ringweg en de Paterswoldseweg ligt het Martini Trade Park en de Martiniplaza. In 1969 is begonnen met de bouw van een tentoonstellingsruimte. Dit complex beschikte over expositiezalen, vergaderruimten en een restaurant. Na privatisering is het complex steeds verder uitgebouwd. De naam veranderde van Martinihal in Martiniplaza. De laatste uitbreiding, waarbij een theaterruimte en een nieuwe sportzaal met nieuwe entree op het voormalige voorplein zijn gerealiseerd, dateert van medio 2000.

Het complex richt zich met de achterkant naar de A7. Hierdoor is de uitstraling niet representatief. De voorzijde met entree geven wel een representatief beeld. Aan de Leonard Springerlaan is een luifel over het voorplein gebouwd die dienst doet als entree. In de zuidwesthoek is een hotel gevestigd.

Aan de oostkant van het Martinicomplex is het grote bedrijfspand van de voormalige Auto Century garage gesitueerd. Het garagebedrijf is onlangs verplaatst naar de Bornholmstraat in het industriegebied Groningen Zuidoost. Het tankstation met LPG is aan de Paterswoldseweg gevestigd gebleven.

Tegenover de Martiniplaza is het Martini Tradepark gerealiseerd. Het kantorenpark bestaat uit twee bouwblokken. De kantoorgebouwen zijn aan de randen gesitueerd. De verschillende gebouwen staan los van elkaar. Tussen de gebouwen liggen voetpaden en ontsluitingswegen. De bouwblokken manifesteren zich als robuuste eenheden met een half-open gevelstructuur. De bebouwing is vijf tot zes lagen hoog. De verschillende ontwerpen zorgen voor een gevarieerd beeld. Op de binnenterreinen van de bouwblokken is parkeergelegenheid gecreëerd voor de kantoren. Hier is, behoudens kleinschalige overkappingen en nutsvoorzieningen, geen bebouwing toegestaan.

afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0015.png"   afbeelding "i_NL.IMRO.0014.BP504KranenbStadsp-vg01_0016.png"  

Handhaving van de stedenbouwkundige structuur met de twee robuuste eenheden is uitgangspunt van het bestemmingsplan. Ten noorden van het Martini Trade Park grenzen de kantoorpanden direct aan het Stadspark. De plint sluit aan op het groen. Aan de zuidzijde is een kleine groenstrook gelegen tussen straat en kantoorpand. Aan de westkant ligt een groenstrook tussen de ringweg en het westelijke kantorenblok.

Ontwikkelingen

Het bestemmingsplan is conserverend van aard. Dat betekent dat er geen nieuwe (ingrijpende) ontwikkelingen mee worden mogelijk gemaakt. Een uitzondering hierop zijn de ontwikkelingsmogelijkheden aan de Peizerweg. In de Peizerhoeve en op een solitaire kavel aan de noordoostzijde van de Peizerhoven wordt woningbouw mogelijk gemaakt. Hieronder wordt een doorkijk geboden op mogelijke toekomstige ontwikkelingen in het plangebied.

Kranenburg

Aan de westkant van het plangebied is nog enige ruimte voor uitbreiding van het bedrijventerrein. In het recente verleden is hier een groot modern bedrijfspand (VCD automatisering) en een kinderdagverblijf gerealiseerd. Ten westen van de Peizerweg in de hoek met de Zuiderweg wordt de Peizer Driehoek gerealiseerd. Ook hier komt bedrijvigheid in dezelfde branche als Kranenburg.

Ten noorden van het plangebied ligt het terrein van de voormalige Suikerunie. Dit terrein, dat bestaat uit vloeivelden en weilanden, is aangekocht door de gemeente. Op langere termijn zullen hier mogelijk ontwikkelingen gaan plaatsvinden. De eerst komende jaren zullen er vooral tijdelijke ontwikkelingen plaatsvinden. Het terrein maakt geen onderdeel uit van dit bestemmingsplan, maar valt in het bestemmingsplan Ruskenveen.

Stadspark

Zoals genoemd is er een structuurvisie opgesteld voor het Stadspark, “De Verborgen Schat”. Hierin staat een aantal ruimtelijke wensen opgesomd. De meeste er van zijn op het moment van schrijven financieel niet haalbaar. In het bestemmingsplan worden deze dan ook niet meegenomen. Overigens betreffen het voor het grootste deel herinrichtingsmaatregelen waarbij bestemmingen niet veranderen, zoals het verbeteren van padenstructuren en parkeeroplossingen, die op grond van dit bestemmingsplan mogelijk zijn.

