direct naar inhoud van Regels
Plan: Parapluplan biomassa-installaties
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0627.BPBiomassa-0301

Regels

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

Artikel 1 Begrippen

In deze regels wordt verstaan onder:

1.1 plan

het bestemmingsplan Parapluplan biomassa-installaties met identificatienummer NL.IMRO.0627.BPBiomassa-0301 van de gemeente Waddinxveen.

1.2 bestemmingsplan

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.

1.3 3% grens

3% van de grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie van zwevende deeltjes (PM10) of stikstofdioxide;

1.4 bestaande gebruik

het gebruik dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig is en/of bebouwing die op dat tijdstip aanwezig of in uitvoering is, dan wel kan worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning;

1.5 Biomassa
  • a. producten die bestaan uit plantaardig landbouw- of bosbouwmateriaal dat gebruikt kan worden als brandstof om de energetische inhoud ervan te benutten;
  • b. de volgende afvalstoffen:
    • 1. plantaardig afval uit land- of bosbouw;
    • 2. plantaardig afval van de levensmiddelenindustrie, indien de opgewekte warmte wordt teruggewonnen;
    • 3. vezelachtig plantaardig afval afkomstig van de productie van ruwe pulp en van de productie van papier uit pulp, indien het op de plaats van productie wordt meeverbrand en de opgewekte warmte wordt teruggewonnen;
    • 4. kurkafval;
    • 5. houtafval, met uitzondering van houtafval dat ten gevolge van een behandeling met houtbeschermingsmiddelen of door het aanbrengen van een beschermingslaag gehalogeneerde organische verbindingen dan wel zware metalen kan bevatten;
1.6 Biomassa-installatie

stookinstallatie met als brandstof biomassa;

1.7 Stookinstallatie

technische eenheid waarin brandstoffen worden geoxideerd ten einde de aldus opgewekte warmte te gebruiken;

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels

Hoofdstuk 3 Algemene regels

Artikel 2 Algemene bouwregels

Met in achtneming van het bepaalde in de overige bestemmingsregels mogen gebouwen ten behoeve van een biomassa-installatie uitsluitend worden gebouwd indien wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:

  • het totaal nominaal thermisch ingangsvermogen bedraagt minder dan 130 kWth;

Artikel 3 Algemene gebruiksregels

  • a. Tot een gebruik strijdig met de bestemming wordt gerekend het in werking hebben van een biomassa-installatie die:
    • 1. een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen heeft van meer dan 130 kWth of;
    • 2. geheel of gedeeltelijk gericht is op levering aan derden;
  • b. het bepaalde onder a is niet van toepassing op het bestaande gebruik van gronden en bebouwing op het tijdstip van inwerkingtreding van dit bestemmingsplan, tenzij het gebruik reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan, of met het voorheen geldende voorbereidingsbesluit.

Artikel 4 Algemene afwijkingsregels

Het bevoegd gezag kan afwijken van het gestelde in artikel 2 en artikel 3 sub a1 ten behoeve van het bouwen en het in werking hebben van een biomassa-installatie met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van maximaal 1 MW indien is aangetoond dat ter plaatse van de perceelsgrens van het terrein waarop de biomassa-installatie is gevestigd toename van de concentraties in de buitenlucht van zowel zwevende deeltjes (PM10) als stikstofdioxide niet de 3% grens overschrijdt.

Artikel 5 Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Artikel 6 Overige regels

6.1 Van toepassing verklaring
6.1.1 Herziening vigerende bestemmingsplannen

Dit bestemmingsplan herziet alle analoge en digitale bestemmingsplannen, wijzigingsplannen en uitwerkingsplannen van de gemeente Waddinxveen die op het tijdstip van inwerkingtreding van dit plan van kracht zijn, op de wijze zoals aangegeven in lid 6.1.2 en lid 6.1.3. Voor het overige blijven de regels van de betreffende bestemmingsplannen onverminderd van kracht.

6.1.2 Herziening verbeelding
  • a. De geometrisch bepaalde planobjecten van de plannen zoals bedoeld in lid 6.1.1 worden gewijzigd in die zin, dat alle objecten die betrekking hebben op biomassa-installaties worden verwijderd en worden vervangen door de geometrische planobjecten zoals opgenomen in dit bestemmingsplan.
  • b. Voor zover de geometrisch bepaalde planobjecten van de plannen zoals bedoeld in lid 6.1.1 niet voorzien in objecten die betrekking hebben op biomassa-installaties, gelden de geometrische planobjecten zoals opgenomen in dit bestemmingsplan als aanvulling.
6.1.3 Herziening regels
  • a. De regels van de plannen zoals bedoeld in lid 6.1.1 worden gewijzigd in die zin, dat alle regels die betrekking hebben op de vestiging van biomassa-installaties worden verwijderd en worden vervangen door de regels zoals opgenomen in Artikel 2 Algemene bouwregels en Artikel 3 Algemene gebruiksregels van dit bestemmingsplan.
  • b. Voor zover de regels van de plannen zoals bedoeld in lid 6.1.1 niet voorzien in bepalingen die betrekking hebben op biomassa-installaties, gelden de regels zoals opgenomen in dit bestemmingsplan als aanvulling.

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels

Artikel 7 Overgangsrecht

7.1 Overgangsrecht bouwwerken
  • a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot:
    • 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd;
    • 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.
  • b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van bepaalde onder a. een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a. met maximaal 10%.
  • c. Het bepaalde onder a. is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
7.2 Overgangsrecht gebruik
  • a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
  • b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
  • c. Indien het gebruik, bedoeld onder a, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.
  • d. Het bepaalde onder a. is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Artikel 8 Slotregel

Deze regels worden aangehaald als:

Regels van het bestemmingsplan 'Parapluplan biomassa-installaties'.