Gemeente Breda

Planteksten

Op deze pagina vindt u de planteksten behorende bij het plan Parapluplan parkeren 2017.

Planregels


 

 

HOOFDSTUK 1 Inleidende regels

 

Artikel 1 Begrippen

 

In deze regels wordt verstaan onder:

 

1.1 Plan

Het bestemmingsplan 'parkeren 2017' met identificatienummer NL.IMRO.0758.BP2017101002-0401 van de gemeente Breda.

 

1.2 Bestemmingsplan

De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.

 

1.3 Bevoegd gezag

Bevoegd gezag zoals bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

 

1.4 Bouwen

Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.

 

 

HOOFDSTUK 2 Algemene regels

 

Artikel 2 Parkeren

 

Voor het gehele grondgebied van en wijzingen daarvan de gemeente Breda (IDN=0758) gelden voor parkeren de volgende regels:

  1. Een omgevingsvergunning voor het bouwen, veranderen of uitbreiden van gebouwen wordt verleend, indien wordt aangetoond dat in voldoende mate wordt voorzien in ruimte voor het parkeren of stallen van auto's. Hierbij wordt rekening gehouden met de omvang van het gebouw en de activiteiten die plaatsvinden in het gebouw.

  2. Het parkeren of stallen van auto’s dient plaats te vinden in, op of onder het gebouw, danwel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort.

  3. Het benodigde aantal parkeerplaatsen wordt vastgesteld aan de hand van de Nota parkeer- en stallingsbeleid, de herijking uit 2013 en wijzingen daarvan.

  4. Een parkeerplaats dient, qua afmetingen, ten minste te voldoen aan de volgende eisen:

  1. Personenauto:

  1. haaks- en hoekparkeren: 4,50 m x 2,40 m.

  2. langsparkeren: 6,00 m x 2,50 m.

  1. Vrachtauto:

  1. langsparkeren: 2,75 m à 3,00 m breed.

  1. Gehandicaptenparkeerplaats:

  1. langsparkeren: 3,50 m x 6,00 m (7,50 m als achter wordt in- en uitgestapt).

  2. haaksparkeren: 3,50 m (3,00 m. bij een vrije uitstapstrook naast het parkeervak) x 5,00 m.gestoken parkeren: 3,50 m (3,00 m bij een vrije uitstapstrook naast het parkeervak) x 5,15 m (60°) of 4,85 m (45°) of 4,20 m (30°).

  1. Motorfiets:

  1. langsparkeren 90°: 1,25 m à 1,50 m x 2,50 m;

  2. langsparkeren 30°: 1,25 m à 1,50 m x 2,20 m.

  1. De onder a. genoemde parkeergelegenheid dient in stand te worden gehouden.

  2. Het college kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder a.:

  1. indien het voldoen aan de parkeernorm door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of

  2. voor zover op andere wijze in de nodige parkeer- en stallingsruimte is voorzien.

  1. Het college kan aan de omgevingsvergunning, als bedoeld onder f, (financiële) voorwaarden verbinden.

  2. Indien het onder c. genoemde Nota parkeer- en stallingsbeleid, na vaststelling van dit plan wordt gewijzigd, moet bij het bouwen en het uitbreiden of veranderen van activiteiten of functies op grond van deze planregels worden voldaan aan deze gewijzigde nota.

  3. Het bepaalde in dit artikel geldt niet voor de onderstaande bestemmingsplannen, aangezien in deze plannen een specifieke bepaling ten aanzien van parkeren is opgenomen:

  1. Stationskwartier (IDN: NL.IMRO.07580000B035-)

  2. Stationskwartier, Herziening Speelhuisplein 12 (IDN:NL.IMRO.0758.BP2012019006-0501)

  3. Stationslaan (IDN:NL.IMRO.0758.BP2010019002-0501)

  4. Stationslaan, herziening 2012 (IDN: NL.IMRO.0758.BP2012019005-0501)

 

Artikel 3 Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

 

 

HOOFDSTUK 3 Overgangs- en slotregels

 

Artikel 4 Slotregel

Deze regels worden aangehaald als:

“Regels van het paraplubestemmingsplan ''Bestemmingsplan parkeren 2017".