In het gebouwtje bij de kinderboerderij wordt de mogelijkheid geboden om er kleinschalig lichte horeca aan te bieden. Hierdoor wordt de aantrekkingskracht van de kinderboerderij en speeltuin vergroot. Het parkeerterrein tegenover de Drafbaan (naast VV De Vogels) is wegbestemd. Dit past in de gedachte om de Concourslaan een rustig verblijfskarakter te geven. Het terrein aan de westkant van de voetbalvereniging wordt uitgebreid met een parkeerfunctie (bestemming Verkeer).

Ten aanzien van het gebruik van de Drafbaan dient het volgende te worden opgemerkt. Op 10 september 2012 heeft het college van burgemeester en wethouders besloten om de toekomst van de Drafbaan als terrein voor grootschalige evenementen nader uit te willen werken. Dit kan op termijn gevolgen hebben voor de milieuvergunning van het terrein en daarmee ook voor het aantal evenementen dat op het terrein georganiseerd mag worden. Uitgangspunt hierbij blijft echter het raadsbesluit van 17 november 2010, waarin staat dat de gemeente Groningen de milieuvergunning in lijn met de nota Feesten in Balans II aanpast, omdat de huidige vergunning evenementen zoveel ruimte geeft dat Stadjers vaker dan wenselijk is last hebben van geluidhinder als gevolg van evenementen.

Parallel aan dit proces loopt de actualisering van het bestemmingsplan. Op dit moment is er geen concreet zicht op de gevolgen van de uitwerking van de toekomstvariant Drafbaan Stadspark. Dit is dan ook de reden dat in de voorliggende actualisatie van het bestemmingsplan de huidige norm van 12 evenementen per jaar met een hoog geluidsniveau gehandhaafd is (zie ook paragraaf 4.5.5.).

Aan de noordkant van de entree van het Stadspark aan de Paterswoldseweg wordt een deel van het Noorderpoortcollege ingevuld door een openbare basisschool. Deze ontwikkeling valt buiten dit bestemmingsplan. Het is de bedoeling om een deel van het schoolplein te realiseren in dit bestemmingsplan. Het gaat om het gedeelte ten zuiden van het Noorderpoortcollege aan de Concourslaan. Dit moet een groen ingericht speelterrein worden met weinig verharding. Dit past in het groene karakter van het park. Het schoolplein krijgt daarom een aanduiding groen in plaats van de bestemming maatschappelijk. Hierdoor wordt het groene parkachtige karakter benadrukt.

Aan de westzijde van het Stadspark bevindt zich een volkstuinencomplex met een verenigingsgebouw en aan de oostzijde van de Campinglaan ligt de Camping Stadspark met een kantine, bedrijfswoning en enkele toiletgebouwen.

Aan de noordkant van het Stadspark, op de hoek Peizerweg/Campinglaan, ligt een oud kassencomplex van Novo. Deels is dit al gesloopt, deels is dit nog in bedrijf en heeft het een maatschappelijke bestemming. In de toekomst zal hier mogelijk een nieuwe woonlocatie worden ontwikkeld voor begeleid wonen. Deze plannen zijn echter nog niet voldoende uitgewerkt. Ook is er nog geen zicht op dat de plannen op korte termijn economisch uitvoerbaar zijhn. Vandaar dat deze nieuwe ontwikkeling niet in dit bestemmingsplan is meegenomen. Mocht er binnenkort een bouwaanvraag voor nieuwbouw worden ingediend, dan zal hiervoor een aparte planologische procedure worden gevolgd, waarbij ook de buurtcommissie Buitenhof zal worden betrokken.

Martini Trade Park

Het autobedrijf (Century) aan de oostkant van de Martiniplaza aan de Paterwoldseweg is verhuisd naar het industriegebied Groningen Zuidoost (het voormalige terrein van Van Gend & Loos op de kop van de Bornholmstraat). Daarmee komt deze bedrijfslocatie beschikbaar. Het is op dit moment nog niet bekend op welke manier het terrein wordt herontwikkeld. Mogelijk kan hier in de toekomst een uitbreiding van Martiniplaza plaatsvinden, met bijbehorende ondersteunende activiteiten. Ook de vestiging van een nieuw hoogwaardig hotel wordt als een mogelijke nieuwe ontwikkeling gezien.

Omdat er nog geen concrete plannen zijn en er geen zicht is op verplaatsing van het bestaande LPG-tankstation aan de Paterswoldseweg, zijn deze nieuwe ontwikkelingen, evenals als bij de Novo-locatie, niet in dit bestemmingsplan meegenomen.